Ruimtesonde Cassini krijgt vandaag zijn zeemansgraf in Saturnus' atmosfeer

Bijna twintig jaar lang verkende Cassini verre planeten en manen, maar nu is de brandstof van de stuurraketjes toch echt vrijwel op. Vandaag krijgt de ruimtesonde zijn zeemansgraf, door als een meteoriet te verbranden in de atmosfeer van Saturnus.

De ruimtesonde Cassini. Beeld anp

De Amerikaans-Europese missie geldt als een van de meest ambitieuze ontdekkingsreizen in ons zonnestelsel. De verkenner zorgde de afgelopen jaren regelmatig voor openvallende monden bij wetenschappers en andere ruimteliefhebbers. Close-upfoto's van het iconische ringenstelsel van Saturnus, dat sterrenkundigen al eeuwenlang fascineert, gingen de wereld over, net als de ontdekking dat op sommige manen van Saturnus wellicht leven mogelijk is.

De op een na grootste planeet van ons zonnestelsel is een bizarre, woeste wereld, met meer dan zestig manen en stormen die orkanen op aarde doen verbleken tot een miezerig windje. Vaste grond onder de voeten heb je er niet, daar op Saturnus. De planeet bestaat voor het grootste deel uit gas: het is een gigantische bal van waterstof en helium, met daaromheen een sierkrans van ringen die de Nederlander Christiaan Huygens in de 17de eeuw spotte door zijn telescoop.

Beeld de Volkskrant

De afgelopen maanden speelde Cassini een spelletje kosmisch ringsteken, door in een serie duikvluchten het gebied tussen de planeet en de ringen te verkennen. De ruimtesonde maakte ongekend gedetailleerde foto's, terwijl meetapparatuur hielp om de samenstelling van de ringen beter te begrijpen. Sterrenkundigen zien de ringen vol ruimtepuin als een soort levend laboratorium dat ons meer kan leren over hoe planeten worden gevormd.

Maar de meest opvallende ontdekkingen deed de Cassini-missie misschien wel op de manen van Saturnus. Cassini en de Europese ruimtesonde Huygens - die zich in 2004 loskoppelde van Cassini om te landen op de grootste maan, Titan - vonden bewijs voor oceanen onder Titans dikke ijskorst.

Op een van de andere manen, Enceladus, vloog Cassini door pluimen van waterstofmoleculen heen, wat kan wijzen op warmwaterbronnen op de oceaanbodem. Een opwindende gedachte, omdat wetenschappers denken dat het leven op aarde rond soortgelijke bronnen begon.

Leven?

Leven, het woord is gevallen. Al zolang de mens naar boven kan turen, is er de diepe filosofische vraag of leven alleen hier voorkomt, of ook elders in het heelal. Vloeibaar water is voor zover bekend cruciaal voor leven om te groeien en bloeien, vandaar dat de vondst van water elders in het zonnestelsel direct leidt tot beroering onder wetenschappers. Zou het dan toch? Een primitieve vorm van leven, iets microscopisch kleins krioelend wellicht? Het zou het ultieme bewijs zijn dat 'we' niet alleen zijn in het heelal.

De missieleiders besloten Cassini te laten verbranden op Saturnus, zodat de ruimtesonde niet later te pletter kan slaan op een van die interessante ijsmanen. Van ervaringen in het ruimtestation ISS is het bekend dat aardse bacteriën soms bizar lang kunnen overleven in de ruimte. Cassini bevat mogelijk ook bacteriën van Moeder Aarde, en de missieleiders willen voorkomen dat de mogelijk levensvatbare manen Titan en Enceladus daarmee vervuild raken. Dan liever een laatste glorieuze vlucht door de ringen van Saturnus en een laatste groet vol meetgegevens richting aarde. Merci Cassini, c'est fini.

Meer lezen?

Twintig jaar verkende Cassini planeten: dit is wat de missie opleverde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden