Sport Biografieën

Sportbiografieën steeds persoonlijker, en die trend zet door

Een biografie over de ‘slechtste voetballer die ooit een profcontract kreeg’? Die verscheen niet zo lang geleden, over de middenvelder van NAC, Gerard den Haan. Maar zo’n sportbiografie, die niet is opgehangen aan sportsucces, was decennialang ondenkbaar, aldus Aad Haverkamp. De historicus promoveerde onlangs aan de Radboud Universiteit. Hij onderzocht zo’n honderd sportbiografieën tussen 1928 en 2014 en ziet daarin duidelijke trends.

1928-1969 – De sporter als ‘gewone held’

‘Een eenvoudige kerel die zijn dochtertjes naar bed brengt en ze onderstopt of een draai om de oren geeft, naargelang het uitkomt.’ Zo wordt wielrenner Wim van Est, de eerste Nederlandse geletruidrager als leider van het algemeen klassement, in 1952 neergezet in de biografie ‘Het verhaal van een sterk renner’. Typerend voor die tijd, zegt promovendus Haverkamp. ‘Men scheef toentertijd naar de krant: waarom huldigen we iemand die alleen maar hard kan rennen of fietsen?’

Aan biografen daarom de uitdaging: wél over de sporter schrijven, máár vooral benadrukken dat het normale, nuchtere, Hollandse mannen en vrouwen zijn. Wereldkampioen judo, Anton Geesink, werd daarom door zijn biograaf in 1962 geprezen omdat hij ‘nimmer vergeten was dat hij eens, óók als een knaapje, uit de kinderwagen was geklommen’.

Fanny Blankers-Koen in actie. Ondanks alle aandacht bleef atletiekkampioen Fanny Blankers-Koen volgens de schrijvers van haar biografie gewoon: ‘De benen, die sterk genoeg waren om Fanny Blankers-Koen in 11,2 seconde over tachtig meter sintelbaan en acht horden van 76,2 cm hoogte te dragen, zijn heus ook sterk genoeg om die ‘weelde’ te dragen.’ (1949) Beeld AFP

1970-1989 – Mondige sporters

Antiautoritair, dat kenmerkt de periode die volgt. Niet alleen in de maatschappij, maar ook in de levensverhalen van de sporters. ‘Een gek en wildeman’, noemde Feyenoorder Henk Wery zijn voetbalcoach in de jaren 70 bij voormalig profvoetbalclub DWS. Hij vond zijn coach ‘met zijn bullebakmethoden’ totaal ongeschikt.

Steeds vaker beschrijven de biografieschrijvers conflictsituaties, waarbij zij dikwijls partij kiezen voor de steeds mondigere sporters. Dat leidt tot bijzondere anekdotes. Rond 1980 kreeg bokser Rudy Koopmans, Europees kampioen, aan het einde van zijn carrière een naheffing van zijn inkomen. Zijn biografen vonden dat onterecht en schreven: ‘Op het belastingkantoor peinsde een aantal ambtenaren zich suf hoe ze die bokser nu eens moesten pakken. IJverig berekenden deskundigen dat ze minimaal 450 duizend gulden van hem konden vorderen. Zij hielden geen rekening met het feit dat Rudy na twintig jaar keihard trainen en afzien tot de top was doorgedrongen en pas de laatste jaren de vruchten van zijn geploeter kon plukken.’

Dit voorbeeld illustreert ook dat materialisme en geld een belangrijkere rol spelen in de biografieën van deze tijd. Uitgebreid staan transfers en geldconflicten beschreven. ‘Een respectabel aantal dollars verdienen’, was voor voetballer Theo Laseroms rond 1970 bijvoorbeeld de voornaamste reden om in Amerika te spelen, volgens zijn biograaf.

Wielrenner Jan Raas had volgens zijn biografie in de jaren 80 voortdurend ruzie met zijn ploegleider, die zich volgens zijn biograaf te veel zou bemoeien met zijn pupil. Beeld Hollandse Hoogte / Berry Stokvis

1990-2005 – Kwetsbare verhalen

De bloeiperiode van de sportbiografie breekt aan. Van de 208 sportbiografieën die tussen 1928 en 2014 verschenen, kwam driekwart na 1995 uit. Volgens Haverkamp staan in deze periode emoties en psychische problemen van sporters centraal in de biografieën. Bijvoorbeeld depressies, angststoornissen of eetproblemen van sporters.

‘Door vervaarlijke stemmen’, leed wielrenster Leontien Zijlaard-van Moorsel onder ‘waanzin in haar hoofd’. Ze streed tegen haar eetstoornis en was ondanks haar topprestaties het ‘ongelukkigste meisje ter wereld’, staat in haar biografie uit 2002.

Zelfs suïcidegedachten behoren niet meer tot de taboes. Zo beschrijft de biograaf van tafeltennisster Bettine Vriesekoop haar leven in 2003 als een emotionele achtbaan en benoemt hij onder andere dat de sportster tot twee maal toe ‘zo veel slaaptabletten inneemt dat ze 24 uur van de wereld was.’

Tijdens de ontmoeting Middelburg-Zuid tegen Avanti levert Bettine Vriesekoop Europese jeugdkampioene tafeltennis een harde forehand-smash af die tegenstander André Louwen te machtig zal zijn. Het leven van Vriesekoop was volgens de schrijver een emotionele achtbaan, met dwang, twijfels, verdriet en machtsmisbruik. Beeld ANP

2006-2014 – Gevallen helden

Nóg iets dieper duiken sportbiografen in het privéleven van de sporter. Met thema’s als drank- en drugsproblemen, relatieproblemen en ervaringen met justitie benadrukken de schrijvers van de sportbiografieën ook de schaduwkanten van hun hoofdpersonen. Voetballer Wim Kieft is er zo een: verslaafd aan cocaïne spendeert hij – naar eigen zeggen – tonnen aan drugs en belandt hij uiteindelijk in de schuldsanering. Zijn biografie uit 2014 blijkt een megabestseller.

‘Niet langer staan de sportieve prestaties voorop’, vertelt Haverkamp. ‘Neem de biografie over wielrenner Gert Jakobs uit 2012. De titel ‘meesterknecht’ zegt alles: hij heeft weinig gewonnen, maar is wel een flamboyante man. En dat is een biografie waard.’

De grens tussen het privé- en publieke leven van sporters is steeds meer vervaagd, aldus Haverkamp. ‘Het gaat meer en meer om de persoon achter de sporter: zijn of haar intieme gevoelens en problemen. Dat past bij deze tijd: via sociale media delen wij ook van alles met elkaar.’

En hoe zullen de sportbiografieën in de toekomst veranderen? ‘Vermoedelijk zet die personaliseringstrend in de biografie door’, denkt Haverkamp. ‘De biografie weerspiegelt ontwikkelingen in de maatschappij, dus het zou me niet verbazen als bijvoorbeeld #MeToo uiteindelijk ook terugkomt in biografieën.’

Voetballer Wim Kieft is een voorbeeld van een gevallen held: verslaafd aan cocaïne spendeerde hij veel geld aan drugs en belandde hij uiteindelijk in de schuldsanering. Beeld Els Zweerink

Biografieën in beweging. Een cultuurhistorische analyse van levensverhalen van Nederlandse topsporters, 1928-2014. Aad Haverkamp. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.