NieuwsConcurrentie wilde bijen

Vrees voor verdrukking wilde bijen door toename honingbijen

Het aantal imkers in Nederland is de laatste jaren snel gegroeid. Daarmee neemt ook het aantal honingbijen toe. Wetenschappers zijn bezorgd over de gevolgen van die opmars. Ze vrezen dat wilde bijen verdrongen worden door hun gedomesticeerde familieleden.

Stadsimker Daan Hak tussen zijn bijen.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

De honingbij, die door imkers wordt gehouden, is slechts een van de ongeveer 300 bijensoorten die nu in Nederland voorkomen.  Zo'n 55 soorten zijn al verdwenen en circa 70 soorten worden in hun voortbestaan bedreigd. De achteruitgang van de natuur, de intensivering van de landbouw en het daarmee gepaarde gebruik van bestrijdingsmiddelen spelen een belangrijke rol in de neergang. Door de groeiende populariteit van het imkeren hebben wilde bijen er een probleem bij. De honingbij dreigt een geduchte concurrent te worden voor de wilde bijensoorten.

Een volk honingbijen bestaat uit tienduizenden individuen. De meeste wilde bijen leven daarentegen solitair, zegt Koos Biesmeijer, bijenexpert en wetenschappelijk directeur van Naturalis Biodiversity Center. ‘Dat zijn alleenstaande moeders, die af en aan vliegen om nectar te halen voor hun larven. Die kunnen nooit op tegen de efficiëntie van een bijenvolk. Bovendien worden honingbijen door imkers bijgevoerd, terwijl wilde bijen helemaal alleen de winter moeten zien door te komen.’

Vorig jaar boog een groep Spaanse biologen zich over de concurrentiestrijd tussen honingbijen en wilde bijen. Zij toonden met een experiment op Tenerife aan dat honingbijen hun wilde familieleden verdrukken in de jacht op voedsel. Biesmeijer: ‘Hoewel de omstandigheden op Tenerife anders zijn dan in Nederland, geeft het wel aan dat we er op moeten letten.’

Op sommige plekken in Nederland lijkt het imkeren uit de hand gelopen. In de Biesbosch bijvoorbeeld. Vorige zomer trok de boswachter daar aan de bel. Hoewel het aantal kasten in het gebied zelf gereguleerd is, hadden imkers honderden kasten net buiten het bos geplaatst. Bij Staatsbosbeheer maakten ze zich zorgen, want al die honingbijen kapen de nectar en stuifmeel weg voor de voelsprietjes van wilde bijen.

Een bijenvolk van Daan Hak, de bij met de groene stip is de koningin.Beeld Raymond Rutting / de Volkskrant

Om te achterhalen waar de grootste knelpunten zitten, riep Biesmeijer de nationale bijentelling in het leven, naar voorbeeld van de vogel- en de vlindertelling. Vorige maand deden meer dan 10 duizend mensen mee aan de derde telling. Biesmeijer: ‘Het is nu nog te vroeg om aan de hand van deze data te achterhalen waar wilde bijen vooral in de problemen zitten, maar interessant is wel dat de data lijken te weerspiegelen waar imkers hun kasten plaatsen.’

Een uitschieter was Noord-Beveland, een gemeente in Zeeland. Daar was gemiddeld 65 procent van de getelde bijen een honingbij. In de grote steden schommelde dat aandeel rond de 20 procent. Biesmeijer: ‘Of wilde bijen daar in de verdrukking komen ligt aan het voedselaanbod. Zie het als een buffet. Als daar genoeg eten is, gaat niemand met honger naar huis.’

‘De kans is groot dat het buffet op veel plekken uit balans is, want eigenlijk is de dichtheid van honingbijen overal in Nederland onnatuurlijk hoog’, zegt Biesmeijer. ‘Uit de literatuur blijkt dat wilde bijen bijna altijd te lijden hebben onder deze invasie. Gelukkig zijn er planten die niet toegankelijk zijn voor honingbijen. Bloemen zoals dovenetel of akelei bijvoorbeeld. Die bevatten veel nectar maar zijn voor honingbijen te diep, terwijl hommels er wel bij kunnen.

Door met de dieetwensen van wilde bijen rekening te houden, kunnen gemeentes en tuinbezitters zeldzame soorten bijstaan. Om dat makkelijker te maken werkt Biesmeijer aan de Bloeiboogwijzer. Daarin staat wanneer verschillende soorten vliegen, welke bloemen ze bezoeken en wanneer die bloemen bloeien. 

Maar ook zonder Bloeiboogwijzer kunnen tuiniers en balkonbezitters wilde bijen een handje helpen, zegt Biesmeijer. ‘Zie af van giftige bestrijdingsmiddelen, zorg dat er van de lente tot de herfst bloemen in de tuin of op het balkon te laten staan en zorg voor plekken waar bijen eitjes kunnen leggen, door bijvoorbeeld een bijenhotel te plaatsen.’

Stadsimker

Bij Daan Hak (24) wonen 400 duizend bijen op het dak. Dagelijks vliegen zij af en aan om nectar verzamelen in straten en op binnenplaatsen in Rotterdam-Noord. Hak is een van de 10 duizend imkers in Nederland.

Hoe ben je begonnen als imker?
‘Toen ik op een volkstuin in gesprek raakte met een imker was ik verkocht. Mijn eerste bijenvolken stonden op het dak van het huis van mijn ouders. Mijn moeder stelde daarvoor als enige voorwaarde dat ik op cursus ging bij de Nederlandse Bijenhouders Vereniging (NBV). Dat is nu bijna tien jaar geleden. Inmiddels heb ik kasten in Rotterdam-Noord en Capelle. Liefhebbers kunnen volken adopteren, ze delen dan mee in de honingopbrengst.’

Wat maakt imkeren zo’n mooi ambacht?
‘Het selecteren van de goede koninginnen en daarmee fokken is het leukste aspect van het imkeren. De bijen waarmee ik werk zijn buckfastbijen. Alle bijen die men in Europa houdt zijn van dezelfde soort, de Apis mellifera. In verschillende landen komen verschillende ondersoorten voor. De buckfastbij is een kruising van enkele ondersoorten. Het zijn lieve bijen die rustig blijven zitten als ik de kasten openmaak. Daardoor hoef ik meestal geen beschermende kleding aan. Ik wil mensen laten zien dat bijen helemaal geen enge dieren zijn.’

Niet eng voor ons, kennelijk wel voor wilde bijen.
‘Onderzoeken zoals die in Tenerife tonen inderdaad aan dat honingbijen wilde bijen kunnen verdrukken. Maar alles is anders op dat eiland: het klimaat, de plantensoorten en de bijensoorten. Honderden bijenvolken in een klein natuurgebiedje zoals de Biesbosch lijkt me ook geen goed idee. Een paar imkers in de stad hoeft geen probleem hoeft te zijn voor de wilde bij.’

Wat maakt de stad geschikt om honingbijen te houden?
‘De stad kan juist een heel goed habitat zijn voor bestuivers. Hier in Rotterdam-Noord staan de straten vol met lindebomen, hazelaars en kastanjes. Elke maand bloeit er wat anders. Daarnaast proppen veel tuineigenaren hun kleine stukjes groen vol met bloemen. Kijk naar mijn bijenhotels, waarin wilde metselbijen eitjes hebben gelegd. Ze lijken niet echt last te hebben van alle honingbijen op het dak.’

Lees meer over bijen

Help de bijen in de achtertuin.

De honingcowboys van de Biesbosch.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden