SJAALMAN

Ex-librissen, ze worden nog wel ontworpen, maar wie plakt ze nog in zijn boeken? Hier en daar gaan zelfs geluiden op dat het ex-libris zal verdwijnen, omdat, menen de koffiedikkijkers, de computer het boek overbodig zal maken....

'Dat niemand dit boek wegneemt'

Toch zijn er nog verzamelaars en bibliofielen die hun mooie boekenbezit merken met een ex-libris, maar het hoogtepunt van het ex-libris ligt in Nederland tussen 1920 en 1960. Nauwelijks verwonderlijk is dat het gebruik zich beperkte tot de betere kringen en met name voor de Tweede Wereldoorlog waren het, meldt verzamelaar en boekhistoricus P.J. Buijnsters in zijn inleiding bij Hooggeleerde Exlibris, 'vooral artsen, advocaten, ingenieurs en notarissen die voor hun eigen boekerij een ex-libris lieten maken'.

Met de uitgave van Hooggeleerde Exlibris (de schrijfwijze van 'ex-libris' is een eeuwige bron van discussie) markeert de Amsterdam University Press zijn eerste lustrum. Een deel van de oplage is onder relaties verspreid, maar nu zijn ook 750 exemplaren in de handel gebracht tegen een prijs (¿ 19,50) die in geen verhouding staat tot de prachtige verzorging van het boek door huisontwerper Kok Korpershoek.

Het ex-libris was ook bij uitstek populair in de academische wereld, waar professoren er vanouds omvangrijke privé-bibliotheken op na hielden. Jos van Waterschoot, redacteur van het tijdschrift Exlibris Wereld, heeft in Hooggeleerde Exlibris de boekmerken geïnventariseerd van veertig professoren die op uiteenlopende terreinen werkzaam waren. De meesten van hen hebben inmiddels het tijdelijke voor het eeuwige verwisseld, maar aan hun ex-libris kunnen we alsnog hun voorliefdes aflezen. Soms ontwierpen ze er zelf een, zoals de hoogleraar Garmt Stuiveling.

Vakkundiger is het ontwerp van kopergraveur Wim Zwiers voor Jan Emmens. Hij kreeg van de dichter en hoogleraar kunstwetenschappen opdracht een naakte vrouw op de schoot van een monnik te tekenen.

Op het ex-libris van Anthonie Donkersloot zien we een deel van zijn bibliotheek, veelal in leer gebonden boeken. Op de voorgrond houden twee handen een bibliofiel ogend boekje omhoog, maar in de tekst relativeert hij zijn boekengekte: 'Wat een ophef over zo'n klein boekje' - wel in het Frans natuurlijk.

Het ex-libris van E.C. van Leersum, medicus, behelst een 'boekvloek', bedoeld voor degene die zich het boek onrechtmatig toeëigent: 'Dit boek is het bezit van E.C. van Leersum. Daarom smeek ik allen voortdurend in de naam van Christus, dat niemand trouweloos dit boek van mij wegneemt. Noch met geweld, noch door diefstal, noch door de een of andere bedrieglijke begeerte. Aangezien geen voortreffelijke schat mij zo dierbaar is als mijn boeken.'

Hub. Hubben

Humor verdween uit pornografie

Wie een boek over Franse pornografie in handen krijgt, denkt meteen aan De Sade, zeker als het gaat over de periode 1750-1850. Toch besteedt Dorelies Kraakman geen aandacht aan de roemruchte markies in haar proefschrift Kermis in de hel - Vrouwen en het pornografisch universum van de 'enfer' (verkrijgbaar bij Xantippe Unlimited en Vrolijk in Amsterdam en bij Savannah Bay in Utrecht; ¿ 37,50).

In plaats daarvan baseert ze zich op onbekendere erotische teksten uit de 'enfer', een afdeling van de Bibliothèque Nationale in Parijs. Daar werden de boeken apart gezet die niet voor iedereen geschikt werden geacht vanwege hun zedeloos karakter.

Pornografie was niet alleen een mannenzaak, toont Kraakman aan met zestig teksten uit deze verzameling. Ze bestrijdt de opvatting dat het altijd gaat om misbruik van vrouwen, zoals feministen van de tweede golf menen, en stelt dat deze rigide opstelling geen recht doet aan de historische context. De houding van vrouwen ten opzichte van pornografie was niet zo eenduidig.

Zij distribueerden, lazen en schreven zelf ook erotische teksten. Julie, ou j'ai sauvé ma rose uit 1802 bijvoorbeeld is van een vrouwelijke auteur. Het jonge meisje Julie doet onverbloemd verslag van haar erotische escapades. Ondanks haar avonturen behoudt ze haar eer en vrijheid, en wel door 'haar roos' niet te laten plukken.

Julie belichaamt veranderende opvattingen over kennis en seksualiteit. Onder invloed van denkers als Diderot groeide de kritiek op de ouderwetse pedagogische methode. Alleen meisjes die terdege waren ingewijd in de genoegens van het vlees, 'petites curieuses' als Julie, konden zich handhaven en zichzelf beschermen. In de erotische fictie worden onwetende, domme meisjes het slachtoffer van verkrachtingen en geweld; ze belanden in de prostitutie of sterven in het kraambed.

Niet alleen werd een nieuw kennismodel verkondigd, ook de veranderende machtsverhoudingen kwamen aan bod. In de achttiende eeuw was pornografie een heterogeen genre met vaak een flinke dosis maatschappijkritiek, spot en humor. En ook mannen worden lustig bespot. Gaat het bij de vrouw om grappen over haar seksuele onverzadigbaarheid, bij de man wordt zijn impotentie belachelijk gemaakt.

Freuds opvatting dat de seksuele grap per definitie agressief is ten opzichte van de vrouw, gaat nog niet op. Pas in de negentiende eeuw zou de humor verdwijnen en 'de lach een grimas worden'. Vanaf die tijd is het genre beperkt tot 'monomane opsommingen van viriele heldendaden'.

Uiteraard wordt de lezer van Kermis in de hel onthaald op een scala aan prikkelende en geestige citaten. Voor het zover is, moet hij zich door een uitgebreid theoretisch voorspel heen werken. Behalve Freud gebruikt Kraakman ook denkers als Bachtin, Genette, Foucault, of Barthes. Met dit eclectisch gebruik van de theorie verbindt ze zonder meer literatuur met geschiedenis. Zo doet zij weinig recht aan het fictieve karakter van de teksten, aan het verschil tussen literaire en historische opvattingen over seksualiteit. Daarvan zou het werk van De Sade een mooie illustratie zijn geweest.

Yra van Dijk

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden