ColumnIonica Smeets

Zou het bij het vaccinatiecentrum straks een soort reünie van de middelbare school zijn?

null Beeld

Afgelopen maandag voelde het alsof ik jarig was. Het regende berichtjes van goede vrienden, vage kennissen en lieve familieleden: ‘1979 is aan de beurt – heb je je afspraak voor de vaccinatie al gemaakt?’ Gevolgd door felicitaties als ik meldde dat de prikafspraken inderdaad gemaakt zijn.

Het aardige aan het uitrollen van de vaccinaties per leeftijdscohort (naast dat het nogal verheugend is om te zien hoe snel het nu gaat – iets waar ik in februari nogal sceptisch over was) is dat je ineens ziet wie er van dezelfde generatie zijn. Zo blijken Arjen Lubach, Renske Leijten en Rutger Castricum hetzelfde bouwjaar te hebben als ik.

Zou het bij het vaccinatiecentrum straks een soort reünie van de middelbare school zijn? Ik begreep dat er op sommige locaties muziek is tijdens de vijftien minuten die je moet wachten na je prik. Ik hoop heel erg dat er speciaal voor ons cohort dan luid Wonderful Days van Charly Lownoise & Mental Theo door de hal zal knallen.

Het begint langzaam tot me door te dringen dat mijn leeftijdsgenoten en ik toch echt op middelbare leeftijd zijn beland. Vrij letterlijk in het midden zelfs, want hoogleraar levensloopdynamiek Ruben van Gaalen liet laatst een grafiekje zien met voor verschillende geboortejaren het gemiddelde verwachte midden van het leven: de leeftijd die ongeveer gelijk is aan het aantal levensjaren dat je nog rest. Het was mooi om te zien dat dit in de loop der tijd omhoogging: voor mannen geboren in 1910 was het 37,4 jaar, voor mannen uit 1970 was het 42,3 jaar. Het was minder mooi om te beseffen dat ik met mijn 41 jaar gemiddeld ook bijna op de helft ben. De gegevens voor een vrouw uit 1979 staan niet in de database van het Centraal Bureau voor Statistiek, maar Van Gaalen schat dat het rond de 45,1 jaar is. Dat duurt niet meer zo lang.

Het was me al opgevallen dat ik anderen steeds vaker jong vond de laatste tijd. Zo vroeg ik me af waarom die kandidaten bij Met het mes op tafel steeds jeugdiger werden (om over de presentator nog maar te zwijgen). Een vriendin mopperde laatst dat die politici tegenwoordig allemaal zo jong zijn. Hugo de Jonge is 43, nipt ouder dan wij, maar dat leek ons belachelijk jong voor een minister. Sterker nog: het gemiddelde Kamerlid is nu ongeveer 43. Waren politici vroeger niet allemaal mensen die stokoud waren? Neem nou Lubbers en Balkenende, dat waren destijds toch een soort fossielen?

Voor de zekerheid zocht ik het even op. Lubbers was op zijn 34ste al minister en werd op zijn 43ste premier. Balkenende was 46 toen hij minister-president werd. Natuurlijk waren zij wel een aantal jaren ouder toen ze stopten met de politiek, maar ik vrees dat het grootste verschil zit in hoe jong ik zelf destijds was. Als scholier en student vond ik mensen van boven de 40 domweg stokoud.

En dat is een goede waarschuwing dat mensen die nu 20 zijn mij en mijn leeftijdsgenoten uit 1979 waarschijnlijk ook wel stokoud zullen vinden – met onze belegen Charlie Lownoise & Mental Theo.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden