Warme zeestroming hapert en dat heeft effect op ons klimaat

De warme golfstroom, de oceaanstroming die West-Europa een relatief mild klimaat bezorgt, is 15 tot 20 procent zwakker dan normaal. Dat blijkt uit twee studies die in Nature verschenen. Op één punt spreken die elkaar echter tegen: de timing.

Een drijvende ijsberg in de wateren van Groenland. Foto Anp

Volgens de ene studie speelt de verandering sinds midden vorige eeuw en is de opwarming van de aarde door menselijk toedoen de oorzaak. Volgens de tweede studie is de vertraging een uitloper van de Kleine IJstijd. De piek daarvan was in de 16de en 17de eeuw. De warme golfstroom is volgens het onderzoek sindsdien ontregeld en door klimaatverandering nooit meer hersteld. 

De verandering in de golfstroom kan hoe dan ook gevolgen hebben voor weerpatronen op aarde, stellen beide onderzoeksgroepen.

Foto de Volkskrant

De oceaanstroming in de Atlantische oceaan voert warm water van de Golf van Mexico aan het oppervlak naar Scandinavië, waar het via verdamping warmte afgeeft en door het overblijvende zout naar de diepte zinkt. In de diepte stroomt het zoutere water langs de kust van Latijns-Amerika naar Antarctica waar het aansluit op een wereldwijd circulatiepatroon. Dat reikt tot de Stille Oceaan en komt via Indonesië en de Indische Oceaan weer terug in de Atlantische wateren. Het rondgaande oceaanwater geldt als een transportband voor klimaatenergie.

Circulatie

Met name in de Atlantische Oceaan lijkt de huidige circulatie de minst krachtige in 1600 jaar, maken Amerikaanse en Britse onderzoekers van het Woods Hole Oceanographic Institute in San Diego op uit sedimentstudies van twee plaatsen op de oceaanbodem. Volgens de onderzoekers komt dat door de aanvoer van zoetwater van smeltende gletsjers op Groenland, sinds het einde van de Kleine IJstijd. Warm water verdampt en wordt daardoor zouter en zwaarder, maar met de extra aanvoer van zoet water zinkt het minder snel naar de diepte.

Ook onderzoekers van het Potsdam Instituut voor Klimaatstudies in Duitsland zien een afzwakking, maar dan sinds ongeveer 1950. Sinds die tijd is de Golf van Mexico warmer geworden en de subpolaire werveling, een zeestroming onder IJsland, koeler. Precies hetzelfde gebeurt in klimaatmodellen als die door meer broeikasgassen warmer worden. In zulke modellen is smeltwater van bijvoorbeeld Groenland niet meegenomen maar zorgt meer neerslag ook al voor een verdunning van het zoute water, dat daardoor minder gemakkelijk wegzinkt.

Helder signaal

Stephan Rahmstorf, een van de auteurs van de Potsdam-studie en een bekend klimaatwaarschuwer, zegt dat het verband tussen de menselijke klimaatopwarming en de veranderende oceaanstroming een helder signaal is. ‘Vooral omdat we niet weten of het een geleidelijk proces is of dat er omslagpunten zijn, die de stroming opeens kunnen verleggen.’

Belangrijke inzichten, zegt oceaanexpert Dewi le Bars van het KNMI in de Bilt. ‘Klimaatmodellen voorspellen deze afname al tientallen jaren, maar de bewijsvoering is vooral bij Ramstorf is heel solide.’ De Amerikaanse studie is minder hard, zegt Le Bars, omdat de studie de sedimentneerslag op twee boorlocaties in de hele oceaan gebruikt als indicator voor de circulatie.

Volgens Le Bars is het buitengewoon lastig om de impact van de veranderende golfstroom vast te stellen. ‘Minder aanvoer van warmte betekent niet zomaar een afkoeling, want windpatronen en neerslag veranderen ook. Eigenlijk weten we niet goed wat dit voor West-Europa betekent.’ Bovendien is het goed te bedenken, zegt hij, dat een afname van 15 procent een gemiddelde is, terwijl de stroming van jaar tot jaar veel sterker kan variëren.