De week in wetenschap Irritante beestjes

Voor je het weet, is de horrorteek weer vergeten

Geniet nog maar even van alle verhalen over horrorteken en plunderende parkieten. Het kan zo weer voorbij zijn.

Halsbandparkieten vliegen door Den Haag op weg naar hun slaapplek in de bomen op het eiland in de Hofvijver. Beeld ANP

Het piept, tjilpt, knaagt, zuigt, fladdert, krioelt en knabbelt deze zomer in Nederland. Waar de een zucht onder het jeukende juk van de eikenprocessierups, staat de ander stijf van angst door de opmars van een horrorteek die zijn prooi tientallen meters gericht kan achtervolgen. En wat te denken van de gevreesde schorskever die, over de grens in Duitsland, de Brandenburgse bossen langzaam maar zeker tot zaagsel knaagt?

Deze week voegden we aan die almaar uitdijende lijst onhebbelijke dieren alweer een nieuw exemplaar toe. Rik Kuiper liep mee met een fruitteler die knettergek wordt van ‘de groene wolf in schaapskleren’, zoals De Telegraaf het omschreef: de halsbandparkiet. Met zijn kromme snavel reduceert hij sappige appels tot onverkoopbare bruine schimmelhoopjes, en niemand die er iets aan kan doen. 

Dergelijke verhalen stemmen tot introspectie. Want in deze biologische krimi klemt één soort de spreekwoordelijke ‘smoking gun’ stevig in zijn kale knuistje met opponeerbare duim. Inderdaad: de mens. Het zijn immers onze huisdieren die zich uit hun kooitjes en aquaria wurmen en vervolgens de wijde natuur koloniseren. En het is ons gedraai aan de thermostaat van het klimaat dat ervoor zorgt dat dieren als de reuzenteek en de tijgermug vaste voet aan de opwarmende grond krijgen.

Op de vraag hoe erg dat is, geeft de exacte wetenschap geen antwoord. De biologie beschrijft en begrijpt, maar velt geen morele oordelen. ‘Instinctief verlangen we allemaal terug naar vroeger, naar de natuur uit onze eigen jeugd’, zegt ecoloog Wieger Wamelink deze week in de podcast bij het verhaal van Jan van Aken voor onze zomerverhalenserie ‘Dit is de toekomst’. Maar tegelijkertijd bestaat er niet zoiets als een ‘pure’ natuur, een ecologisch nulpunt waaraan we ons morele oordeel kunnen ijken. De natuur verandert continu, net zoals levende wezens dat doen.

Bovendien blijken de voorpaginaplagen van vandaag vaak de vergeten diersoorten van morgen. Wie kent nog de faraomier, die in de jaren zestig en zeventig complete flatgebouwen terroriseerde, maar door een combinatie van effectieve bestrijding en toenemende hygiëne tegenwoordig steeds minder vaak opduikt? Of neem nu de Amerikaanse stierkikker, ‘het twintig centimeter grote beest dat een geluid maakt als een amechtige koe’, zoals Het Parool schreef in een bericht uit 1990. Het Wereldnatuurfonds maakte zich destijds ‘grote zorgen’ over het dier, dat inheemse amfibieën de kop zou kunnen kosten. Maar na een ‘uitroeiingsactie’ tussen 2010 en 2015 is de kikker niet meer in Nederland waargenomen, zo meldde de Voedsel- en Warenautoriteit afgelopen februari.

Geniet dus nog maar even van die horrorverhalen over reuzenteken en knagende schorskevers. Over twintig jaar treft hen wellicht hetzelfde lot als de Aziatische korfmossel, waaraan Trouw in 1993 nog een halve pagina wijdde. De gevreesde diertjes halen dan alleen nog de krant als illustratief voorbeeld in een beschouwend tekstje over de wispelturigheid van Moeder Natuur.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden