Nieuws Reuksignalen

Ruiken doen we, net als pijn lijden, in het brein

Bij mensen die niet of nauwelijks kunnen ruiken, reageren de hersenen toch op geuren. Ook bij hen bereiken reuksignalen het brein, via zenuwbanen vanuit de neus. Dat biedt wellicht kansen voor de behandeling van de aandoening. In Nederland kampen naar schatting driehonderdduizend mensen met een beperkt of afwezig reukvermogen.

Een illustratie van een doorsnee van het hoofd. Foto Science Photo Library

Het Reuk- en Smaakcentrum in Ede deed samen met Oostenrijkse wetenschappers onderzoek onder 48 patiënten die weinig of niet meer ruiken. Zij werden in een scanner gelegd, waarin ze aan twee geuren werden blootgesteld: die van hartige biefstuk en van chocola. Daarna moesten ze, ter controle, reukloze lucht opsnuiven. De zogeheten functionele MRI-beelden, driedimensionale beelden van de doorbloeding van de hersenen, laten zien dat de hartige en de zoete geur van vlees en snoepgoed bij de patiënten in de reukgebieden tot hersenactiviteit leiden. De resultaten, die zijn gepubliceerd in Human Brain Mapping, zijn ‘verrassend goed nieuws’, zegt onderzoeksleider Sanne Boesveldt, geuronderzoeker bij Wageningen Universiteit en verbonden aan het Reuk- en Smaakcentrum. ‘Duidelijk is dat de zenuwbanen die de geuren doorgeven aan de hersenen hun werk nog doen.’

De scans wijzen bovendien uit dat bij de patiënten in reactie op de geuren ook elders in de hersenen netwerken actief worden: het gebied waar de evaluatie van de geur plaatsvindt (‘is het lekker?’) en waar de emoties huizen (geuren kunnen razendsnel herinneringen oproepen), maar ook het motorische gebied (want ruiken gaat gepaard met snuiven) en het visuele deel (wie ruikt, ziet vaak eten voor zich). Hoe meer patiënten nog ruiken, hoe groter de activiteit in deze hersennetwerken. Patiënten met neurologische aandoeningen als de ziekte van Parkinson of Alzheimer waren uitgesloten van het onderzoek, net als patiënten die hun reukvermogen zijn kwijtgeraakt na een klap tegen het hoofd. Bij hen bestond de mogelijkheid dat hersenstructuren waren veranderd, wat de resultaten had kunnen vertroebelen.
Lees verder onder de video.

Dat geursignalen ook bij mensen zonder reuk worden doorgestuurd, maakt eens te meer duidelijk dat hun probleem zich in de hersenen afspeelt, aldus Boesveldt. Ruiken doen we, net als pijn lijden, in het brein: daar worden signalen uit het lichaam omgezet en vertaald. Wat er precies gebeurt als de reuk verloren gaat, is nog grotendeels onduidelijk. Behandelingen zijn er daarom nog nauwelijks.

In opkomst is een vorm van reuktraining waarbij patiënten maandenlang twee maal per dag een tijdlang een aantal geuren moeten opsnuiven. De resultaten zijn hoopgevend, zegt Boesveldt: bij eenderde van de patiënten heeft de behandeling enig effect. ‘Het klinkt bijna te eenvoudig, maar we zien dat er na zo’n intensieve training in de hersenen meer connecties ontstaan tussen het reukcentrum en andere hersengebieden.’ Maar omdat het succes ongewis is en de therapie lang moet worden volgehouden, haken velen af.

Wytske Fokkens, hoogleraar keel-, neus- en oorgeneeskunde in het AMC, niet betrokken bij het onderzoek, laat weten dat zij op basis van de bevindingen nog geen nieuwe hoop koestert voor een nieuwe behandeling. Boesveldt denkt dat in de toekomst, met behulp van scans, te voorspellen valt wie baat heeft bij reuktraining. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.