Waag het niet om aan de halswervels te morrelen

Opmerkelijk tijdschrift voor Belangwekkende Bijzaken

Zeven is een heilig getal, zeker waar het nekwervels van zoogdieren betreft. Van de mens tot de giraffe: tel maar na, zeven stuks. En wáág het niet om aan die zeven te morrelen, want zelfs de kleinste afwijking is meestal een voorbode voor allerlei medische ellende, ontdekten Frietson Galis en collega's van Naturalis in Leiden.

Foto anp

Een dikke stapel aan studies over nekwervels heeft de evolutiebioloog reeds op haar naam staan. Voor haar nieuwste onderzoek nam ze samen met paleontoloog Alexandra van der Geer nekwervels van wolharige neushoorns onder de loep, een diersoort die hier in West-Europa ongeveer 30.000 jaar geleden uitstierf. Bij 5 van de 32 exemplaren zag ze een halsrib uitsteken. Ter hoogte van de zevende nekwervel, zo rond het sleutelbeen.

Bij röntgenfoto's van overleden foetussen - van mensen - ontdekte Galis eerder al dat dergelijke afwijkingen doorgaans slecht nieuws beteken. 9 van de 10 met zo'n halsribje gaan dood voordat ze het levenslicht zien.

En dus denkt Galis dat die afwijkingen bij de wolharige neushoorns ook een teken aan de wand zijn. Een diersoort op het randje van uitsterven, met dalende aantallen en een groeiend risico op inteelt en genetische afwijkingen.

'De nekwervels worden in een vroeg stadium aangelegd, als het embryo nog een klompje cellen is. Fouten die dan ontstaan, hebben vaak grote gevolgen. Daarom gaan afwijkingen aan de nekwervels vaak gepaard met bijvoorbeeld kanker of hart- en darmafwijkingen.'

Wie?
Frietson Galis (met Alexandra van der Geer)

Wat is haar specialiteit?
Evolutiebiologie

Originele titel publicatie?
High incidence of cervical ribs indicates vulnerable condition in Late Pleistocene woolly rhinoceroses

Vrij vertaald?
Wat uitgestorven neushoorns ons leren over aangeboren afwijkingen

Galis onderzocht met Van der Geer ook de wervels van moderne neushoornsoorten; daar geen afwijkingen, zelfs geen kleine. Een extra reden om aan te nemen dat het met die wolharige neushoorns genetisch gezien de verkeerde kant op ging. 'Er worden zwakke exemplaren geboren, met zelf ook weer een groot risico op een zwak nageslacht. Zo beland je in een vicieuze cirkel.'

Vergelijkbare tragiek zag Galis eerder al in de nekwervels van mammoeten: ook deze soort ontwikkelde rond de tijd van uitsterven opvallend veel halsribben. Een intrigerend patroon voor evolutiebiologen die willen snappen hoe soorten uitstierven, maar wellicht dat de kennis ook toepasbaar is in de huidige medische praktijk.

Samen met het Erasmus MC doet Galis nu echo-onderzoek bij ongeboren baby's, om te kijken of het zinvol is om ook daar te letten op halsribben. 'Zo'n halsrib kan een aanwijzing zijn dat een kind een verhoogd risico heeft op kanker en andere afwijkingen, zodat je al eerder een behandeling kunt starten. Maar of dit ook echt zal leiden tot een nieuwe screening moet nog helemaal blijken. Probleem is dat je de halsribben soms moeilijk kunt zien. Zeker als ze klein zijn en de baby druk beweegt.'

Uit de onvergetelheid

Jaarlijks publiceren Nederlandse wetenschappers 172 duizend onderzoeken. In deze rubriek een greep uit de ontdekkingen die bijna onopgemerkt waren gebleven.