analyseBesmettingsduur corona

Twijfels na corona: hoelang blijf je besmettelijk?

Beeld Joren Joshua

Duizenden Nederlanders krijgen wekelijks te horen dat ze corona hebben. Maar wanneer mag iemand weer naar het werk of school? De twijfel bij herstellende coronapatiënten is groot, want: hoelang blijf je een risico voor anderen? 

Eindelijk, al meer dan een dag niet meer verkouden. Het is een dinsdagochtend als de Amsterdamse filosofiestudent Lotus Friede (20) wakker wordt en zich stukken beter voelt. Een positieve ontwikkeling na een coronavirusbesmetting, maar voor Friede begint juist nu een spannende periode.

Want hoewel de GGD-brief stelt dat je na zeven dagen isolatie en 24 uur zonder coronaklachten weer naar buiten kunt zonder anderen te besmetten, voelt Friede zich daar allesbehalve zeker over: ‘Ik was bang. Wat als het morgen toch terugkomt? Is het virus al echt weg? Kan ik mijn oma en opa al bezoeken?’ Immers, haar reuk- en smaakvermogen is ook nog niet helemaal teruggekeerd. De eerste dagen spreekt Friede enkel in de openlucht af, uit angst om anderen te besmetten. Ook haar omgeving reageert terughoudend. ‘Ik zou naar een werkweekend van de studentenraad gaan, maar daar mocht ik voorlopig niet naartoe.’

Een groot deel van de ruim 3.500 Nederlanders die wekelijks te horen krijgen dat ze het coronavirus hebben, moet binnenkort dezelfde afweging maken: wanneer kan ik mijn dagelijks leven weer hervatten? De twijfel kan snel toeslaan, zeker wie internet raadpleegt en ontdekt dat de richtlijnen per land verschillen. Zo moeten mensen in de Verenigde Staten langer in isolatie: minstens 10 dagen. Dat is ook de regel in Duitsland, waar ook nog eens geldt dat je liefst 48 uur klachtenvrij moet zijn. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) gaat voor een ruimere marge met een klachtenvrije periode van 3 dagen voordat mensen weer de deur uit mogen.

Bovendien: wat is precies klachtenvrij? Een telefoontje naar de GGD levert geregeld verschillende antwoorden op, blijkt uit ervaringsverhalen van patiënten. De ene keer mag een kuchje écht niet, de andere keer wel. Patiënten die nog steeds reuk- en smaakverlies of vermoeidheid ervaren, krijgen tot hun verrassing te horen dat die symptomen geen besmettingsgevaar vormen.

De Amsterdamse student Lotus Friede herstelde van corona, maar was nog lang bang dat ze anderen zou besmetten.Beeld Lotus Friede

Wanneer het besmettelijkst?

Duidelijk is in elk geval dat mensen het besmettelijkst zijn rond het moment dat ze klachten krijgen, zegt Jeroen van Kampen, klinisch viroloog van het Erasmus MC in Rotterdam. Nadat iemand zich heeft gemeld met koorts, hoesten of andere symptomen, zien onderzoekers alleen nog maar dalende grafieken: het aantal besmettelijke virusdeeltjes heeft dan dus al gepiekt. En bij de meeste covid-19-infecties lijkt het na een ongeveer een week wel gedaan met de besmettelijkheid, soms eerder en soms iets later. Daarop wijst onder meer Van Kampens eigen ziekenhuisonderzoek en een veel aangehaalde Duitse studie in het tijdschrift Nature. Het zijn deze studies waarnaar ook de officiële overheidsadviezen verwijzen.

Maar dan komen de onzekerheden. Neem alleen al het begin van de besmettelijke periode. Hoewel uit bron- en contactonderzoek blijkt dat besmettingen kunnen plaatsvinden vóór iemand symptomen vertoont, heeft geen enkele studie onomstotelijk kunnen vaststellen hoeveel dagen van tevoren mensen al virusdeeltjes rondstrooien. Dat komt, vertelt Van Kampen, doordat mensen zonder klachten vaak te laat op de wetenschappelijke radar verschijnen.

Een onderzoeksgroep uit Hongkong probeerde de besmettelijke periode rekenkundig te schatten, maar omdat dat een computersimulatie betreft, blijft het volgens viroloog Van Kampen gissen of het overeenkomt met de realiteit. Ook de WHO stelt nog in het duister te tasten hoe belangrijk besmettelijkheid vóór de symptoomperiode precies is: zo berekent de ene studie dat slechts 6 procent van alle besmettingen in die periode plaatsvindt, maar een andere stelt dat het ook 44 procent kan zijn.

Uit dezelfde schattingen blijkt dat zodra iemand geïnfecteerd raakt, het virus zo snel mogelijk begint te vermenigvuldigen tot het na enkele dagen vóór de symptomen besmettelijke niveaus bereikt. Juist omdat de besmettelijkheid zo snel piekt zodra er klachten opduiken, moeten mensen zo snel mogelijk naar de teststraat zodra ze een teken van klachten opmerken, benadrukten onderzoekers van het UMC Utrecht eerder.

Wanneer is de besmettelijkheid voorbij?

Waar de staart van de besmettelijke periode precies eindigt voor thuis uitziekenden is lange tijd een openstaande vraag geweest. De bekendste studie daarover is het eerdergenoemde Duitse onderzoek, en die stamt alweer uit april. Van de slechts 9 proefpersonen bleef een enkeling tot wel 10 dagen besmettelijk, maar vanwege het kleine deelnemersaantal kon dat een toevallige uitschieter zijn.

Toch besloten onder meer Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten met die kennis de isolatieperiode van 7 dagen te verlengen naar 10 dagen. Het RIVM bleef bij 7 dagen. Dat landen op basis van die studie verschillende isolatieperioden hanteren, vindt klinisch viroloog Van Kampen niet gek. ‘Als het allemaal kristalhelder zou zijn, zou iedereen hetzelfde doen.’

Maar een gloednieuw Brits onderzoek bevestigt inmiddels dat veel mensen langer dan een week na de eerste klachten infectieuze virusdeeltjes verspreiden, ook als ze slechts mild ziek zijn. Op de 8ste dag – het eerste moment waarop mensen volgens de RIVM-richtlijn uit isolatie mogen – ademt bijna 14 procent nog besmettelijke virusdeeltjes uit. Dat wil zeggen: virus dat in het laboratorium gekweekte cellen kan infecteren. 

Na de 10de dag is het echt voorbij met de besmettelijkheid, blijkt uit de resultaten die in het epidemiologisch tijdschrift Eurosurveillance zijn verschenen. Overigens blijkt ook dat personen zonder symptomen evenveel infectieus virus verspreiden als mensen met klachten.

‘Deze studie ziet er goed uit’, reageert arts-infectieziektenbestrijding Sabine Bantjes van het RIVM. Of het instituut daarmee de isolatieperiode verlengt van 7 naar 10 dagen, kan ze nog niet zeggen. ‘Het is zeker iets dat we moeten meenemen om te kijken of er een heroverweging van de richtlijn nodig is. Maar dat gaat niet op stel en sprong.’

De RIVM-richtlijn is overigens al strenger voor ernstig zieke personen die op een verpleegafdeling liggen: zij moeten 14 dagen in isolatie. Dat rijmt met Van Kampens onderzoek bij patiënten in het Erasmus MC, van wie de meesten ongeveer twee weken besmettelijk blijken. Vaak houden ze nog langer klachten, maar met een precieze virusdeeltjes-telling en antistoffentest in het ziekenhuis wil Van Kampen ze eerder uit isolatie uit halen. ‘In isolatie liggen is zwaar. Als je mensen daaruit kunt halen, dan zijn ze niet meer omringd met al dat plastic en mensen in maanmannetjespakken.’

Wat is het best om te doen?

Voor thuiszitters bestaat er helaas geen handige test om na te gaan of je nog besmettelijk bent. Nog een keer naar de teststraat met dat laatste kuchje? Dat heeft geen zin, want de test slaat aan op elk restje virus dat nog in het lichaam rondwaart, ook deeltjes die de afweer al onklaar heeft gemaakt. ‘Eigenlijk moet je slijm afnemen en het virus proberen te laten groeien in kweekcellen’, zegt Van Kampen. ‘Nou, dat kan alleen in speciaal beveiligde labs en het duurt zeker zeven dagen voordat je kunt zien of het virus zich in die cellen nestelt. Tegen die tijd heeft het weinig zin meer.’

Een afkoelperiode waarin je zelf in de gaten houdt of je geen klachten meer hebt, is dan praktischer. Of dat nou 24 of 48 uur moet zijn, of zelfs drie dagen zoals de Wereldgezondheidsorganisatie voorschrijft, is volgens klinisch viroloog Mariet Feltkamp van het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC) eveneens een kwestie van welke veiligheidsmarge een overheid neemt. ‘De medische redenatie erachter is in ieder geval logisch. Op het moment dat het virus zich het snelst vermeerdert en de meeste schade aanricht, voel je je het slechtst. Als de klachten stoppen, mag je aannemen dat het virus zich ook niet meer vermenigvuldigt en je dus niet meer besmettelijk bent.’

Rest de vraag: welke klachten mogen dan nog wel of niet voor de isolatie eindigt? Waar de GGD-brief stelt dat je als patiënt 24 uur gewoon ‘klachtenvrij’ moet zijn, maakt de RIVM-richtlijn uitzonderingen in de kleine lettertjes. Acute covid-19-klachten, veroorzaakt doordat het virus nog door het lichaam raast, moet je tijdens de isolatie in de gaten houden. Dat zijn volgens de richtlijn koorts, diarree, spierpijn, keelpijn, benauwdheid of neusverkoudheid; wie daar geen last meer van heeft kan volgens de richtlijn de deur uit. Andere symptomen, zoals vermoeidheid of reuk- en smaakverlies, hebben wat meer hersteltijd nodig, ook als het virus allang weg is.

En wat met die vermoeidheid?

Hoe zit het met de langer aanhoudende vermoeidheid, waar mensen weken- of zelfs maandenlang last van houden, of dat ene kuchje? Dat patiënten niet van elke GGD-telefonist precies dezelfde antwoorden krijgen, is volgens woordvoerder Martijn van Triest niet verrassend. ‘Medisch advies is maatwerk. Dan kun je bij twijfelgevallen verwachten dat het accent soms anders wordt gelegd. Maar we volgen de RIVM-richtlijn zoveel mogelijk.’ 

Wie bijvoorbeeld astma heeft en sowieso weleens hoest, kan het advies krijgen om die klacht te negeren en naar buiten te gaan. Het advies is juist weer strenger voor mensen met een zwakkere weerstand. Die doen er langer over om het virus weg te werken en daarom schrijft de GGD voor, ook per brief, dat zij minstens 14 dagen in isolatie moeten blijven nadat ze ziek zijn geworden.

Filosofiestudent Lotus Friede is inmiddels – 6 dagen nadat haar covid-klachten zijn verdwenen – bij haar ouders op bezoek geweest. Buiten op de camping, dat wel. ‘Ik gaf mijn moeder een knuffel. Dat besluit je samen.’ Ze is opgelucht dat er niemand in haar omgeving besmet is geraakt sinds ze weer contact legt met anderen. ‘Maar mijn oma en opa durf ik nog steeds niet te bezoeken.’

Hoeveel virus moet je binnenkrijgen om besmet te raken?

Zelfs als personen eenmaal besmettelijke hoeveelheden coronavirus uitademen, -niezen of -zingen, moet een ander persoon genoeg van die druppels vol virusdeeltjes inademen om ook besmet te raken. Wetenschappers tasten nog in het duister over hoeveel virusdeeltjes er minimaal nodig zijn voor een infectie, zegt viroloog Lia van der Hoek, universitair hoofddocent bij het Amsterdam UMC. ‘Er zijn, denk ik, minder deeltjes nodig dan bij de milde verkoudheidscoronavirussen die we al jaren kennen. Het lukt ons nauwelijks om die verkoudheidsvirussen in kweekcellen te laten groeien, terwijl het nieuwe virus makkelijk te kweken is.’

Maar die laboratoriumsituatie zegt weinig over wat er tussen mensen moet gebeuren voor een overdracht, zegt virologiehoogleraar Eric Snijder van het LUMC. ‘Je zou opzettelijk mensen moeten gaan infecteren met een heel lage dosis.’ Onethisch, en dus geen optie. En van de besmettingen op de winkelstraat of in de bus valt volgens Snijder ‘natuurlijk nooit te achterhalen hoeveel virus er is geweest’.

Schattingen op basis van besmettingsmomenten tussen hamsters, fretten, muizen en aapjes zijn er wel, maar ook die geven geen indicatie van wat er bij mensen gebeurt, zegt viroloog Van der Hoek. ‘Mensen zijn veel gevarieerder dan de afgepaste stambomen van proefdieren.’

Bovendien is er om die reden niet één drempelwaarde aan te wijzen, vindt de viroloog. ‘Het hangt ook af van de persoon die ze inademt. Iemand met een verzwakte afweer kan heel bevattelijk zijn voor een paar druppels met honderden virusdeeltjes, terwijl de ander er duizenden of zelfs meer voor nodig heeft om besmet te raken.’

Lees ook

Externe deskundigen: ‘Tweede Kamer krijgt nu te veel adviezen over coronabeleid’
Externe deskundigen hebben het coronabeleid tot dusver onder de loep genomen. Minister Hugo de Jonge van Volksgezondheid stuurt deze week de resultaten naar de Tweede Kamer: honderden pagina’s met adviezen. ‘Er bestaat geen silver bullet.’

Testcapaciteit voor corona wordt uitgebreid, minister schakelt hulp Duitsers in
De capaciteit voor coronatesten wordt de komende maanden flink uitgebreid. Hugo de Jonge heeft daarover een principe-overeenkomst gesloten met een groot Nederlands-Duits laboratoriumconsortium. In de loop van september kunnen daardoor tienduizend testen per dag meer worden afgenomen, tot mogelijk 44 duizend extra per dag.

Deze acht grafieken vertellen het verhaal van een halfjaar corona het best
Het is ruim een halfjaar geleden dat in Tilburg voor het eerst bij een Nederlandse patiënt het nieuwe coronavirus werd vastgesteld. Wat hebben we sindsdien geleerd? Een rondgang langs enkele van de opmerkelijkste inzichten, aan de hand van acht wetenschappelijke plaatjes.

Op bezoek bij de Zweedse Jaap van Dissel: ‘Te vroeg om te zeggen of onze strategie succesvol is’
Terwijl de wereld in lockdown ging, bleef Zweden open. Die zachte aanpak lijkt nu te werken: het aantal besmettingen neemt drastisch af. Maar blijft dat zo? Niemand weet het zeker. ‘De situatie is heel precair.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden