Nieuws Windmolenpark

Straks misschien in de winkel: Noordzeekreeft uit het windmolenpark

Vissen overleven beter tussen windmolenparken op zee. Beeld Pauline Marie Niks

Door de uitbreiding van windparken zien vissers hun jachtterrein in de Noordzee kleiner worden. Wageningen Universiteit onderzoekt of er ter compensatie krab en kreeft kan worden gevangen bij windmolens.  

De Noordzee wordt steeds kleiner. Scheepvaartroutes, ankerplaatsen, olie- en gasinstallaties, zandwinningsgebieden, natuurreservaten en vooral ook windmolens beperken de ruimte waar Nederlandse vissers hun netten kunnen uitgooien. Halverwege deze eeuw nemen windparken mogelijk een kwart van het Nederlandse deel van de Noordzee in beslag. ‘Het wordt straks vissen op een postzegel’, kreunen vissers in Scheveningen, Katwijk, IJmuiden en Urk.

Het almaar nijpender ruimtegebrek vergroot de druk op de visserijsector, die toch al gebukt gaat onder dure aanpassingen om milieuvriendelijker te vissen, het verbod op de pulsvisserij, stijgende brandstofprijzen en het schrikbeeld van een Brexit die het vissen in Britse wateren onmogelijk kan maken. Windmolens mogen Nederland voorzien van duurzame energie, bij de vissers zijn ze niet populair. ‘Het lijkt wel alsof ze expres op visgronden zijn geplaatst’, verzucht een medewerker van een visserijbedrijf.

Om het windmolenleed te verzachten wordt gezocht naar mogelijkheden om de visserij een ander perspectief te bieden. Wetenschappers van de Wageningen Universiteit gaan samen met enkele vissers, energiebedrijf Eneco en onafhankelijke deskundigen onderzoeken of windparken kunnen worden opengesteld voor vormen van visserij. Ze gaan kijken of medegebruik van een windmolenpark ecologisch haalbaar, veilig en rendabel kan zijn.

Windparken waren verboden terrein voor vissersschepen totdat het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat vorig jaar de regels aanpaste. Kleine schepen – tot 24 meter lengte – mogen in bestaande en toekomstige parken varen en daar activiteiten ontplooien die de zeebodem niet verstoren. Dat maakte de weg vrij om uit te zoeken of tussen de turbines veilig kan worden gevist en of er met de vangst winst kan worden gemaakt.

Het onderzoek – Win-wind gedoopt – richt zich op het vangen en exploiteren van krab en kreeft. Deze schaaldieren kunnen worden gevangen met potten en kooien die op de bodem worden geplaatst. Tussen de molens met sleepnetten vissen op kabeljauw, tong of schol blijft taboe. Het risico dat een elektriciteitskabel door vistuig wordt stukgetrokken is te groot. Ook het gebruik van staande visnetten is nog niet aan de orde.

Locatie van het proefproject wordt mogelijk windpark Prinses Amalia, een van de parken van Eneco. Het ligt 23 kilometer uit de kust bij IJmuiden. ‘We stellen ons coöperatief op’, zegt Sytske van den Akker, als marien bioloog werkzaam bij Eneco. ‘Ook wij zien dat door bestaande en geplande windparken minder ruimte overblijft. We willen kijken welk medegebruik op verantwoorde wijze mogelijk is. Dat zou kunnen met passieve vormen van visserij, zoals het vangen van krab en kreeft. Maar we willen zekerheid. Onze grote angst is dat een hoogspanningskabel kapot wordt getrokken. Dat heeft enorme financiële gevolgen.’

Beeld de Volkskrant infographics

Grote vraag voor onderzoeksleider Marcel Rozemeijer, verbonden aan Wageningen Marine Research, is of er tussen de palen van de windturbines genoeg krabben en kreeften te vangen zijn om ermee te verdienen. Gaan die schaaldieren zich massaal vestigen in de gaten en kieren tussen de stenen die aan de voet van de palen zijn gestort? En als ze er zitten, laten ze zich dan ook vangen buiten de veiligheidszone van 50 meter rond de palen die vissers in acht moeten nemen?

Rozemeijer: ‘Het ziet er hoopgevend uit, maar het is geen uitgemaakte zaak. Vooral populaties van kreeften zijn kwetsbaar. Als ze nog jong zijn, dan zijn ze een geliefde prooi voor roofdieren. Het duurt minstens vier jaar voordat ze een vangbare lengte hebben bereikt. Hoe vaak we per jaar kunnen oogsten weten we nog niet. Het verdienmodel wordt waarschijnlijk krab met kreeft als kers op de slagroom.’

Vaak wordt aangenomen dat windparken een walhalla zijn voor vissen en andere zeedieren omdat ze tussen de turbines niet worden gestoord door de visserij. De stenen die dienen als bodemversteviging rond de palen vormen een ideale schuil- en aanhechtingsplek voor bodemdieren. Windparken zouden een oase van biodiversiteit vormen op de saaie, zanderige Noordzeebodem. Of dat echt zo is, weten we niet, zegt Kees Taal, manager bij een Schevenings visserijbedrijf dat meewerkt met het onderzoek. ‘Obstakels op de bodem trekken in principe vissen aan, maar misschien blijven ze juist weg door het geluid van de turbines of door elektromagnetische straling. Als onze schepen in de buurt van een windpark varen zien we geen vis op de monitors. Ook van Engelse vissers horen we dat ze in windparken geen vis vangen.’

Vissen hebben een goede overlevingskans tussen de windmolens die op zee staan. Beeld Pauline Marie Niks

Eneco-bioloog Van den Akker denkt daar anders over: ‘Ik krijg regelmatig meldingen over zeehonden, bruinvissen en aalscholvers in onze windparken. Die dieren eten vis. Vissers zeggen vaak dat er geen vis zit, maar ze willen er wel graag hun netten uitgooien.’

Oase of niet, de onderzoekers gaan kijken of de populaties kreeften in de windparken een handje geholpen moeten worden. Dat kan door eitjes van zwangere kreeften op te kweken aan de wal en de jonkies na enige tijd uit te zetten. De uitgezette dieren kun je opvissen als ze zijn volgroeid. Deze methode wordt in Engeland al met succes toegepast. Het is een aanpak die het midden houdt tussen vissen en kweken.

We doen ook marktonderzoek, vertelt Wim Zaalmink van Wageningen Economic Research. ‘Wat zijn de perspectieven voor de afzet en de opbrengst van de vangst? Wat zijn de voorkeuren van de consument? We gaan kijken of er belangstelling is voor een bepaald label: zoiets als windparkkreeft. Die zal vergelijkbaar zijn met de Oosterscheldekreeft die 40 euro per kilo oplevert. Het is een product waarvoor een markt te vinden kan zijn.’ De krabben, zo kan hij zich voorstellen, kunnen per stuk aan de man worden gebracht of worden verwerkt in bijvoorbeeld soep en sushi.

Met het toestaan van het vangen van krab en kreeft zal het ruimteprobleem van de Nederlandse visserij niet zijn opgelost. Het initiatief kan voor een deel van de visserij uitkomst bieden, zegt Rems Cramer, een gestopte visser en een van de aanjagers van het onderzoeksproject. ‘Het is een niche. Maar als het lukt kan het dienen als voorbeeld. Dan kunnen we laten zien dat er in windparken geld te verdienen valt.’ Het is nu een optie voor slechts enkele vissers, vult Zaalmink aan, maar dat zullen er meer worden naarmate er meer windparken verschijnen. ‘Ik zie het als een voorbeeld van diversificatie van de visserij. Vissers stappen af van de traditionele visserij en zoeken hun eigen pad. Zoals ook in de landbouw gebeurt.’

Johan Schilder, visser in Volendam, zegt dat het vangen van krab en kreeft een welkome aanvulling zou kunnen zijn van zijn inkomen. Het grootste deel van het jaar vist hij met een klein schip op tong, maar dat levert onvoldoende op om rond te komen. Daarom werkt hij als freelancer in de offshore. Momenteel helpt hij bij het opruimen van de containers die onlangs in het Waddengebied overboord zijn geslagen.

Voorzitter Albert Jan Maat van de lobbyorganisatie NetVISwerkt vindt dat de windparken niet alleen moeten worden opengesteld voor het vangen van krab en kreeft, maar ook voor het vissen met passief – niet gesleept – vistuig. ‘Goed dat er onderzoek wordt gedaan, maar daar is het niet klaar mee. Als graan kan groeien onder de windmolens in de veenkoloniën, kan er ook passief vistuig tussen de molens op zee worden neergezet. Met fuiken en stilstaande netten zou op zeeaal, makreel, zeebaars en harder kunnen worden gevist. Dat is hard nodig,  want de kustvisserij staat het water aan de lippen.’

Beeld Pauline Marie Niks

Veelgehoorde klacht is dat de visserijsector niet betrokken is bij de besluitvorming rond het toewijzen van windparken. ‘Er is vooraf geen rekening gehouden met de belangen van de visserij’, zegt Cramer. ‘In Engeland, Denemarken en Frankrijk is dat wel gebeurd. In Engeland is medegebruik van de windparken al ingevoerd – daar mag ook met sleepnetten worden gevist. In Deense wateren zijn de grootste windparken gebouwd in gebieden die minder interessant zijn voor de visserij. Voor een windpark bij Bretagne is afgesproken dat de stroomkabels ruim onder de grond gaan, zodat daar ook met sleepnetten zal kunnen worden gevist.’

Het onderzoek Win-wind loopt tot medio 2021. Dan moet duidelijk zijn of de exploitatie van krab en kreeft in windparken ecologisch en economisch haalbaar is en veilig kan worden uitgevoerd. Vissers hopen dat het niet bij krab en kreeft blijft. Ze willen dat hun stem meetelt bij het aanwijzen en inrichten van nieuwe windparken. Omdat de Noordzee in de woorden van lobbyist Maat nu vooral ‘een feestje voor de energiebedrijven’ is.

Meer windparken in zicht

Op de Noordzee zijn vier windparken actief. Dat zijn: Gemini Windpark (ten noorden van de Wadden), Luchterduinen (voor de kust tussen Noordwijk en Zandvoort), Prinses Amaliawindpark (voor de kust van IJmuiden) en Egmond aan Zee (voor de kust van Egmond). In het gebied Borssele komen in 2020 en 2021 twee windparken. Tussen 2021 en 2023 verschijnen drie windparken op 18 kilometer uit de kust. Tussen 2024 en 2030 zijn enkele windparken verder uit de kust gepland. Volgens sommige scenario’s wordt in 2050 27 procent van het Nederlands Continentaal Plat in beslag genomen door windparken.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.