Vergeet Mulisch, lees een raptekst van Zo Moeilijk

Vocabulaire van Zo Moeilijk en Opgezwolle blijkt bijzonder rijk

De rappers van Zo Moeilijk en Opgezwolle hebben het grootste vocabulaire in de Nederlandse taal, binnen het genre van de nederhop.

Foto Marcel van den Bergh

'Yo, ik zeg je eerlijk: ik ben een laatbloeier, ik vind het heerlijk, een goeie laten groeien, een lelijk eendje, vaak in zijn eentje vroeger, uitgegroeid tot de niceste, flyste, vogel in de sky' rapt Rosco van Zo Moeilijk in Laatbloeiers. Drie taalkundigen berekenden dat het Nijmeegse raptrio het grootste vocabulaire van alle nederhoppers heeft, groter zelfs dan Harry Mulisch.

De Nijmeegse rapformatie Zo Moeilijk scoort op 'uniek woordgebruik' (het gebruik van verschillende woorden) hoger dan Mulisch in zijn roman De ontdekking van de hemel, zo blijkt uit een berekening van drie Nederlandse onderzoekers.

Directe aanleiding voor hun studie is een onderzoek dat de Amerikaanse data-onderzoeker Matt Daniels recentelijk uitvoerde. 'Hij besloot het vocabulaire van hedendaagse rappers te bekijken, vanuit het uitgangspunt dat literatuurliefhebbers Shakespeare altijd roemen om zijn grote vocabulaire', zegt Vivien Waszink van het Instituut voor de Nederlandse taal, een van de onderzoekers.

In de studie van Daniels scoorden rappers als 50 Cent, Drake en DMX het laagst. Namen als GZA en Aesop Rock overtroffen zelfs Shakespeare en een klassieker als Moby Dick van Herman Melville op uniek woordgebruik.

Om het onderzoek op Nederlands taalgebied uit te voeren vergeleken Waszink en haar collega-taalkundigen Alex Reuneker (Universiteit Leiden) en Ton van der Wouden (Meertens Instituut) het werk van ruim dertig Nederlandstalige rappers. Als literair vergelijkingsmateriaal gebruikten ze De ontdekking van de hemel van Harry Mulisch uit de jaren negentig (de eerste hoogtijdagen van de nederhop), het onlangs verschenen Peachez van Ilja Leonard Pfeijffer, en twee klassiekers: Eline Vere van Louis Couperus en Multatuli's Max Havelaar.

Lexicale diversiteit

Om de nederhopteksten zo goed mogelijk te kunnen vergelijken, haalden de onderzoekers alle teksten uit één bron, de muzieksite Genius. Ze vergeleken bij alle artiesten en schrijvers vierduizend woorden op uniek gebruik. Een zin als 'Als je bitch wil chillen, is het geen probleem' telt in dat geval negen unieke (lees: verschillende) woorden.

Met name tot verdriet van Waszink vielen een aantal prominente nederhoppers af omdat er niet genoeg teksten online te vinden waren (DuvelDuvel) of vanwege het consequent samenwerken met andere rappers (Lil' Kleine).

De onderzoekers maakten een visuele representatie van de 'lexicale diversiteit' (het delen van het aantal unieke woorden door het totaal aantal woorden) van de onderzochte nederhoppers. Onderaan bungelen SBMG, Gers Pardoel, Sef. Ook een grote naam als Ronnie Flex scoort niet erg hoog. Bovenaan staat Pfeijffer met 1.480 unieke woorden, maar dan volgt de eerste verassing: Zo Moeilijk scoort met 1.393 beter dan Mulisch (1.366) en Couperus (1.352).

Geen kwalitatieve conclusies

Waszink vindt het belangrijk om te benadrukken dat ook in de teksten van rappers met een minder gevarieerde woordenschat even goed grappig en spitsvondig kunnen zijn. Rapper Henkie T. van hekkensluiter SBMG heeft 'grote doelen als een keeper' en samen met zijn collegarapper Chivv verzekert hij een meisje: 'Babygal (babygirl) ik weet het zeker, maak je losser dan een veter'.

De onderzoekers zijn de eersten om toe te geven dat een grote woordenschat niet zaligmakend is of hét bewijs van een literaire prestatie. 'Toch zegt het iets over de kennis of beheersing van de taal', zegt Waszink - de fervente hiphopliefhebber van het drietal die in 2013 al een boek over het taalgebruik in de nederhop (Woord!) publiceerde.

Dat de taalkundigen gekozen hebben om rapteksten naast literaire klassiekers te leggen, vindt Tiziano Perez, directeur van het Letterenfonds, niet vreemd. 'Als Bob Dylan de Nobelprijs voor de Literatuur mag winnen, zie ik niet in waarom je hiphopteksten niet op hun literaire merites mag beoordelen.' De verwantschap met name met poëzie is groot, zegt Perez. 'Qua taalbehandeling, ritme, metriek en klank. Je ziet dat de twee groepen elkaar op het podium ook steeds meer opzoeken, bijvoorbeeld bij poetry slams.'

Perez plaatst overigens, net als de onderzoekers, een duidelijke kanttekening bij het meten van een vocabulaire. 'Het zegt uiteraard iets over taalcreativiteit, maar als criterium voor literaire kwaliteit is het discutabel. Anders zou het woordenboek als belangrijkste literaire werk naar voren komen, tenslotte.'

De berekening is te lezen op het platform neerlandistiek.nl.