Interview

'We concurreren in Nederland te veel onderling'

Fysicus Wim van Saarloos (1955) zag in 2008 de Amerikaanse Nobelprijswinnaar Steve Chu op een bijeenkomst in Veldhoven, toen Chu minister van Energie was voor Barack Obama. 'Dat was voor mij een grote inspiratie: een belangrijke wetenschapper die zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid neemt.' Een jaar later was hij zelf directeur van de Nederlandse natuurkunde-organisatie FOM. En vanaf juli 2018 is Van Saarloos de nieuwe president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, de KNAW in Amsterdam.

Fysicus Wim van Saarloos, de nieuwe president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen. Beeld Universiteit Leiden
Fysicus Wim van Saarloos, de nieuwe president van de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen.Beeld Universiteit Leiden

U wordt eerst voor twee jaar vice-president, naast José van Dijck.

'De Amerikanen zouden me de president-elect noemen. In het nieuwe systeem van de akademie volgt de gekozen vice-president na twee jaar de zittende president op, tenzij hij in de tussentijd een moord pleegt of zo. Om en om een alfa en een bèta. Dat geeft meer continuïteit. Je kunt elkaar aanvullen en scherp houden. En we verdelen het werk een beetje. De bestuurlijke werklast is eigenlijk te groot voor één president die drie dagen in de week op het Trippenhuis is.'

Waarom wil een mens president van de KNAW worden?

'Om zich in te zetten voor de Nederlandse wetenschap. En de samenleving. In de geest van Chu.'

Hans Clevers, de voorganger van Van Dijck, riep bij zijn afscheid wetenschappers op het besturen niet aan beroepsbestuurders over te laten.

'Dat was me uit het hart gegrepen. Ik denk dat wetenschapsbestuurders zelf moeten hebben ervaren hoe het is om voorstellen te schrijven en verdedigen, college te geven, en een samenwerking vorm te geven. Wetenschappers zijn beter in staat scherp te kiezen. Ze weten wat nieuw is, wie goed is.'

U wordt tegelijk full time hoogleraar in Leiden, hoe zit dat?

'Dat is normaal voor de KNAW-president, die ook actief in de wetenschap moet staan. In mijn geval is dat wat anders, ik zat de laatste zes jaar bij FOM, en had geen eigen groep. Ik ga nu weer opbouwen in Leiden in mijn oude vak, de fysica van zachte vaste stoffen.'

U was het laatste jaar al weg bij FOM en voert nu bij wetenschapsfinancier NWO een drastische reorganisatie door.

'Formeel ben ik daarvan de uitvoerder, de aannemer die het bestek maakt en zorgt voor de steigers en de verf. Het ontwerp lag er al, van Douwe Breimer. Ik voerde uit, met brede steun.'

U hebt het imago van een doener, een aanpakker. Gaat de KNAW dat ook merken?

'Ik ben geen breker, ik kan mensen op een koers verenigen en die vol uitvoeren als hij gedragen wordt. Maar ik heb geen geheim plan in mijn tas voor een andere KNAW, behalve misschien het oude plan voor een soort nationale Rosalind Franklin-beurs voor vrouwelijke wetenschappers aan universiteiten, dertig per jaar, tien jaar lang. Er wordt over het tekort aan vrouwen te veel gekletst en nog steeds te weinig gedaan.'

Hoe staat de Nederlandse wetenschap er volgens u voor?

'Nederland is een bijzonder wetenschapsland omdat het zo klein is. Dat maakt dat de instellingen niet ver van elkaar staan, ook letterlijk: je kunt mensen bij elkaar halen voor overleg en dan 's avonds weer allemaal thuis zijn. Er is traditoneel een goede balans tussen samenwerking en competitie. Maar op het niveau van met name de jonge wetenschappers begint het zorgwekkend te worden. De onderlinge concurrentie om onderzoeksgeld en plaatsen is moordend, en omdat er eigenlijk niet meer potjes meer zijn om dingen op te vangen, is het alles of niets: als je ergens niet aan de bak komt, houdt het vaak overal op.'

Is Nederland doorgeschoten in die concurrentiedrift?

'Ik denk het wel, er is weinig ruimte meer voor inschatting en voordeel van de twijfel. We moeten vooral niet vergeten dat de echte concurrentie niet onderling is, maar uit Azië en landen als Duitsland komt. Daar moet de energie van het gevecht naartoe.'

U ziet mensen afhaken?

'Ik hoor om me heen geregeld goeie jonge onderzoekers zeggen: als deze competitie de rest van mijn leven moet worden, stap ik uit de wetenschap. Op zich is het niet verboden, we zijn ook een opleiding voor de hele samenleving, maar het is nu echt te krap aan het worden. Ik zal zeker proberen dat besef breder te maken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden