ColumnIonica Smeets

Wanneer besluit je om evenementen af te gelasten om verspreiding van het virus te voorkomen?

Deze weken denk ik steeds aan het trolleyprobleem: een berucht filosofisch gedachte-experiment. Daarin zit je achter het stuur van een op hol geslagen tram (‘trolley’) en je kunt niet meer remmen. Verderop zijn vijf mensen aan het werk op de rails en de tram zal hen doden bij een aanrijding. Maar dan zie je een zijspoor waar je de tram nog naartoe kunt sturen. Daar staat één iemand aan het spoor te werken die zal omkomen bij een aanrijding. Wat doe je? Stuur je naar dat zijspoor?

Verreweg de meeste mensen kiezen bij dit gedachte-experiment ervoor om de tram naar het zijspoor te sturen met een argument als ‘Het is uiteindelijk beter om één iemand te doden dan om vijf mensen te doden.’

Maar dan komen filosofen met een tweede versie van het trolleyprobleem. Nu zie je als toeschouwer vanaf een brug de op hol geslagen tram aankomen. Naast jou op de brug staat toevallig net een heel dikke man, die je met een klein zetje op het spoor kan duwen om de tram te stoppen en zo vijf levens te redden. Zou je de man voor de tram duwen?

Ineens voelt het argument ‘Het is beter om één iemand te doden dan om vijf mensen te doden’ een stuk minder goed. In deze versie voelt het voor de meeste mensen moreel verkeerd om in te grijpen. Maar het blijkt vaak lastig te beargumenteren waarom. Is het omdat je in dit scenario bewust iets doet? Maar in de eerste versie stuur jij ook bewust de tram naar het zijspoor waar iemand op staat. Is het omdat de dikke man een onschuldige voorbijganger is? Maar is degene die aan het spoor werkt niet net zo onschuldig? Het is lastig om uit te leggen waarom niets doen hier het juiste antwoord lijkt.

Dit trolleyprobleem wordt vaak gebruikt aan het begin van cursussen over filosofie en ethiek, bijvoorbeeld in de reeks lezingen van Michael Sandel die Harvard online heeft gezet. (In de serie The Good Place worden in het hiernamaals trouwens ook dit soort colleges gegeven – waarbij een duivel wanhopig puzzelt op een oplossing waarbij alsnog ALLE mensen omkomen.)

Er bestaan allerlei versies van dit gedachte-experiment, maar de centrale vraag is steeds: wanneer is het moreel juist om iemands rechten te schaden in het belang van de groep? En daar denk ik dus steeds aan bij de corona-uitbraak. Wanneer besluit je om evenementen af te lasten om verspreiding van het virus, ziekte en doden te voorkomen? Want sommige van die afgelastingen zullen mensen ruïneren. Wanneer ga je over tot het sluiten van scholen of het in quarantaine stellen van grote groepen mensen, wetend dat je hiermee sommige levens redt, maar tegelijk andere levens schaadt? Hoe beslis je welke patiënten voorrang krijgen als je niet genoeg artsen en ziekenhuisbedden beschikbaar hebt voor iedereen? En net als bij de colleges over het trolleyprobleem die ik vroeger volgde, moet ik concluderen dat ik geen flauw idee heb of er überhaupt wel juiste antwoorden bestaan.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden