Soms zou ik een rode pil met niks willen voorschrijven

null Beeld
Beeld

De afgelopen maanden zag ik hem een paar keer, een vrolijke voetballende puber, die zijn hele leven al snel ongerust is. Eerst waren er zorgen over de rubberkorrels in het kunstgras en kwam de vraag of ik hem testen kon op polycyclische aromatische koolwaterstoffen die in die gemalen autobanden zitten. Dat leek me, met een toen net verschenen RIVM-rapport, niet zo nodig, al was het maar omdat mijn lab geen idee had hoe je dat in de dagelijkse praktijk zou moeten meten.

De onrust ging over. Nu zie ik hem met een telkens terugkerende pijn in zijn bovenbeen als hij schiet of sprint. Op verzoek van de fysiotherapeut verwees ik hem al eens naar de orthopeed, maar die kon niks vinden. 'Hij moet spierkracht trainen'.

Na de zomerstop was dat blijkbaar niet gelukt. Hij zit er weer, de laatste van een drukke dag. 'Ik heb een stafylodinges in mijn heupgewricht. Dat zegt mijn trainer die ook natuurgeneeskundige is.' Altijd interessant én altijd ingewikkeld als er voor mij nogal vreemde geloven in de werking van het lijf of vermeende risico's een rol spelen. De natuurgeneeskundige, die wel voetbaltrainer maar geen dokter is, heeft de 14-jarige twee staafjes laten vasthouden. Met een metertje op een apparaat heeft hij toen gezien dat er een infectie in het gewricht is.

'Met stafylokokken? Dat is knap.' Ik probeer niet al te cynisch te klinken, want dat bevordert het gesprek niet. Nu kun je natuurlijk wel een infectie met die akelige huis-tuin-en-keukenbacterie hebben, maar dan heb je koorts en ben je doodziek. Bovendien is zo'n ernstige infectie bij een gezonde puber onwaarschijnlijker dan het winnen van de jackpot in de Staatsloterij. Als ik hem nakijk, vind ik natuurlijk niets ernstigs - hij mist gewoon kracht in het opgroeiende lijf om stabiel tegen een bal te kunnen trappen.

null Beeld anp
Beeld anp

Ik stuur hem naar de sportarts voor gericht advies. Hij lijkt mijn uitvoerige uitleg te snappen, zelfs dat je met een nepapparaat een infectie niet kunt vaststellen. 'De wachtkamer van mijn trainer zat anders wél helemaal vol, hoor', zegt mijn voetballertje nog snedig.

Hij was ook niet de enige in die wachtkamers van natuurgeneeskundigen en homeopathen. Volgens schattingen van het CBS wachten daar een miljoen mensen per jaar. Een heleboel daarvan zijn hoogopgeleid, volgens onderzoekers van het Meertens Instituut, dat vanouds vreemde gebruiken onderzoekt. Veel opleiding beschermt je helaas niet tegen onwetendheid over de werking van je lijf of risico's.

De discussie over homeopathische middelen is weer losgebarsten omdat Europese wetenschappers onlangs aandrongen op gedegen eisen bij registratie van die middelen. Homeopathie is een placebo. Dat mag niet van de Vereniging tegen Kwakzalverij, die veel strenger in de leer is dan ik. Placebo's zijn heilzaam, zelfs als mensen weten dat ze een placebo slikken. Ik zou graag ouderwetse rode pillen met niks erin voorschrijven en dan een gloedvol betoog houden dat er niks in zit maar dat ze toch helpen. De quatsch over oneindig verdund water of trillende bacteriën heb ik daar helemaal niet voor nodig.

Reageren? j.zaat@volkskrant.nl

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden