'Wachtlijsten psychische hulp zijn lang, en ze worden alleen maar langer'

De wachttijden voor psychische hulp zijn nu al lang, zelfs voor jongeren die door de rechter tot het volgen van therapie zijn veroordeeld, en dat wordt vanaf volgend jaar nog erger, zegt Larissa Hoogsteder van de Waag.

Larissa Hoogsteder, hoofd Behandelzaken Jeugd en Agressie bij de Waag.Beeld Wiep van Apeldoorn

Jongeren zullen vanaf volgend jaar alleen maar langer op therapie moeten wachten, ook als die door de rechter is opgelegd. 'Gemeenten kopen dan naar eigen inzicht de jeugdhulp in via aanbestedingen. Daarin maken ze geen duidelijk onderscheid tussen door de rechter verplichte therapie en vrijwillige behandelingen.'

Dat zegt Larissa Hoogsteder, hoofd Behandelzaken Jeugd en Agressie bij de Waag. Dat is de grootste organisatie voor forensische zorg, die onder meer therapieën aanbiedt die door de rechter worden opgelegd. Honderden jongeren krijgen jaarlijks een behandeling op de elf locaties, om bijvoorbeeld hun agressie of hun grensoverschrijdende seksuele gedrag te beteugelen. Een deel van hen volgt deze therapie vanwege een veroordeling door de jeugdrechter, een deel is verwezen door bijvoorbeeld de huisarts of door een wijkteam van de gemeente.

Lange wachtlijsten voor jongeren die verplicht therapie moeten volgen\

Jongeren die van de jeugdrechter verplicht therapie moeten volgen, bijvoorbeeld tegen hun agressie, moeten daar vaak lang op wachten - soms wel een jaar. Oorzaken zijn de wachtlijsten voor deze zorg en de onwennigheid van gemeenten, die sinds 2015 verantwoordelijk zijn voor de forensische jeugdhulp.

Kunnen jongeren na hun veroordeling snel beginnen met de opgelegde therapie?

'Er zijn gemeenten waarvan jongeren snel na de veroordeling bij ons terechtkomen. Maar er zijn ook gemeenten die bijvoorbeeld limieten hebben gesteld aan hun uitgaven voor gespecialiseerde jeugdzorg. Door zulke verwarring over geld kan de uitvoering van een uitspraak van de rechter wekenlang worden vertraagd. Ook kan het een lastig proces worden als de veroordeelde specifieke forensische zorg nodig heeft.

'Elke gemeente werkt op haar eigen manier. Zo kan het dus voorkomen dat een jongere eerst terechtkomt bij een instelling die minder thuis is in forensische zorg voordat hij bij ons wordt aangemeld voor een eerste gesprek voor een intake. Wij hebben zelf wachtlijsten van vijf tot twaalf weken voor onze therapieën. Het kan dus inderdaad maanden duren voor een jongere daadwerkelijk kan beginnen.'

En dat wordt vanaf volgend jaar dus niet beter?

'Integendeel. Als een gemeente niet bij De Waag of een andere specialist voor forensische behandelingen inkoopt, kan het gebeuren dat een veroordeelde jongere uit zo'n gemeente straks niet zo'n specifieke therapie kan volgen, maar bij een generalist terechtkomt.

'Wat ook speelt, is een verschil in inzicht over behandelingen. Veel gemeenten beginnen het liefst met een lichte behandeling. Als die niet aanslaat, schalen ze op naar zwaardere zorg. Wij willen juist meteen de best passende zorg bieden. Voor een lichte doelgroep, waarschijnlijk de meerderheid van de jongeren die voor hulp bij de gemeente aankloppen, is zo'n aanpak prima. Maar voor de jongeren die bij ons komen met fors grensoverschrijdend gedrag kan deze werkwijze niet goed uitpakken. Dan moeten wij juist daarna forser investeren, als er eerder te lichte middelen zijn ingezet. Onze doelgroep wordt hierdoor steeds zwaarder.'

Hoe belangrijk zijn deze behandelingen om nieuwe delicten te voorkomen?

Wie bieden therapieën waar jongeren wordt geleerd hun agressie te reguleren en therapie voor antisociaal en grensoverschrijdend gedrag, aan jongeren van 12 tot 18 jaar. Ze leren bijvoorbeeld minder impulsief te handelen. En hun agressieve gevoelens te verminderen, bijvoorbeeld door stress te reduceren en door andere manieren van denken aan te leren. De kans dat ze naar zo'n behandeling weer over de schreef gaan, daalt aanzienlijk, soms met wel 40 procent. Gemiddeld duurt zo'n behandeling elf maanden, twee keer per week. Hoe sneller de behandeling begint, hoe beter. Het is dus een slechte zaak voor jongeren met problemen dat er zo'n vertraging zit in het systeem.'

Verhaal in de krant? Dat is niet goed voor uw zoon

Hier had een verhaal kunnen staan over een 12-jarige jongen die is veroordeeld voor een uitzonderlijk zwaar geweldsdelict voor zijn leeftijd. De jeugdrechter vindt een langdurige behandeling nodig om de kans op herhaling van geweldsuitbarstingen in de toekomst te verminderen, zegt hij in zijn vonnis. Maar maanden later is deze therapie nog niet van de grond gekomen. Ondertussen gaat het steeds slechter met de tiener.

Zijn moeder deed twee weken geleden tegen de Volkskrant uitgebreid haar verhaal. Dat zelfs een gerechtelijke uitspraak geen garantie is dat je kind een behandeling krijgt. Een kind dat dolgraag wil worden behandeld om van zijn angsten en wanen af te komen.

Het is niet dat de instanties niet van goede wil zijn, zei de moeder. Maar er zijn wachtlijsten en bezuinigingen in de geestelijke gezondheidszorg voor de jeugd. En de bureaucratie is groter sinds gemeenten in 2015 verantwoordelijk zijn geworden voor de jeugdzorg.

De Volkskrant legde dit verhaal voor aan de organisaties en instellingen voor de geestelijke gezondheidszorg die betrokken zijn bij de casus van de jongen. Zij reageerden meewerkend en constructief. Ook al konden ze vanwege privacy niets over de specifieke casus zeggen.

Jeugdreclassering Samen Veilig Midden-Nederland vindt publicatie van een dergelijk verhaal echter niet verstandig. Deze organisatie heeft van de rechter de opdracht gekregen toezicht te houden op de tiener en te controleren of hij de opgelegde behandeling volgt. Ook al was de reconstructie geanonimiseerd, de casus was volgens de reclasseringsorganisatie te herkenbaar. De buurt zou zich tegen de moeder en het jongetje keren als het gebeurde in de krant zou worden 'opgerakeld'. De Volkskrant wilde graag weten om welke details het ging en hoe aan deze bezwaren tegemoet zou kunnen worden gekomen. Maar dat gesprek kwam er niet.

Ondertussen belde de jeugdreclassering de moeder meerdere keren met de mededeling dat een verhaal in de krant niet goed zou uitpakken voor haar zoon. Ook meldde de instantie ongevraagd aan de vader van de jongen dat de privacy van zijn zoon in het geding was.

Zaterdag kreeg de moeder ook een brief van de jeugdreclassering. Met het verzoek haar samenwerking met de Volkskrant te heroverwegen. De moeder voelde zich zo onder druk gezet dat zij haar medewerking aan het verhaal heeft opgezegd.

Een woordvoerder van Samen Veilig Midden-Nederland zegt dat de organisatie de moeder niet onder druk heeft willen zetten, maar alleen heeft willen waarschuwen voor mogelijke gevolgen van de publicatie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden