Roemeens voor beginners

Het Roemeens is een Romaanse taal, maar geen gemakkelijke. Dat ligt niet zozeer aan de grote hoeveelheid Slavische en Turkse woorden die vaker worden gebruikt dan de synoniemen met een Latijnse oorsprong....

Olaf Tempelman

Als je vijf pagina’s uit een Frans grammaticaboek uit je hoofd stampt, ken je alle onregelmatige werkwoorden. In het Roemeens vergt dat meer tijd, omdat je nauwelijks regelmatige werkwoorden hebt. Het meest onvoorspelbaar zijn echter de meervoudsvormen. Zelden is het meervoud wat het meest voor de hand ligt. Vrouwelijk enkelvoud kan in het meervoud een mannelijke uitgang hebben en andersom, om over de pluralis van de onzijdige woorden nog maar te zwijgen.

Roemenen hebben mij al die jaren dat ik met het meervoud verkeerd zat steeds getroost met het gevleugelde zinnetje ‘Roemenen maken zelf ook veel fouten’. Dat was aardig van ze. Echter: tien, vijftien jaar geleden viel dit reuze mee. Als je de communistische dictatuur postuum toch een compliment wil geven, is het dat de grammatica er op de scholen doorgaans wel werd ingestampt – al kreeg de Grote Leider Ceausescu zelf het meervoud van het woord ‘vriend’ nooit fatsoenlijk zijn dictatorsmond uit (prieteni waren voor de boerendictator steevast pretini).

Nu gaan er meer lieden de fout in – al weet niemand of dat nu ligt aan een verslechtering van het onderwijs, een teveel aan commerciële verstrooiing of aan een mysterieuze ziekte die ervoor zorgt dat het Roemeens ook voor de Roemenen zelf te moeilijk is geworden.

Op bezoek in Nederland hoor ik bij het verplicht luisteren naar andermans mobiele telefoongesprekken in de trein in toenemende mate taalfouten, maar in Roemenië hoor ik er echt meer, terwijl een deel ervan mij als niet-native speaker ongetwijfeld nog steeds ontgaat.

Het meest dramatisch is de situatie op tv. Het populairste satirische programma van het land, Cronica Carcotasilor, zendt wekelijks een toptien uit van de grootste taalverminkingen waaraan mensen zich schuldig maken. Dat is elke week weer lachen, maar ook schrikken.

Vaak zijn de blunderaars presentatrices en verslaggevers van de vele commerciële stations die het land inmiddels rijk is, en die bijna geen mensen boven de dertig in dienst hebben. Onlangs toonde Carcotalisor een fragment van een gedecolleteerd mokkel in minirok dat een nieuw toeristisch complex aanprees, en dat in drie minuten tijd maar liefst acht keer een verkeerde meervoudsvorm wist te gebruiken.

Kun je voor die meisjes nog verzachtende omstandigheden aanvoeren – ze zijn nog jong, ze zijn zonder enige opleiding het scherm opgegaan –, de moddervette Roemeense politici hebben geen excuus. Toch bestaat de topdrie van Carcotalisor steevast uit taalverminkingen van hen. Uit de machtigste monden klinken beroerde Roemeense zinnen.

Een vent staat er elke week in: de met dure horloges en kettingen behangen voetbalmakelaar en schreeuwpoliticus Gigi Becali, thans in de peilingen goed voor 15 tot 20 procent van de stemmen. Het is een megalomaan kereltje dat grootse plannen heeft met Roemenië. Bij het uit de doeken doen daarvan heeft hij derhalve het meervoud vaak nodig. Helaas: het gaat zelden goed. Vaak vervangt hij de officiële uitgangen door een simpel wuuuhhhhh.

‘Een einde maken aan de wanorde’, luidt het adagium van deze rijzende ster van de Roemeense politiek. Wellicht bij de pluralis beginnen, zou je zeggen.

Olaf Tempelman

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2023 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden