Sabeltandtijgers voor thuis

Enkele tienduizenden jaren geleden was de zeespiegel een stuk lager dan nu. De Noordzee was een uitgestrekte grasvlakte, de Mammoetsteppe, en daarover zwierven grote kuddes mammoeten, reuzenherten, wolharige neushoorns, rendieren en steppewisenten rond, tot zo’n twaalfduizend jaar geleden....

In maart 2000 viste de bemanning van de Urker kotter UK 33 zo’n 60 kilometer ten westen van IJmuiden iets bijzonders op. De onderkaak van een roofdier, oordeelde fossielenkenner Klaas Post in Urk, dat kon niet missen, maar van wat voor een roofdier? Het moest in elk geval een ‘jong’ fossiel zijn: het bot was amper versteend.

Na vergelijkend onderzoek bij Natuurhistorisch Museum Rotterdam bleek het om de kaak van een sabeltandtijger te gaan, een zeldzaam fossiel in Nederland. Koolstofdatering wees bovendien uit dat het bot niet ouder was dan 28 duizend jaar. Een opzienbarende ontdekking, want deze grote carnivoor werd geacht in Eurazië al drie- tot vierhonderdduizend jaar uitgestorven te zijn geweest.

De vondst van de bijna 18 centimeter lange onderkaak groeide al snel uit tot een heel project. Er werd een wetenschappelijke publicatie aan gewijd. Kunstenaar Remie Bakker begon aan een levensgrote reconstructie van het dier. En nu ligt er ook een fraai geïllustreerd boek, De sabeltandtijger uit de Noordzee, dat deze legendarische oerkat, zijn evolutie en zijn leefomgeving in beeld brengt.

Sabeltandtijgers (sabeltandkatten eigenlijk, tijgers zijn het niet) zijn in de afgelopen 30 miljoen jaar zeker viermaal onafhankelijk geëvolueerd, eerst als oerroofdieren (Creodonta), daarna als echte roofdieren (Carnivora). Alle soorten bezaten de kenmerkende grote snijtanden in hun bovenkaak. Beroemd zijn de vrijwel complete skeletten uit de teerputten van Rancho La Brea in Los Angeles. Elders zijn fossielen echter schaars.

De sabeltandtijger uit de Noordzee, Homotherium latidens, was blijkens de reconstructie zo groot als een leeuw – maar kleiner dan zijn rivaal, de uitgestorven grottenleeuw – met sterke kaken, een ruige, grijswitte vacht en een hyena-achtig aflopende rug. Prehistorische mensen moeten hem af en toe zijn tegengekomen, al komt hij op grotschilderingen niet voor.

Voor wie de gereconstrueerde oerkat (die ook geluid maakt) en zijn kaakbot ‘in levenden lijve’ wil zien: dat kan nog tot en met 6 januari in Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis in Leiden.

Ben van Raaij

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden