Vrouwen zijn net zo wreed als mannen tijdens oorlog

Vrouwen begaan dezelfde gruweldaden

Vrouwen zijn geen haar beter dan mannen. In gewelddadige conflicten zoals in Irak, Syrië, Soedan en Sierra Leone begaan ze dezelfde gruweldaden als mannen: moorden, martelen, verkrachten en zelfmoordaanslagen.

Biljana Plavsic (L), in de jaren '90 Bosnisch-Servische president en verantwoordelijk voor etnische zuiveringen tijdens de burgeroorlog in het voormalige Joegoslavië. Foto ANP

Dat concludeert criminologe Alette Smeulers uit onderzoeken naar daders en slachtoffers in uiteenlopende gewelddadige conflicten wereldwijd sinds de Tweede Wereldoorlog. Ten onrechte blijft de rol van vrouwen onderbelicht en worden zij, als ze al in de belangstelling staan wegens oorlogsmisdaden, neergezet als geestelijke gestoord of monsterlijke sadist. 'Het zijn in meerderheid gewone vrouwen, die net zoals gewone mannen in een oorlogssituatie in staat blijken wreedheden te begaan,' zegt de hoogleraar internationale criminologie aan de Universiteit van Tilburg.

In het noorden van Irak en Syrië vechten momenteel naar schatting 15 duizend Koerdische vrouwen mee in de strijd tegen IS en zij deinzen er niet voor terug IS-strijders koelbloedig uit te schakelen. Aan de andere kant van het front sluiten jonge moslimvrouwen uit West-Europa zich aan bij terroristische organisaties als IS en Al Qa'ida. In Irak, Syrië, Afghanistan en Nigeria zijn het steeds vaker vrouwen die een zelfmoordaanslag plegen. En deze keuzes maken al deze vrouwen in de meeste gevallen vrijwillig, uit volle overtuiging, met dezelfde motieven als mannelijke strijders, stelt Alette Smeulers. 'Ze handelen uit ideologie, wraak, hebzucht, machtswellust of hebben onder invloed van propaganda of hang naar avontuur voor het strijdtoneel gekozen.'

Pauline Nyiramasuhuko. Foto Youtube

Pauline Nyiramasuhuko

Minister van Gezins- en Familiezaken in Rwanda ten tijde van de genocide in 1994. De in 1946 geboren ambitieuze Hutu-politica was als lid van de toenmalige regering een van de aanstichters van de volkerenmoord op de Tutsi’s. Ze gaf persoonlijk opdracht tot verkrachting van Tutsi-vrouwen alvorens ze werden vermoord en stond er met haar neus bovenop. Ook haar eigen zoon zette ze er toe aan. Ze deelde condooms uit aan soldaten en nam ook zelf een moordwapen ter hand. Tijdens haar berechting ontkende ze haar aandeel in de genocide en beriep zich daarbij op haar sekse; vrouwen doen zoiets niet. Er is gespeculeerd dat ze handelde uit machtswellust én uit angst: haar grootvader was een Tutsi.

Zelfmoordaanslagen

Opvallend is het toenemend aantal jonge vrouwen dat de laatste maanden, vooral in Nigeria, zelfmoordaanslagen pleegt. Het is volgens de criminologe een misverstand te denken dat al deze vrouwen daartoe gedwongen worden. Het komt voor. Zoals het 13-jarige Nigeriaanse meisje dat in december 2014 op het punt stond zichzelf op te blazen op een markt in de stad Kano, maar zich bedacht. De terreurgroep Boko Haram had haar onder druk gezet de aanslag te plegen, verklaarde ze tegenover de politie.

Maar er zijn net zo goed vrouwelijke zelfmoordterroristen die hun daad uit overtuiging plegen. Dat gold voor de vorige maand in Jordanië opgehangen Iraakse terroriste Sajida al-Rishawi. Zij maakte deel uit van een terroristische cel van Al Qa'ida in Irak. Smeulers: 'Sommige vrouwen plegen zo'n aanslag uit overtuiging, als bijdrage aan de strijd tegen de vijanden van de islam en voor de realisering van een utopische islamitische staat.'

Ook een aanmerkelijk deel van de naar schatting 120 duizend meisjessoldaten wereldwijd meldt zich vrijwillig, blijkt uit interviews met voormalige kindsoldaten. Om zich te wreken op de moord van familieleden, bescherming te vinden bij een leger of uit zucht naar avontuur. Ze hebben vaak geen weet van wat hen te wachten staat; ze worden meestal gedwongen in een rol als (seks)slavin. Het is niet uitgesloten dat sommige vrouwen in deze positie zich vrijwillig melden voor een zelfmoordaanslag, als uitweg uit hun misère, stelt Smeulers.

Rasema Handanovic. Foto .

Rasema Handanovic

Twee jaar geleden veroordeeld tot 5,5 jaar gevangenisstraf voor het executeren van zes Kroatische mannen in 1993 in Trusina in het voormalige Joegoslavië. Handanovic (33) kreeg strafvermindering in ruil voor het getuigen tegen medesoldaten van een speciale eenheid van het Bosnische leger. Met hen richtte ze die dag een bloedbad aan in het dorp. Vrouwelijke dorpelingen dreigde ze met verkrachting, aldus getuigen. Handanovic sloot zich aan bij het leger nadat Servische soldaten haar familie en haar vriend hadden vermoord en haar hadden verkracht. ‘De groepsverkrachting maakte een oorlogsmisdadiger van mij,’ zei ze tijdens de rechtszaak.

Bloeddorstig

De genocide in Rwanda in 1994 - waarbij in drie maanden tijd bijna 1 miljoen Tutsi's koelbloedig werden afgeslacht - bracht voor het eerst met harde cijfers aan het licht hoe bloeddorstig vrouwen kunnen zijn. Aan de volkerenmoord door opgehitste Hutu's deden veel burgers mee, onder wie naar schatting tweehonderdduizend vrouwen. Verpleegkundigen, artsen, nonnen, onderwijzeressen, politici, journalistes, moeders van kleine kinderen; ze dreven Tutsi's van jong tot oud in de handen van moordenaars, stonden bij de lynchpartijen te dansen en zingen en deinsden er ook zelf niet voor terug hun landgenoten af te slachten. Het grote aandeel van Hutu-vrouwen in deze geweldsexplosie is door wetenschappers en media 'uitzonderlijk' genoemd. 'Maar het tegendeel blijkt waar te zijn,'zegt Alette Smeulers. 'Er is meer bewijs dan Rwanda dat vrouwen net zo wreed kunnen zijn als mannen.'

Een van de meest schokkende van haar bevindingen is dat vrouwen ook regelmatig betrokken zijn bij seksueel geweld. Tijdens de burgeroorlog in Sierra Leone in de jaren '90 deden vrouwelijke rebellen mee aan groepsverkrachtingen van seksegenoten - met een fles. Tijdens de genocide in Rwanda waren ook talrijke vrouwen betrokken bij groepsverkrachtingen die meestal aan de lynchpartijen vooraf gingen. Vier op de tien door soldaten verkrachte vrouwen in het door een burgeroorlog geplaagde Democratische Republiek Congo, wijst een vrouw aan als dader. En een op de tien verkrachte mannen heeft hetzelfde verhaal. ( In de beruchte Abu Ghraibgevangenis nabij de Iraakse hoofdstad Bagdad, was Lynndie England twaalf jaar geleden een van de Amerikaanse soldaten die gevangenen seksueel vernederde en misbruikte, onder bedreiging van elektrocutie.)

Die getalsverhouding gaat veranderen, verwacht Smeulers. 'Een toenemend aantal vrouwen sluit zich aan bij extremistische organisaties en kunnen als soldaat aan de slag bij nationale legers. Met als gevolg dat er waarschijnlijk steeds meer vrouwen zullen zijn die wreedheden begaan in grootschalige conflicten. Dat is de andere kant van de emancipatie.'

Sajida al-Rishawi in een gevangeniscel in Amman. Foto ANP

Sajida al-Rishawi

De vorige maand in Jordanië geëxecuteerde Sajida al-Rishawi werd in november 2005 gearresteerd en tot de doodsstraf veroordeeld voor haar aandeel in een zelfmoordaanslag in een hotel waarbij 56 bruiloftsgasten omkwamen. Het bomvest van haar man explodeerde, haar explosieven kreeg ze niet aan de praat. De Iraakse vrouw maakte deel uit van een terroristische cel van Al Qa’ida in Irak. Familieleden bekleedden hoge posities van de terreurorganisatie. Haar doodvonnis werd begin februari uitgevoerd, als wraak op de levende verbranding van een Jordaanse piloot door IS.

Minderheid

De conclusie van criminologe Smeulers is belangrijk, omdat die een einde maakt aan de 'simplificatie' dat in oorlogen mannen daders zijn en vrouwen slachtoffers, zegt Solange Mouthaan. Zij is hoogleraar aan de universiteit van Warwick in Engeland en gespecialiseerd in sekse- gerelateerd geweld en internationaal recht. 'Of iemand in grote gewelddadige conflicten wreedheden begaat, is afhankelijk van zijn omstandigheden en positie, niet van sekse.'

Vrouwelijke oorlogsbeulen zijn getalsmatig wel ver in de minderheid, maar dat heeft een sociaal-maatschappelijke oorzaak, stelt criminologe Smeulers: de ondervertegenwoordiging van vrouwen in instituties als het leger en de politiek, en zeker in verantwoordelijke posities. Dat verklaart dat van alle ruim 280 oorlogsmisdadigers die de afgelopen decennia voor het Internationale Strafhof en oorlogstribunalen zijn veroordeeld, maar twee vrouw zijn: de Rwandese politica Pauline Nyiramasuhuko, mede-aanstichter van de genocide, en Biljana Plavsic, in de jaren '90 Bosnisch-Servische president en verantwoordelijk voor etnische zuiveringen tijdens de burgeroorlog in het voormalige Joegoslavië, waarbij zeker 50 duizend niet-Serviërs omkwamen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.