Wie is er bang voor de quokka en de aye aye?

Jaarlijks publiceren Nederlandse wetenschappers 172 duizend onderzoeken. In deze rubriek een greep uit de ontdekkingen die bijna onopgemerkt waren gebleven.

De aya aye uit Madagaskar. Beeld Getty Images

De quokka en aye aye zijn beide onschuldige diertjes, maar maken een verschillende eerste indruk. De quokka, een minikangoeroe uit Zuid-Australië, heeft de uitstraling van een goedzakkerige hamster. Hij doet het goed op toeristen-selfies, bleek in 2015 uit een internethype. Het nachtdiertje de aye aye uit Madagaskar komt enger over: grote oren, indringende gele ogen en een vacht alsof hij door de centrifuge is gehaald. Precies die tegenstelling zochten psychologen Pauline Dibbets en Cor Meesters (Universiteit Maastricht) voor hun onderzoek naar angst bij kinderen.

Specifiek wilden ze weten wat kinderen willen horen over een dier dat ze eng of juist niet eng vinden. Het is bekend dat mensen vooral informatie zoeken in lijn met hun verwachting. Dibbets: 'Heb je een nare ervaring gehad met een hond, dan trekt een nieuwsbericht over een pitbull die een kleuter bijt direct de aandacht. Het bevestigt je angst. Je zoekt niet snel op hoeveel lieve pitbulls er zijn.'

Werkt dit hetzelfde bij kinderen op basis van een eerste indruk van dieren die ze nog niet kennen? De onderzoekers vroegen 35 kinderen tussen 9 en 13 jaar op basis van een foto te beoordelen hoe gevaarlijk of vriendelijk de quokka en aye aye overkwamen. Vervolgens werd hun gevraagd wat ze over de diertjes wilden weten, met negatieve, neutrale en positieve keuzeopties. Bijvoorbeeld: doodt de quokka zijn jongen? (negatief), ruikt de quokka aan zijn jongen?(neutraal), is de quokka lief voor zijn jongen? (positief).

De verwachting kwam uit: kinderen oordeelden negatiever over de aye aye en zochten daar meer negatieve informatie over. Enkelen hadden het ook niet op de quokka, misschien omdat ze die op een muis vonden lijken en daar bang voor waren. Dibbets: 'Je zag bij hen ook dat ze meer negatieve informatie over de quokka zochten dan de anderen.'

De quokka, een minikangoeroe. Beeld EPA

Of dit hetzelfde werkt bij kinderen met angststoornissen is een interessante toekomstvraag. Maar eerst willen Dibbets en collega's nog meer leren over angst bij gezonde kinderen. In de zomer begint een studie waarin kinderen positieve informatie krijgen over de aye aye ('hij is heel lief voor zijn jong') en negatieve informatie over de quokka ('het is een wolf in schaapskleren, met scherpe tanden'). Verandert daarmee hun oordeel en informatiewens? Dibbets verwacht dat verschuiven van positief naar negatief gemakkelijker gaat dan andersom. Evolutionair is angst best nuttig, hij houdt ons verre van levensbedreigende situaties. Negatieve informatie laten we onszelf daardoor misschien eenvoudiger aanpraten en is hardnekkiger. Dibbets: 'Er zit een beetje een 'better save than sorry'-intuïtie in ons.'

Wie?
Pauline Dibbets en Cor Meesters

Wat is hun specialiteit?
De psychologie achter angst

Originele titel publicatie?
The influence of stimulus valence on confirmation bias in children

Vrij vertaald?
Willen kinderen over een eng dier enge feitjes horen?

Uit de vergetelheid

Jaarlijks publiceren Nederlandse wetenschappers 172 duizend onderzoeken. In deze rubriek een greep uit de ontdekkingen die bijna onopgemerkt waren gebleven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden