Wietteelt is er niet leuker op geworden

Reportage..

EINDHOVEN/HUIZEN Je ziet en hoort ze nauwelijks meer, maar ze bestaan nog steeds: de kleine wietkwekers die stilletjes thuis hun hennepplantjes verzorgen en koesteren. Voor eigen gebruik, om hun vriendin van medicinale wiet te voorzien of om aan de coffeeshop te verkopen. Ze voelen zich steeds meer in het defensief gedrongen door de grote jongens van de georganiseerde criminaliteit, de ‘broodkwekers’ die voor het grote geld gaan.

‘Er zijn nog vele duizenden kleine, ideologische kwekers’, zegt Theo, moderator van een groot wietforum op internet. ‘Maar iedereen houdt zich stil, uit angst voor verklikkers en de politie die steeds harder optreedt. Het is er niet leuker op geworden. Sommigen zijn er helemaal mee gestopt.’

Sinds 2004 wordt door politie en justitie ‘stevig gejaagd’ op wietkwekers. Nicole Maalsté, sociologe aan de Universiteit van Tilburg die al twintig jaar onderzoek doet naar de cannabisteelt in Nederland: ‘Het zijn vooral de kleine kwekers die worden gepakt. Het is makkelijker voor de politie om in een volkswijk een ophaaldag te organiseren; dat scoort ook goed in de media. Maar de grote jongens blijven meestal buiten schot. Als je die wilt pakken, moet je door-rechercheren, dat kost tijd en geld.’

Volgens Maalsté heeft de georganiseerde misdaad eerder baat bij dan last van het hardere politieoptreden. ‘Het gevolg is dat steeds meer kleine telers uit de markt worden verdreven. Ze worden gepakt of vinden de risico’s te groot geworden. Dat gat wordt dankbaar opgevuld door de grote jongens. Juist door het politieoptreden zie je een verschuiving in de markt. Coffeeshops worden vanzelf in handen gedreven van lieden met wie ze eigenlijk nooit in zee hadden willen gaan.’

De hele wietteelt is in handen van zware criminelen, zei politiecommissaris Max Daniel onlangsin de Volkskrant. Dat is wel erg kort door de bocht, vindt Maalsté: ‘Er zijn nog steeds coffeeshops die een netwerk van kleine telers hebben, maar het wordt ze wel steeds moeilijker gemaakt.’

De 36-jarige gemeenteambtenaar uit de Eindhovense volkswijk Woensel-West, die thuis op zolder wietplanten kweekt (en niet met zijn naam in de krant wil), voelt zich zeker geen crimineel: ‘Mijn vriendin en ik telen voor eigen gebruik. Dat spul in de coffeeshop is niet alleen duur, maar ook van steeds slechtere kwaliteit. Ze stoppen er chemische troep in of verzwaren het met glaspoeder of metalen. We moeten ook aan onze gezondheid denken. Wiet telen is eigenlijk gewoon tuinieren. Het is een natuurproduct.’

Op zolder heeft hij naast de hometrainer twee manshoge kasten staan met elk vijf wietplanten. Felle verlichting erboven, water geeft hij met een gewone groene plantengieter. De ambtenaar zegt zich aan de regels van het gedoogbeleid te houden: zijn vriendin en hij hebben ieder vijf hennepplanten. Maar als je uit zaad kweekt, moet je zeker het dubbele aantal zaaien. Want alleen de vrouwtjes gaan bloeien; aan de mannetjes heb je niks. ‘Als je uit zaad kweekt, moet je met tien planten beginnen.’

Anderhalf jaar geleden kreeg hij bezoek van twee agenten, die waren getipt door een buurtgenoot. Ja, er stonden te veel planten. ‘Ik heb het uitgelegd. Ze begrepen het wel’, zegt de kleine kweker. Wat hij na het eigen gebruik overhoudt, verkoopt hij aan een tussenhandelaar. Nooit direct aan de coffeeshop: ‘Dat riskeer ik niet.’

Kees (40) uit Huizen had twee jaar geleden minder geluk met bij de politie: ‘Ik kon die agent niet aan zijn verstand brengen dat je voor vijf planten eerst veel meer planten nodig hebt. Elk plantje hebben ze omgeknakt.’ Hij kweekt medicinale wiet voor zijn 32-jarige vriendin, die aan een bindweefselziekte lijdt. ‘Alles wat je tegenwoordig koopt, is troep. Ik wil niet dat ze gemalen tl-buis rookt.’

Hij kweekt ‘kwaliteitswiet, puur biologisch’. Wat hij overhoudt, brengt hij naar de coffeeshop. De ene keer een kilootje, de andere keer een paar ons. Hij ontvangt 2.700-3.400 euro per kilo, afhankelijk van de kwaliteit en de coffeeshop. ‘Goeie shops zijn bereid meer te betalen. Als je bij een gewone shop komt, gooien ze mijn bubble gum gewoon op de grote hoop en geven ze het een naampje. Dan heet het opeens orange bud.’

Sinds de politie-inval kweekt hij in het huis van een vriend; 24 planten heeft hij daar nu staan. Dat zijn er te veel, weet Kees, want volgens de regels van het gedoogbeleid mag hij er maar maximaal vijf kweken. ‘Het is voor twee mensen tegelijk, ook voor een vriend van me die suiker heeft en bij wie een teen is afgezet waardoor hij fantoompijn heeft. En ik vind sowieso dat het niet verboden mag zijn.’ Hij doet er luchtig over, maar zijn vriendin is bang voor een inval: ‘Het geeft veel stress.’

Moderator Theo erkent dat het een grijs gebied is: ook veel kleine thuiskwekers houden zich niet helemaal aan de regels van maximaal vijf plantjes en riskeren dus vervolging. En er zijn thuiskwekers die vrijwillig of onder dwang kweken voor de georganiseerde misdaad. Kees: ‘Ik heb ook weleens een aanbieding gehad, maar ik begin er niet aan. De werelden van de kleine kweker en de criminele kweker raken elkaar wel. Als ik spulletjes in de growshop koop, kom ik weleens een grote jongen tegen.’

Onderzoekster Maalsté: ‘Vroeger had je een circuit voor de coffeeshops en een circuit voor de export. Tegenwoordig lopen die netwerken veel meer door elkaar heen. Dat komt mede door het optreden van de politie.’

Zij is, net als veel burgemeesters, voorstander van ‘regulering van de achterdeur’: sta coffeeshops toe wiet te kopen bij kleine, gecontroleerde kwekers. En laat de politie vooral jacht maken op de zware criminelen, die op grote schaal voor de export produceren.

‘De kleine kwekers, die aan de basis staan van het gedoogbeleid, moeten worden gekoesterd’, zegt Maalsté. ‘Ze kweken goede wiet, vaak zonder toevoegingen. Ga in de coffeeshops kijken: je ziet en ruikt aan de soorten dat ze van een kleine kweker komen. Het is veel beter spul dan de bulk die door de grote jongens wordt geproduceerd en die je helaas steeds meer in de schappen ziet liggen.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden