Roken wordt psychische afwijking

Roken is geen sociaal smeermiddel meer, maar leidt juist tot sociale uitsluiting. Want roken is behalve ongezond en asociaal ook een hersenziekte. Hoe kon het zover komen?

Pothuis-Smit kreeg al snel stevig weerwerk: van de nazi’s. In de jaren dertig en veertig van de vorige eeuw leidde het streven naar raciale en lichamelijke zuiverheid tot de strengste antirookwetten ooit. Adverteren voor rookwaar werd verboden, evenals roken in openbare ruimten.

De fascisten waren ook de eersten die grote epidemiologische studies uitvoerden naar het verband tussen longkanker en roken, schrijft de aan Stanford University verbonden Amerikaanse wetenschapshistoricus Robert Proctor in zijn artikel ‘The anti-tobacco campaign of the nazi’s’. Hitler, ooit zelf een straffe roker, profileerde zich nadrukkelijk als geheelonthouder tegenover tabaksliefhebbers als Churchill, Stalin en Roosevelt. Ook Franco en Mussolini lieten rookwaar links liggen.

‘En nu is het symbool van alle kwaad opnieuw in de sigaret gaan zitten’, zegt Wouters. ‘Hoe meer het beest in onszelf en de bestialiteit van de lagere klasse onder controle zijn gebracht, hoe meer we de dieren beschermen en de zuiverheid in onszelf omarmen. De roker bederft dat.’

Het antirookvaccin waar onderzoeker Onno van Schayck aan werkt, moet voorkomen dat nicotine de hersenen bereikt, zodat roken geen enkel effect heeft op het beloningssysteem.
Het vaccin is bedoeld voor ‘zware rokers die wanhopig zijn omdat het ze maar niet lukt te stoppen’, maar zou op termijn ook preventief ingezet kunnen worden. De perfecte oplossing, kortom, om roken de wereld uit te helpen?
Van Schayck: ‘Stel dat we zo ver komen dat het echt werkt, dan zitten daar ethische vragen aan. Sommige politici hebben al geroepen zo’n vaccin op te nemen in het Rijksvaccinatieprogramma. Dat zou revolutionair zijn. Tot nu toe worden vaccins alleen gebruikt om ziekten te voorkomen, niet om gedrag te beïnvloeden. Persoonlijk zou ik er geen moeite mee hebben, maar andere mensen zullen daar anders over denken.
Bij andere deskundigen roept zo’n vaccin vooral weerstand op.
De Amsterdamse psychofarmacoloog Ton Schoffelmeer zegt het scherp: ‘Ik vind het een abjecte gedachte om mensen op voorhand prikkels te onthouden. Daar krijg je een heel enge samenleving van.
Nicotine is een lekkere prikkel. Als mensen die willen hebben, dan moet dat kunnen. Wie wil roken, moet dat zelf weten.’

]]>Volksgezondheidsprobleem
De antirooklobby heeft haar boodschap succesvol overgebracht: roken vervuilt de lucht en maakt mensen ziek, is de communis opinio. ‘Vanaf midden jaren negentig is roken langzamerhand een volksgezondheidsprobleem geworden’, constateert Toine Pieters, senior onderzoeker bij de vakgroep Metamedica van VU Medisch Centrum (gelegenheidsroker) en co-auteur van het recent verschenen boek Chemie van verslaving.

Pieters: ‘Eerst lag de nadruk op de relatie met kanker, in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw kwamen daar hart- en vaatziekten bij. Vervolgens kreeg, onder invloed van de processen tegen de Amerikaanse tabaksindustrie in de jaren negentig, de antirooklobby de wind in de rug.’

Rokers veranderden van vrije jongens in slachtoffers van een corrupte, nietsontziende industrie die loog, bedroog en politici omkocht. Zielepoten die gered moesten worden.

Pieters: ‘Daarna kreeg ook het levensstijl-argument steeds meer voet aan de grond. Gezond leven werd een doel in zichzelf, en roken een speerpunt in het volksgezondheidsbeleid. De rokers werden behalve zielepoten, ook viezeriken. Met als voorlopig eindpunt dat het roken nu bijna is gecriminaliseerd.’

Maar van roken wórd je toch ook ziek? Mannen die een pakje of meer per dag wegpaffen, hebben beduidend meer kans op een hartinfarct. Ja, zegt socioloog Chip Huisman (Universiteit van Amsterdam, roker), die vijf jaar actief was in de verslavingszorg en nu werkt aan zijn proefschrift over rook-, drink- en blowgedrag bij jongeren. ‘Maar je moet het wel in perspectief zien.

Hartinfarct
Huisman: ‘Het risico op een hartinfarct voor niet-rokende mannen is 7 op 100.000, dat is 0,007 procent. Zwaar rokende mannen hebben jaarlijks een kans van 104 op 100.000 om vóór hun 65ste een hartinfarct te krijgen, dat is 0,104 procent. Leg je die getallen op elkaar, dan hebben zware rokers 99,9 procent van de jaarlijkse kans van een niet-roker om te ontsnappen aan een hartinfarct.’

Huisman maakt nog een rekensommetje om wat hij ‘de retoriek van de statistiek’ noemt, te illustreren. ‘Volgens EU-cijfers sterven er in Europa 80.000 mensen per jaar aan de gevolgen van meeroken. Afgezien van de vraag of je dat eigenlijk wel kunt meten, is dat marginaal: een kans van 0,016 procent.’

Dankzij de antirookcampagnes overschatten zowel rokers als niet-rokers de kans dat een roker aan zijn gewoonte overlijdt, schrijven de economen Wim Groot en Henriëtte Maassen van den Brink in hun studie ‘De economische effecten van (on)gezond gedrag’.

Want roken is wel slecht, maar zó slecht nou ook weer niet. Dat er meer mensen vroegtijdig overlijden doordat ze roken, komt ook omdat onze levensverwachting steeds hoger wordt, zegt Huisman. ‘Hoe ouder je wordt, hoe meer kans je hebt op nare ziekten. Roken speelt daarbij wel een rol, maar niet de enige.’

Intussen is de roker bijna verbannen uit het openbare leven en denkt de verslavingszorg erover ook zware rokers de helpende hand te bieden. Want de zielepiet is behalve een viezerik en een vroegtijdige dode, inmiddels ook een psychiatrisch patiënt. ‘Tot kortgeleden kregen mensen die het niet lukte te stoppen, te horen dat ze een gebrek aan wilskracht hadden. Wie echt wíl stoppen, kan ook stoppen, was het idee.

Echte verslaving
‘Sinds een jaar of tien is dankzij hersenonderzoek bekend dat roken, net zoals drugsgebruik, een echte verslaving is’, zegt psychiater Rob Stigter (roker), medisch directeur van Centrum Maliebaan, instelling voor verslavingspsychiatrie in Utrecht. ‘Het is zelfs een van de moeilijkste vormen van verslaving om vanaf te komen.’

Hoogleraar psychofarmacologie Ton Schoffelmeer (VU Medisch Centrum, ex-roker), leider van het interfacultair onderzoeksprogramma verslaving van de VU en VUmc, legt uit waarom.

‘In de neurowetenschappen is een verslaving een chronische, psychiatrische aandoening die kán ontstaan door de zelftoediening van sommige psychoactieve stoffen, en die wordt gekarakteriseerd door craving (een onophoudelijke hunkering naar het middel) en door een herhaaldelijke consumptie van die prikkels, ondanks het besef van mogelijk heel negatieve gevolgen daarvan op lange termijn. Heroïne, morfine, amfetamine, cocaïne en alcohol, en ook nicotine bevat zulke stoffen.’

Dus de nicotine in de sigaret maakt van rokers verslaafden? ‘Het is ingewikkelder’, zegt Reinout Wiers, bijzonder hoogleraar experimenteel psychologisch verslavingsonderzoek aan de Radboud Universiteit Nijmegen (gelegenheidsroker). ‘Dat is ook logisch, want een nicotinepleisters-verslavingsprobleem hebben we niet. Pas in combinatie met andere stoffen, zoals acetaldehyde, is nicotine heel verslavend.

‘Acetaldehyde zit niet alleen in sigarettenrook, maar is ook het afbraakproduct van alcohol. Dat verklaart waarom drinken en roken elkaar versterken, en waarom je moet spreken over een tabaksverslaving, en niet over een nicotineverslaving.’

Nicotine speelt wel een cruciale rol bij rookverslaving. Wiers: ‘Bij roken is de psychologische component van verslaving heel sterk. Niet alleen blijft je aandacht sterk hangen bij het middel – rokers zijn heel gevoelig voor prikkels die je aanzetten om aan je verslaving toe te geven – maar ook gewoontevorming is bij roken heel sterk, veel sterker dan bij veel andere middelen. Die gewoontevorming heeft wél te maken met het nicotine-effect; want de nicotine-receptoren in de hersenen zijn heel belangrijk bij de ontwikkeling van gewoonten.’

Roken hangt dus sterk samen met een psychologische factor: gewoontevorming. En die gewoontevorming wordt versterkt door de farmacologische effecten van roken. ‘Daar komt nog iets bij’, zegt epidemioloog professor Onno van Schayck (Universiteit Maastricht, ex-roker) die onderzoek doet naar het antirookvaccin (zie kader).

Daad en beloning
‘Nicotine is een heel klein molecuul dat heel snel wordt opgenomen in het bloed, en al binnen tien seconden in de hersenen zit. Het beloningssysteem in de hersenen wordt dus razendsnel bediend; daarom is roken verslavender dan heroïne of cocaïne, waarbij dat proces veel langer duurt. De hersenen leggen bijna onmiddellijk een verband tussen de daad en de beloning. Dat maakt roken extreem verslavend.’ En, benadrukt hij, heel gevaarlijk bovendien: ‘Eén op de twee mensen gaat dood aan de gevolgen van roken.’

Er zijn verschillende stop-met-roken middelen, maar alleen varenicline geeft dezelfde beloning als roken, zegt Van Schayck. ‘Het heeft bovendien als enige antirook-medicijn een antagonistische werking. Het gaat op de receptoren zitten waar normaal de nicotine op zit, waardoor de nicotine het moeilijker kan verdringen, en het makkelijker is niet terug te vallen in je oude gedrag.’

Medicijnen tegen roken, het is de definitieve bevestiging van roken als ziekte: deviant gedrag dat we, zo snel mogelijk, moeten isoleren en uitbannen. Een praktijk die perfect aansluit bij de huidige antirookmaatregelen, maar waar sociaal psycholoog Peter Cohen, tot voor kort directeur van het Centrum voor Drugsonderzoek (Universiteit van Amsterdam, ex-roker), zich hevig tegen verzet.

‘Ik ben tegen het pathologiseren van de roker. Roken is ingewikkeld, sociaal aangestuurd gedrag dat we onszelf aanleren. Net zoals fietsen of viool spelen. De beoordelingen van ons gedrag zijn volkomen cultureel bepaald: dat we iets een afwijking of een verslaving noemen, is een kwestie van afspraken.’

Gezondheidsrisico’s zijn niet uniek voor roken; die heb je bijvoorbeeld ook als je fietst, vindt hij. Daarbij: ‘Dat iets een belasting kan zijn voor je gezondheid, wil niet zeggen dat het een ziekte is. Wonen is toch ook niet een ziekte omdat de meeste ongelukken in huis voorkomen?’

Voor Cohen is er geen twijfel mogelijk: ‘Eerst was het de duivel die ons parten speelde, toen waren het onze seksuele driften, en nu zijn het stofjes die ons verslaafd maken aan vanalles en nog wat. De duiveluitdrijvers van toen zijn de verslavingsuitdrijvers van nu. Wat dat betreft zijn de Middeleeuwen nog springlevend.’

\N
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden