Analyse Draadloos internet

Wifinetwerken slibben dicht. Hoe draadloos internet toch soepel en snel blijft

Beeld Studio V

Twintig jaar na de introductie zijn almaar meer apparaten via wifi verbonden met internet. Als gevolg daarvan slibben de netwerken dicht. Nieuwe technieken als lifi – internet via licht – moeten uitkomst bieden.

Een filmpje dat in slakkengang laadt omdat de buurman zit te gamen, een website die streepje voor streepje op het scherm verschijnt terwijl je in de trein zit: frustrerend trage wifi is onderhand een fact of life.

Dat is niet verwonderlijk. Waren er tien jaar na de introductie wereldwijd zo’n miljard wifi-apparaten op de markt, inmiddels zijn dat er ruim 25 miljard. En in 2025 meer dan 75 miljard. Niet alleen de laptop, ook de mobiele telefoon, tablet, smart tv, thermostaat, beveiligingscamera, deurbel en ja, zelfs het broodrooster en de vibrator zijn via wifi met het internet verbonden. Volgens schattingen verloopt 60 procent van al het internetverkeer via wifi.

Maar door die rap groeiende populariteit slibt het netwerk dicht. Wifi gebruikt een beperkt aantal frequentiekanalen, die de taart vormen waar al die apparaten om strijden. Zodra dochterlief boven haar favoriete serie begint te streamen, blijft er simpelweg minder taart voor de rest over. Het gevolg: haperende verbindingen en frustratie.

Ondertussen groeide het wifi-verkeer dit jaar weer met 50 procent ten opzichte van vorig jaar. En o ja, bluetooth en de magnetron zenden uit op dezelfde golflengten als wifi, dus ook zij hakken plakken van de al beperkte taart af. Op termijn is dit een onhoudbare situatie. Gelukkig staat de technologie niet stil. Drie oplossingen waardoor u ook de komende decennia ongestoord gebruik moet kunnen maken van draadloos internet.

Internet via licht

Aan het plafond in het gebouw van Signify (de vroegere lampendivisie van Philips) op de High Tech Campus in Eindhoven hangen twee lichtarmaturen. Daaronder staat een laptop met daarin een speciale lifi-dongle die het onzichtbare licht opvangt. Lifi staat voor Light Fidelity, draadloze communicatie via licht. Twee monitoren tonen grafieken met datasnelheden: waar de snelheid van wifi op en neer gaat als een bergetappe in de Tour de France, blijft de snelheid van lifi opvallend constant.

Lifi – in 2011 bedacht door de Duitse natuurkundige Harold Haas – maakt voor gegevensoverdracht geen gebruik van radiogolven, maar van het lichtspectrum. Dat heeft voordelen, zegt Ed Huibers, verantwoordelijk voor businessdevelopment met lifi bij Signify. De eerste is de constante, hoge snelheid; mogelijk gemaakt doordat ieder apparaat wordt bediend met een gerichte lichtbundel, terwijl wifi data in alle richtingen strooit. Bovendien is er ruimte te over in het brede lichtspectrum, dus zullen netwerken minder snel overbelast raken.

Een ander voordeel is de veiligheid. ‘Doe deuren en ramen dicht en je bent veilig’, belooft Huibers: niemand die stiekem het signaal kan aftappen, omdat licht niet door muren kan. Overigens is dit tegelijkertijd een nadeel, en lifi werkt sowieso alleen binnen omdat buiten de zon communicatie via licht onmogelijk maakt. Tot slot kan lifi uitkomst bieden in omgevingen waar wifi niet gewenst is omdat het apparatuur kan verstoren, zoals in ziekenhuizen. Onder de merknaam Trulify heeft Signify al de eerste producten op de markt die voor dit soort omgevingen zijn bedoeld. Sommige werken met zichtbaar licht, andere met het onzichtbare infrarood.

De Eindhovenaren zien een toekomst waarin iedere telefoon en laptop gebruik kan maken van lifi. Naast 5G en wifi, wat Huibers betreft. ‘Zonder dat je het als consument door hebt, kiest een telefoon of laptop dan de draadloze techniek die op dat moment het beste is.’

De overgebleven wifi-bandbreedte blijft dan beschikbaar voor bijvoorbeeld deurbellen of wasmachines, denkt Ton Koonen, hoogleraar breedbandtechnologie aan de TU Eindhoven. Volgens hem is de lifi-technologie klaar voor de praktijk, het is nu vooral zaak dat producenten mobieltjes en andere apparaten van lifi-chips gaan voorzien. En dat peertjes die draadloos internet bieden aan de plafonds in kantoorpanden, ziekenhuizen of woonkamers belanden.

5G en, waarom ook niet, 6G

Het is een bevreemdende ruimte, waar Bart Smolders, hoogleraar telecommunicatie aan de TU Eindhoven, middenin staat. De vloeren, de muren, de apparatuur: alles is bekleed met zwarte piepschuimen punten, die elektromagnetische golven absorberen.

Smolders en zijn collega’s kunnen zo meten hoe hun nieuwste antenne presteert zónder dat terugkaatsende straling de meetresultaten vervuilt. ‘Zo is het voor de antenne alsof hij ergens door de ruimte zweeft.’

Die antenne is een bijzondere, nieuwe 5G-antenne. Want 5G, de nieuwe generatie mobiel internet, mag dan vanaf volgend jaar beschikbaar komen in Nederland, de technologie blijft in ontwikkeling. De 5G-antennes die Smolders ontwikkelt, maken gebruik van een veel hogere frequentie dan de eerste 5G-antennes: de 26 gigahertz-frequentieband. En bij draadloze communicatie geldt: hoe hoger de frequentie van de elektromagnetische golven, hoe hoger de datasnelheid.

Punt is dat de antenne, een plaatje van een centimeter of tien breed, nog veel te heet wordt, waardoor er een knoeperd van een koelapparaat achter geplakt zit. ‘Die moet eraf’, aldus Smolders. Daarna is deze 5G-antenne klaar voor de masten op straat. Naar zijn verwachting zal dat over een paar jaar het geval zijn, daarna komen razendsnelle datasnelheden in de orde van gigabits per seconde binnen bereik.

Tegen die tijd zal 5G voor een belangrijk deel wifi verdringen, is Smolders’ voorspelling. 5G is sneller en de capaciteit is vele malen groter, dus is er ruimte voor meer apparaten tegelijkertijd, wijst hij. ‘Maar het belangrijkste is: 5G is centraal gecoördineerd.’ Slokt de buurman de hele wifi-bandbreedte op met zware downloads? Pech gehad. Bij 5G zorgen de providers ervoor dat de data netjes worden verdeeld over iedereen.

‘Waarom zou je dan nog gaan zitten klooien met wifi-wachtwoorden?’, vraagt Smolders zich af. Zeker als, zoals hij denkt, de prijs van mobiel internet nog verder zal dalen. Hij verwacht dat ook laptops op termijn gebruikmaken van 5G. ‘Wifi is dan nog bruikbaar voor andere doeleinden, zoals smart-home-apparaten.’

Smolders zit ondertussen al met zijn hoofd bij 6G. Onlangs ontving hij een Europese beurs waardoor hij samen met telecombedrijf Ericsson en chipbouwer NXP gaat werken aan draadloze netwerken voor ná 5G. Hij denkt aan een systeem waarbij, bijvoorbeeld, een telefoon verbinding maakt met meerdere antennes tegelijkertijd, in plaats van één, met een snellere verbinding als resultaat. Die antennes zouden bovendien gebruik gaan maken van nóg hogere frequenties.

Rek in het vertrouwde wifi

Ondanks alles is er nog veel winst te boeken met good old wifi, stellen Marcel van Sambeek en Toon Norp van TNO. Vooral oude wifi-routers gebruiken de 2,4 gigahertz-frequentie en die is zo langzamerhand overvol, maar een andere frequentie, die van 5 gigahertz, biedt volgens hen nog ruimte. Voorlopig. Deze bandbreedte wordt al door nieuwe apparatuur ondersteund. Nadeel is dat het bereik minder is. Onhandig voor wie ook op zolder draadloos wil internetten, maar weer fijn omdat buren elkaar niet in de weg zitten.

Als ook de 5 gigahertz-band in de toekomst dichtslibt – en dat is waarschijnlijk, met de huidige groeicijfers van wifi-gebruik – kan eventueel worden uitgeweken naar nóg hogere frequenties, zeggen de experts.

‘Wifi is zeker nog niet uitontwikkeld’, meent Van Sambeek dan ook. Hij wijst op de komst van nieuwe standaarden (we zitten nu aan WiFi6), die het wifi-netwerk efficiënter inrichten, met hogere snelheden als gevolg. Dat helpt, maar de vraag naar draadloos internet neemt te rap toe om alle problemen weg te nemen met nieuwe standaarden en extra stukjes bandbreedte. ‘Het is nooit genoeg’, aldus Norp. Daarom, zo geloven ze ook bij TNO, zijn andere technieken als 5G en lifi broodnodig als aanvulling op het oude, vertrouwde wifi.

Snellere wifi in huis: zo doe je dat

Terwijl hard wordt gewerkt aan de toekomst van draadloos internet, is met wat simpele trucs de wifi in huis nu al te verbeteren.

1. Verplaats de router. Waar de router zich bevindt, maakt nogal uit. In afgesloten ruimtes is het bereik minder goed. Staat-ie in de meterkast? Zet hem op een losstaande plek.

2. Probeer eens een ander wifi-kanaal. De drukke 2,4 GHz-band, waar ook magnetrons, babyfoons en de buren gebruik van maken, is namelijk onderverdeeld in drie losse kanalen die elkaar niet in de weg zitten. Moderne routers kiezen (in theorie) automatisch het beste kanaal op het juiste moment, maar opnieuw opstarten door de router even van het stroom te halen kan nog weleens helpen. Een andere optie is om handmatig een van de andere kanalen te kiezen. Providers hebben hiervoor handleidingen online staan.

3. Investeer in goede apparatuur. Heeft u nog een oude router? Dan kan een moderne dual-bandrouter veel verschil maken. Zo’n router ondersteunt ook de 5 gigahertz-band. Deze is sneller en biedt veel meer ruimte (negentien in plaats van drie kanalen), maar het bereik is minder groot. Het combineren van 2,4 gigahertz met 5 gigahertz is dan handig.

4. Schaf een mesh-netwerk aan. Dit is vooral handig in grotere huizen. Zo’n meshnetwerk bestaat uit door het huis verspreide kastjes (‘satellieten’) die gezamenlijk één netwerk maken dat in het hele huis bereikbaar is. Goede keuzes zijn onder andere Google Wifi of Netgear Orbi. Houd wel rekening met een investering van enkele honderden euro’s. Een losse wifi-versterker is niet zo’n goed idee. Zo’n apparaat is weliswaar betaalbaar, maar vertraagt de verbinding aanzienlijk. Beter is dan internet via het stopcontact, waarbij je via het elektriciteitsnetwerk de router verbindt aan een speciale wifi-zender elders in huis. Bekende merken zijn Devolo of TP-Link.

Ook dit gebeurt er op gebied van draadloos internet

Met de nieuwste generatie wifiapparatuur heeft u nooit meer haperend internet. En de kastjes zijn nog mooi ook. Er is slechts één nadeel

We testten Google Wifi, een mesh systeem van Google. Hoe dat beviel, lees je hier.

Piepklein prinsdom Monaco is als eerste land met volledige 5G-dekking de 5G-showroom van Huawei. En hoe staat het er eigenlijk voor met 5G in Nederland?

Zit er een limiet aan het aantal mensen dat je kunt kennen? Wat bewijst de uitslag van een schriftelijke test eigenlijk? In onze Grote Vragen Podcast beantwoorden we ‘vragen waar je nooit over na hebt gedacht maar plotseling dolgraag een antwoord op wilt hebben’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden