Wie beleggen in de farmaceutische industrie en waarom? Dit zijn de reacties van zorgverzekeraars en fondsen

Een verantwoording van het onderzoek

Medicijnen Foto anp

De Volkskrant vroeg de vier grote zorgverzekeraars (Menzis, CZ, VGZ en Achmea/Zilveren Kruis) en 21 gezondheidsfondsen of zij in de farmaceutische industrie beleggen. Daarbij ging de aandacht uit naar drie bedrijven die de afgelopen tijd onder vuur hebben gelegen vanwege hun exorbitante prijzen: Gilead (fabrikant van de zogeheten duizend dollar pil tegen hepatitis C), Vertex (fabrikant van een medicijn tegen taaislijmziekte) en Biogen (fabrikant van een medicijn tegen de zeldzame spierziekte SMA ).

Alle vier de zorgverzekeraars beleggen in de farmaceutische industrie.

Van de 21 fondsen zijn er elf die hun geld beleggen en tien die geld investeren in de farmaceutische industrie. Alleen het Longfonds investeert met opzet niet in de farma-industrie ‘om onafhankelijkheid te waarborgen en belangenverstrengeling te voorkomen’. De verzekeraars en fondsen beleggen niet zelf, ze laten dat doen door vermogensbeheerders bij financiële instellingen.

Van de vier zorgverzekeraars beleggen er drie in de omstreden bedrijven. VGZ is daar onlangs mee gestopt naar aanleiding van de kritiek op hun hoge prijzen.

Van de tien fondsen die geld investeren in Farma, zijn er vier die ook in de bekritiseerde bedrijven beleggen: MIND, de Maag Lever Darm stichting, stichting ALS en de Trombosestichting.

Slechts een paar fondsen geven openheid over het bedrag dat wordt geïnvesteerd in farmabedrijven. Het blijkt te gaan om een klein aandeel in de totale beleggingsportefeuille. Bij MIND gaat het bijvoorbeeld om 125 duizend euro (2,5 procent van het belegde vermogen), bij het Spierfonds om 114 duizend euro (0,6 procent van de totale beleggingen). De Maag Lever Darm stichting investeerde voor 65 duizend euro in farma-aandelen, waarvan 39 duizend euro in Biogen en Gilead. De Hartstichting sluit de drie bedrijven uit vanwege de hoge prijzen die ze vragen. Stichting ALS overweegt om naar aanleiding van de discussie Biogen en Gilead uit de portefeuille te halen.

KWF weigert als enige fonds inzage in de beleggingsportefeuille omdat die informatie de lezer op verkeerde gedachten zou kunnen brengen.

Reacties van zorgverzekeraars:

Achmea:

‘We beleggen in een groot aantal sectoren, waaronder ook de farmaceutische industrie. Het is mogelijk om niet te beleggen in de farmaceutische industrie maar patiënten, en daarmee de samenleving, zijn gebaat bij nieuwe, betere geneesmiddelen. De ontwikkeling van nieuwe geneesmiddelen is daarvoor belangrijk. Daarom sluiten we beleggingen in geneesmiddelenfabrikanten niet actief uit.

‘Wij vinden de winstmarges op sommige geneesmiddelen te hoog.

We zouden hier graag een reële balans zien tussen enerzijds de prijs van medicijnen en anderzijds de vergoeding voor farmaceuten die risico nemen om deze te ontwikkelen. Met biofarmaceutische bedrijven waarin we beleggen voeren wij uitgebreide dialogen.’

CZ

‘CZ heeft een vermogensbeheerder opdracht gegeven te investeren. De sector Pharmaceuticals, Biotechnology & Life betreft ca. 7 procent van onze aandelenportefeuille en 25,6 miljoen in euro. De waarde van de beleggingen in Biogen, Vertex en Gilead samen was ongeveer 1,6 miljoen euro per eind december 2017.

‘De farmaceutische industrie speelt een zeer belangrijke rol in de gezondheidszorg door de ontwikkeling van medicijnen. Ook wij maken ons zorgen over het gebrek aan transparantie over de kosten en de prijsontwikkeling van bepaalde medicijnen in de farmaceutische sector. We zullen daar tegen blijven ageren maar wij vinden ook dat investeringen in de ontwikkeling van medicijnen veel goeds brengen en noodzakelijk zijn.

‘De farmaceutische industrie speelt in de gezondheidszorg een zeer belangrijke rol. Om te kunnen innoveren zijn kapitaalverschaffers nodig. We kunnen niet zonder deze industrie. Veel ontwikkelingen vanuit de farmacie hebben ertoe bijgedragen dat ziektebeelden verminderen of langdurige dure behandelingen niet meer nodig zijn.

‘CZ voert een voting and engagement beleid via BMO Global Asset Management. Zij hebben, in tegenstelling tot veel andere partijen, de farmaceutische sector als één van hun specifieke aandachtsgebieden en geven daar veel aandacht aan. Zij hebben zich onder andere tot doel gesteld de komende jaren het kostenmodel van de farmaceuten op tafel te krijgen. We willen die druk dus ook uitoefenen. We zijn van mening dat we door voting en engagement het meeste kunnen bereiken omdat je daardoor de dialoog kunt aangaan en stemrecht hebt. Zo hebben we bijvoorbeeld bij deze bedrijven tegen voorstellen voor een nieuw beloningsbeleid gestemd op de aandeelhoudersvergaderingen. In die dialoog is dus één van de speerpunten dat er door farmaceuten meer openheid van zaken gegeven zou moeten worden over hun model om prijzen vast te stellen.

‘Op diverse manieren wordt op nationaal en internationaal vlak door allerhande organisaties en overheden gepoogd meer transparantie te krijgen binnen de farmacie. Daar is ons ook veel aan gelegen. Terugtrekken zal in elk geval niet bijdragen aan het bewerkstelligen van deze transparantie, denken wij.’

Menzis:

‘Per eind 2017 hebben we voor ca 24 miljoen euro belegd in de grotere farmaceutische bedrijven. Dat komt neer op ruim 6 procent van onze totale aandelen belegging. Per eind 2017 hebben we aandelen Biogen in portefeuille ter waarde van ca 1,2 miljoen euro. Vertex en Gilead zitten niet in onze portefeuille. Investeren in de farmaceutische industrie staat as such niet ter discussie.

‘Wij vinden ons beleggingsbeleid en onze aandacht voor kwalitatief goede en betaalbare zorg verenigbaar. Tegelijkertijd onderschrijven we dat een voortdurende (complexe en noodzakelijke) discussie over ethische prijsstelling in de farmaceutische industrie van belang is. Wij wenden onze invloed dan ook aan om die discussie waar mogelijk aan te gaan in het belang van de premiebetaler. Wij blijven voor ons eigen beleggingsbeleid op deze thema’s bewaken dat deze nog past bij de maatschappelijke discussie en veranderende normen in de maatschappij.

‘De rol van de farmaceutische industrie is niet zo zwart-wit. De industrie wordt vaak te snel als de ‘bad guy’ van de gezondheidssector afgeschilderd. Farmaceutische bedrijven hebben een essentiële rol in het investeren in de ontwikkeling van nieuwe medicijnen die daadwerkelijk verschil maken. Hoewel de discussie over ethische prijsstelling absoluut relevant is, zeker ook voor ons als zorgverzekeraar, geldt die niet voor alle producten die een farmaceut levert.

Farmaceuten produceren ook gangbare, betaalbare middelen naast de dure geneesmiddelen waar de discussie over ethische prijsstelling veelal over gaat. Daardoor vervult de industrie tevens een belangrijke rol in het verbeteren van de kwaliteit van zorg en ook het betaalbaar houden van zorg. Een farmaceut is veelal een groot concern met vele verschillende medicijnen.

‘Wij beleggen op basis van een duurzame index: we beleggen in de beste 20 procent bedrijven per sector op duurzaam gebied. Bij duurzaam beleggen kijken we veel breder dan enkel de prijsstelling van bedrijven of de winstgevendheid van de belegging.

‘Als belegger krijgen we (mede) invloed op het beleid van een organisatie, omdat we mede eigenaar zijn van de onderneming. Ook daarom heeft Menzis belangen in de farmaceutische industrie. Ten eerste is de productie van medicatie een essentieel onderdeel van de gezondheidszorg, dat we door onze belegging mede borgen. Maar ten tweede wenden wij onze invloed als belegger aan om druk uit te oefenen op beleid, zoals de prijsstelling van sommige medicijnen. Dat doen we in zogeheten ‘engagement programma’s’, waarbij meerdere beleggers met vergelijkbare uitgangspunten de krachten (en een groter aandeel belegd vermogen) bundelen om invloed uit te oefenen en de dialoog met het bedrijf aan te gaan. In 2017 liep er bijvoorbeeld binnen ons engagement programma een project om de dialoog over verantwoorde prijsstelling in de farmaceutische industrie te bevorderen.

‘Er zijn bepaalde aspecten aan de farmaceutische industrie die discussie behoeven, en uiteraard zijn wij als zorgverzekeraar ons daarvan bewust. Wij nemen daarin onze rol, bijvoorbeeld door het hanteren van een duurzaam investeringsbeleid, via onze engagementprogramma’s en uiteraard ook in de publieke discussie over de betaalbaarheid van medicatie.’

Reacties van fondsen:

Trombosestichting Nederland:

Directeur Stans van Egmond: ‘Onze missie is om tromboseleed te voorkomen en dat doen we door het financieren van biomedisch onderzoek naar trombose. We dragen daarmee hopelijk bij aan het ontwikkelen van betere medicijnen en andere soorten behandelingen van trombose (en liefst, het voorkomen van trombose). Vaak is dit onderzoek voorwerk, dat dan door farmaceuten wordt opgepakt om tot concrete medicijnen te komen. Die hebben de financiële middelen om het hele traject van verwachtingsvolle ontdekking tot goedgekeurd medicijn af te leggen. Als erkend goed doel zijn wij verplicht onze financiële reserves te beleggen bij een erkende en betrouwbare vermogensbeheerder. We hebben een kleine financiële reserve, net genoeg om te dienen als continuiteitsreserve. Dit bedrag wordt beheerd door Optimix vermogensbeheer in Amsterdam. We hebben een aantal jaren geleden gekozen voor Optimix vanwege hun MVO beleid, waarbij verantwoordelijkheid voor milieu en sociale kwesties belangrijk zijn. Optimix beheert ons geld door middel van behoudend beleid. Dat wil zeggen dat ze niet-risicovol beleggen gericht op behoud van het vermogen, groei van vermogen is secundair. Immers, het is onze continuiteitsreserve, die voor eventuele rampspoed beschikbaar moet zijn. We kunnen en mogen als goed doel niet met dit vermogenspeculeren. Behoudend wil zeggen dat Optimix veel belegt in staatsobligaties (oa van de Nederlandse overheid, en andere EU landen, maar ook van de VS), in cashgeld, en in niet-risicovolle aandelen. In 2017 hadden wij aandelen van het Optimix America Fund. Daar maken Gilead en Biogen een klein deel van uit. Uiteraard zijn ethische aspecten van beleggen in bepaalde bedrijven en bedrijfstakken voor ons zeker een punt van discussie. Deze bespreken we regelmatig met de vermogensbeheerders van Optimix. En zij handelen daar vervolgens naar. Het kan dus best zijn dat bedrijven die dit jaar als goed uit de bus komen, het jaar erna toch niet geschikt zijn om in te beleggen. Wij volgen daarin ook hun advies. Dat is immers hun expertise.’

Stichting ALS

Directeur Gorrit-Jan Blonk: ‘Wij hebben Optimix als vermogensbeheerder en die belegt voor ons in Biogen en Gilead. Die twee bedrijven zijn opgenomen in het Optimix America Fund. Maar wij lezen ook wat de ceo’s van die bedrijven verdienen en hoeveel winst er wordt gemaakt. Dat houdt ons zeker bezig. Tegen ALS bestaat helaas nog geen medicijn, de discussie over dure geneesmiddelen raakt ons dan ook niet persoonlijk. Maar ik vrees de dag dat we te horen krijgen: er is een medicijn maar het kost een vermogen. Jullie vraag inspireert me om met Optimix te gaan praten. Misschien moeten we stoppen met investeren in die twee bedrijven. We voelen het als een sociale verplichting om over die vraag na te denken.’

Maag Lever Darm stichting:

De woordvoerder: ‘Wij beleggen een gedeelte van ons vermogen. Daarmee willen we een redelijk rendement behalen tegen een laag risico.

We besteden het beleggingsbeleid uit aan een vermogensbeheerder. Deze partij geven we de opdracht mee om te beleggen conform de Richtlijnen Financieel Beheer van Goede Doelen Nederland. We sluiten bedrijven in onethische sectoren (bijvoorbeeld tabak en wapenhandel) uit en bedrijven die zich niet houden aan de UN Global Compact Principles. Deze richtlijn sluit bedrijven uit de farmaceutische sector niet uit. In totaal bestaat 2,4 procent van onze portefeuille uit farmaceutische bedrijven. Wij belegden vorig jaar in drie farmaceutische bedrijven, Sanofi, Biogen en Gilead. Deze maken zo onderdeel uit van een portefeuille van tientallen bedrijven in allerlei sectoren, waarmee we een redelijk rendement tegen een laag risico willen behalen.

Ondanks de richtlijnen staat het handelen van enkele individuele bedrijven ter discussie. Mede daarom evalueren jaarlijks de beleggingsportefeuille. Dat doen we met de Raad van Toezicht en de vermogensbeheerder. Komende zomer staat er een evaluatie gepland. De in het artikel genoemde bedrijven maken daar vanzelfsprekend onderdeel uit. Gezien onze missie, sluiten wij wel de fastfoodindustrie uit.

Prinses Beatrix Spierfonds:

De woordvoerder: ‘Farmaceutische bedrijven zijn een onmisbare schakel in het bereiken van onze doelstelling om spierziekten de wereld uit te helpen. Tegelijkertijd moeten medicijnen beschikbaar zijn voor alle patiënten, en dus betaalbaar zijn. Wij steunen daarom de strijd van minister Bruno Bruins om levensreddende of levensverlengende medicijnen beschikbaar te stellen voor elke patiënt die ze nodig heeft. Dat mag er echter niet toe leiden dat fabrikanten minder gaan investeren in noodzakelijke en dure research, ook niet bij zeldzame ziekten. We zullen dus in dialoog en onder druk maar samen met de fabrikanten moeten werken aan betaalbare medicijnen voor iedereen.

Wij hebben onze beleggingen in beheer gegeven bij ABN Amro met een scherp geformuleerd beleggingsmandaat. Duurzaamheid en Maatschappelijk Verantwoord ondernemen zijn daarin belangrijke criteria. Wanneer een individueel bedrijf hier onvoldoende aandacht aan geeft zal het zich niet langer kwalificeren. Wij belegden vorig jaar voor 114 duizend euro in twee farmaceutische bedrijven: Roche en Novo Nordisk. Dat is 0,6 procent van onze totale beleggingen van 19,5 miljoen euro. In Gilead, Biogen en Vertex beleggen wij niet omdat ze niet voldoen aan ons beleggingsmandaat.

Hartstichting:

De woordvoerder: ‘Wij zijn van mening dat farmaceutische bedrijven een belangrijke functie hebben om medicijnen voor ernstige ziekten naar patiënten te brengen. Daarom beleggen we in de farmaceutische industrie. Daarbij gaat het om aandelen en obligaties, via een beleggingsfonds. Wij beleggen in bedrijven die voldoen aan onze beleggingscriteria, vastgesteld in ons Handboek Duurzaamheidcriteria. Wij kunnen dat niet zelf nagaan welke bedrijven in aanmerking komen. We zijn een goede doelenorganisatie we pretenderen niet alle farmabedrijven ter wereld te kennen. Daarom werken onze vermogensbeheerders met een bureau dat voor ons alle bedrijven langs de meetlat houdt en zo tot een selectie komt. Dit wordt negatieve screening genoemd, wat wil zeggen dat bedrijven die onder de norm van duurzaamheid zitten worden uitgesloten. Alle bedrijven waarin we beleggen worden beoordeeld op een schaal van 1 tot 100, aan de hand van een groot aantal criteria. Exorbitante prijsstelling is er daar een van, net als milieuproblematiek bij de productie van medicijnen. Prijsopdrijving is een reden voor uitsluiting. Dat weegt voor ons zo zwaar, daar willen we niet aan bijdragen. Dan verliest een bedrijf zoveel punten dat het uit de portefeuille valt. Daarom beleggen we niet in Gilead, Vertex en Biogen.

We hebben een paar jaar geleden gemerkt hoe goed dat systeem werkt. We hadden een grote Amerikaanse farmaceut in onze beleggingsportefeuille die goedkoop hiv-medicatie in Afrika verstrekte. Dat vonden wij een goed punt. Totdat de ceo van het bedrijf in de media kwam omdat hij de prijzen aan het opdrijven was om zijn eigen bonus te verhogen. Binnen een week waren de aandelen uit de portefeuille. Aan de hand van externe ontwikkelingen en gebeurtenissen voeren wij regelmatig discussie over dit onderwerp. Soms gebeurt het dan dat wij onze portefeuille aanpassen.’

MIND:

De woordvoerder: ‘Wij beleggen voor ongeveer 125 duizend euro in de farmaceutische industrie, dat is 2,5 procent van ons totale vermogen van 5 miljoen euro. Het gaat om de bedrijven Sanofi, Recordati, Shire, Biogen en Gilead. Wij beleggen in effecten die duurzaam zijn gescreend op basis van de Goede Doelen Nederland Richtlijn Financieel Beheer. Dit houdt in dat bedrijven die zich niet houden aan de UN Global Compact Principles of actief zijn in onethische sectoren (zoals tabak, alcohol, pornografie) worden uitgesloten. Intern hebben wij meermalen discussie gevoerd over de vraag of de farmaceutische of medisch technologische industrie moet worden uitgesloten. De farmaceutische industrie wordt niet principieel uitgesloten, want bij de behandeling van verschillende psychiatrische ziektebeelden is medicatie van groot belang. Wij zijn van mening dat het goed is dat de sector toegang tot kapitaal heeft om medicijnen te produceren en nieuwe te ontwikkelen.

Reumafonds:

De woordvoerder: ‘Wij beleggen 13,7 procent van ons vermogen in aandelen op het gebied van gezondheidszorg. In verband met concurrentiegevoelige informatie van onze vermogensbeheerder kunnen wij de samenstelling van de portefeuilles niet verder inzichtelijk maken.’

Longfonds:

De woordvoerder: ‘Om onafhankelijkheid te waarborgen en belangenverstrengeling te voorkomen beleggen wij niet in farmaceutische bedrijven.’

Nierstichting:

De woordvoerder: ‘De Nierstichting voert een risicomijdend én duurzaam beleggingsbeleid. Wij beleggen volgens de afspraken die daar op sectorniveau over zijn gemaakt in de Richtlijn Financieel beheer Goede Doelen. De belegging van onze reserves hebben we uitbesteed aan een vermogensbeheerder, met een mandaat. Het mandaat is vastgelegd in een beleggingsstatuut dat algemene, uitsluitings- en voorkeurscriteria bevat die de Nierstichting toepast bij de samenstelling en beoordeling van de beleggingsportefeuille. Wij hebben aandelen in Novo Nordisk, Roche en AbbVie.

‘In ons beleggingsbeleid zijn nog geen discussies aan de orde geweest over participaties in farmaceutische bedrijven. Omdat het probleem van toegankelijkheid van zorg een complex maatschappelijk probleem is en de farmaceutische industrie op dit moment een cruciale rol speelt om medicijnen op de markt te brengen. We kunnen als gezondheidssector op dit moment niet zonder deze industrie. Maar ook omdat het uitsluiten van beleggingen in deze industrie momenteel geen concrete oplossing is voor het probleem rondom toegankelijkheid van medicijnen. Wij richten ons liever op duurzame oplossingen die voortkomen uit bijvoorbeeld alternatieve businessmodellen, regulering van de monopolie of oligopolie die heerst in de markt en een betere onderhandelingspositie voor overheden op internationaal niveau. Daarnaast vinden wij het beter om vanuit betrokkenheid invloed uit te oefenen dan het conflict op te zoeken. Op dit moment overleggen wij met onze vermogensbeheerders hoe wij daaraan invulling kunnen geven.

Fonds verstandelijk gehandicapten:

De woordvoerder: ‘Wij beleggen alleen in Roche.’

KWF Kankerbestrijding:

De woordvoerder: ‘Wij beleggen beperkt en uitsluitend in effecten die op duurzaamheid zijn gescreend. De farmaceutische sector sluiten we niet uit, die kan soms de sleutel zijn tot levensreddende medicijnen. KWF is wel kritisch naar de farmaceutische bedrijven toe. De vaak zeer hoge prijzen die de bedrijven hanteren voor nieuwe geneesmiddelen, vormen een grote belemmering voor de toegankelijkheid van behandeling met die middelen. Voor de behandeling van kanker zijn hier helaas meerdere aanwijsbare voorbeelden van. Daarom roepen wij al een paar jaar lang de fabrikanten op om hun geneesmiddelen maatschappelijk verantwoord te prijzen én transparant te zijn over de totstandkoming van hun prijzen. Over de inhoud van onze beleggingsportefeuille doen we geen mededelingen. We vrezen dat daarover bij de lezers te veel vragen zullen ontstaan.’

Deze fondsen beleggen niet:

Diabetes Fonds

CF stichting

Alzheimer Nederland

Nationaal MS Fonds

Stichting MS Research

Aidsfonds

Hersenstichting

Epilepsiefonds

Brandwondenstichting

Johanna Kinderfonds

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.