ColumnIonica Smeets

Waar komen die 153.957 besmettingen vandaan?

null Beeld
Ionica Smeets

Met een nieuw weekrecord van 153.957 besmettingen is het belangrijker dan ooit om in kaart te brengen waar mensen corona oplopen. Ik toog naar het coronadashboard om te kijken hoe het ervoor staat. Maar alle kaartjes onder het kopje Bron- en contactonderzoek zijn nu effen grijs, wat betekent dat er niet genoeg gegevens zijn om iets te zeggen over waar mensen besmet raakten. O, de ironie. Dat je zoveel besmettingen te verwerken hebt dat je geen tijd hebt om goed te onderzoeken waar die besmettingen vandaan komen.

Dinsdag kwam het RIVM met zijn wekelijkse update waarin nog wel cijfers stonden over de bron van besmettingen. Van de 153.957 gemelde besmettingen meldden 35.518 mensen dat ze in de buurt waren geweest van iemand met corona en 40.927 mensen hadden geen idee waar ze het virus hadden opgelopen. Van de overige 77.512 besmettingen is er niets bekend, waarschijnlijk was er geen tijd om hen te bellen voor het bron- en contactonderzoek.

Van de 35.518 mensen die in de buurt waren geweest van iemand met corona, was er bij 30.718 ook aangegeven waar dat was geweest. Kortom: bij minder dan 20 procent van de besmettingen van afgelopen week hebben we enig idee waar ze vandaan komen.

Dat is handig om te weten als je tabellen voorbij ziet komen waarin bijvoorbeeld staat dat 19,4 procent van de besmettingen op school is veroorzaakt. Dat gaat dus om het percentage van de relatief zeldzame besmettingen waarvan een bron bekend is (waarbij mensen trouwens meer dan één bron mogen noemen, om het nog ingewikkelder te maken om deze cijfers te interpreteren).

Je zou ook kunnen zeggen dat het bij scholen om 3,9 procent van de totale besmettingen gaat, of om 7,8 procent van de gevallen waarbij er bron-en contactonderzoek is gedaan. In discussies over maatregelen kiezen mensen vaak het percentage dat het beste past bij hun visie. Wil je dat de scholen dichtgaan, dan noem je die 19,4 procent. Wil je dat ze openblijven, dan kom je met die 3,9 procent.

Maar het is naïef om maatregelen te willen maken op basis van cijfers die zo incompleet zijn (en dan zijn er natuurlijk ook nog mensen met corona die niet getest zijn en die helemaal niet in deze statistieken staan). Bij degenen die niet weten hoe ze corona opliepen, zijn sommige bronnen waarschijnlijker dan andere. Een besmetting door een onbekende in de trein of een café is moeilijker te traceren dan die door een collega of klasgenoot.

Mogelijke bronnen zijn ook niet zomaar met elkaar te vergelijken: duizend besmettingen op het soort plek waar een half miljoen mensen komen of duizend besmettingen op het soort plek waar vijf miljoen mensen komen, vragen om andere maatregelen. En dan moet je ook nog meenemen welke neveneffecten zulke maatregelen hebben.

De meeste bekende besmettingen vinden plaats via huisgenoten, maar daar kun je sowieso moeilijk maatregelen tegen nemen. Hoewel ik bedacht dat thuiswerken wel een stuk aantrekkelijker zou worden als mijn kinderen voortaan niet meer thuis mogen komen na school.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden