RECONSTRUCTIE

'Sierra Leone', mompelt de doodzieke man aan de balie

Acht academische ziekenhuizen in Nederland bereiden zich voor op ebola. Dordrecht schrok al twee keer op door vals alarm. Het dodental van de epidemie in Afrika is mogelijk fors hoger.

Medewerkers ontsmetten de hal van het Albert Schweitzer Ziekenhuis in Dordrecht waar een man met ebola-verschijnselen onwel werd. Hij bleek malaria te hebben.Beeld anp

In Dordrecht duurt het uren voordat er een ambulance komt voor een patiënt met ebola-verschijnselen. Al die tijd staan assistentes en patiënten buiten in de regen.

Een Afrikaanse man met een grote koffer meldt zich op zaterdagavond 4 oktober zwetend en ziek bij de huisartsenpost bij het Albert Schweitzer Ziekenhuis in Dordrecht. Nog voor hij zijn verhaal heeft kunnen doen, zakt hij in de hal in elkaar. Twee assistentes komen vanachter hun balie vandaan en schieten hem te hulp. Hij komt langzaam bij. Een andere patiënt helpt hen de man overeind te tillen. 'Schiphol', is het eerste wat hij zegt. En dan mompelt hij nog iets. 'Wat, zei u Barcelona?', vraagt de assistente. 'Nee', antwoordt de man. 'Sierra Leone.'

Onverwacht

Alle alarmbellen rinkelen. Dit is dus waarop ze afgelopen zomer hebben geoefend. Een mogelijk geval van ebola. 'Toch is het anders als het zich echt voordoet', zegt Heleen van Pelt, directeur van de huisartsenpost. 'Je zou het liefst hebben dat patiënten zich eerst telefonisch melden, zodat de assistente alle relevante vragen kan stellen en wij ons kunnen voorbereiden. Maar in de praktijk staat zo iemand 's avonds onverwacht voor de balie.'

De Dordtse huisartsenpost wil de ervaringen delen, zodat anderen ervan leren. Want ja, de acht academische ziekenhuizen bereiden zich tot in de puntjes voor op de komst van mogelijke ebola-patiënten (zie inzet). Daar wordt de komst van patiënten vooraf gemeld. Maar het eerste, onaangekondigde contact verloopt meestal via de huisarts. En wat doe je dan?

In Dordrecht sommeert iemand de grote draaideur naar de straat te sluiten. De beveiligingsafdeling wordt ingeschakeld om arriverende patiënten via een andere ingang het ziekenhuis in te leiden. Een arts van de spoedafdeling belt het Erasmus Medisch Centrum in Rotterdam om de infectioloog te raadplegen. Achter de schermen schieten verpleegkundigen in speciale beschermende pakken.

Maar wat moeten de assistentes die deze man net bij bewustzijn hebben gebracht? En de patiënten die hem in de hal zijn gepasseerd? Als de man echt ebola heeft, zijn zij nu mogelijk besmet. 'Om verdere verspreiding te voorkomen, hebben we deze zeven mensen buiten laten wachten', zegt Van Pelt. 'Je kunt niet riskeren dat het virus verder het ziekenhuis wordt ingedragen. Op zo'n moment is het lot van het individu even ondergeschikt aan de veiligheid van de groep.'

Alles wordt ontsmet in het Albert Schweitzer Ziekenhuis.Beeld anp

Geprepareerde ambulance

Omdat de patiënt de symptomen heeft en een maand in risicogebied heeft doorgebracht, besluit het Erasmus MC dat hij in Rotterdam moet worden onderzocht. Een speciaal geprepareerde ambulance - met zo min mogelijk spullen erin, omdat alles na afloop moet worden ontsmet - zal hem komen ophalen. Maar die laat uren op zich wachten. Al die tijd staan de doktersassistentes en enkele patiënten buiten in de kou. Ze krijgen dekens en koffie. Het begint te regenen. Maar er zijn geen paraplus voorhanden.

Binnen is de zieke inmiddels via een afgeschermde sluis naar een geïsoleerde kamer geleid. Een verpleegkundige in pak probeert hem op te peppen. Pas rond half twee 's nachts - zesenhalf uur nadat de man met zijn koffer binnenstapte - wordt hij in de ambulance afgevoerd.

De twee assistentes mogen die nacht naar huis. Zolang ze geen ziekteverschijnselen hebben, zijn ze niet besmettelijk. 'Maar ze zaten enorm in de zenuwen', zegt Van Pelt. 'Dan kom je thuis en vraag je je af of het wel veilig is als je de kinderen knuffelt. De emotionele impact op medewerkers is enorm.' De hal wordt die nacht door schoonmakers in beschermingspak ontsmet. Toch durven sommige patiënten de volgende dag niet naar de huisartsenpost te komen, dus worden extra huisbezoeken afgelegd. Zondagavond komt de verlossende uitslag: de man heeft geen ebola, maar malaria.

Tweede geval

Dat is tweeënhalve week geleden. Afgelopen zaterdag herhaalt de geschiedenis zich, als een koortsige Congolees zich rond elf uur 's avonds met zijn broer meldt op de huisartsenpost. Hij is net in zijn thuisland geweest. Opnieuw wordt de draaideur stilgezet, de beveiliging inge­seind. De zieke ligt in de hal op de grond te kermen. Een van de assistentes wil erop af. 'Ik moest haar echt tegenhouden', zegt Van Pelt. 'Het is in strijd met ons hulpverlenersinstinct om een ziek persoon niet direct te helpen.'

Vanachter glas praten de assistentes met de broer van de patiënt. De specialist uit het Erasmus Medisch Centrum geeft binnen drie kwartier telefonisch uitsluitsel: in het gebied in Afrika dat de man heeft bezocht, komt de ziekte ebola niet voor. Gelukkig, de pakken kunnen weer uit.

Wat gebeurt er in de 'ebola-ziekenhuizen'?

Patiënten die koorts of bloedingen hebben en net in ebola-gebied zijn geweest, worden doorgestuurd naar een van de acht academische ziekenhuizen. Voor het veilig binnenbrengen van patiënten is een aparte route ontworpen, zegt Karin Ellen Veldkamp, hoofd infectiepreventie in het Leids Universitair Medisch Centrum (LUMC). Als de patiënt bijvoorbeeld via de lift naar de isoleerkamer wordt gebracht, komt dat hele liftenblok stil te liggen. 'Zodat niet per ongeluk iemand op een andere etage in een besmette lift kan stappen.' Op de acute opnameafdeling zijn zes geïsoleerde kamers beschikbaar die met een sluis zijn afgeschermd. Hier komen verdachte patiënten eerst terecht voor onderzoek. Totnogtoe zijn er in het LUMC drie opnames geweest - de twee gerepatrieerde artsen die in Sierra Leone werkten en iemand uit de regio met koortsverschijnselen, die in West-Afrika was geweest.

In het geval dat ebola zou worden vastgesteld na bloedonderzoek, verhuist de patiënt naar de intensive care. Die kamers hebben alle denkbare apparatuur en een grotere kleedsluis. De 'infrastructuur' om patiënten geïsoleerd te kunnen verzorgen was in het ziekenhuis al aanwezig - dat gebeurt bijvoorbeeld ook met mensen met tbc of meningokokken.

Het trainen van personeel is volgens het LUMC tijdrovend. Zo moeten alleen al op de intensive care ruim tweehonderd verpleegkundigen oefenen met de beschermingspakken.

De academische ziekenhuizen zijn ook de vraagbaak voor (huis)artsen in hun regio. Het LUMC wordt een paar keer per week gebeld over mogelijke ebola-gevallen, zegt hoogleraar infectieziekten Leo Visser. Op één patiënt na kon in alle gevallen ebola meteen worden uitgesloten. Visser: 'Meestal is de patiënt dan in Afrikaans gebied geweest waar geen ebola voorkomt.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden