Psychiater Bram Bakker over de vijf vrienden die hij in twee jaar tijd verloor

'Wat betreft het delen van emoties moeten mannen een enorme inhaalslag maken'

In twee jaar tijd verloor hij vijf vrienden en nu ligt hij ook nog in scheiding. Als er meer was gepraat, had veel leed voorkomen kunnen worden, denkt psychiater Bram Bakker.

Psychiater Bram Bakker. Foto Imke Panhuijzen

Het interview doet psychiater Bram Bakker liever niet bij hem thuis. Niet alleen vanwege zijn twee puberende kinderen die vrij zijn van school, maar ook omdat zijn ex er nog rondloopt. Nadat ze twintig jaar geliefden waren geweest, heeft Bram Bakker, die momenteel als psychiater in het Slotervaart Ziekenhuis werkt, er een punt achter gezet. Alle doden om hem heen hebben de relatie geen goed gedaan. Bakker: 'Ik had vijf begrafenissen in twee jaar. En het waren allemaal mannen van mijn leeftijd. Drie keer ging het om een dodelijke ziekte, twee keer om zelfmoord. Bij drie van de vijf ging de vriendschap zo diep dat ik heb gesproken op de begrafenis.'

Over Gerrit, die overleed aan de gevolgen van de spierziekte ALS, schreef Bakker, ook wel 'de cowboy onder de psychiaters' genoemd vanwege zijn uitgesproken mening en zijn soms controversiële aanpak, Gerrit, een jongensvriendschap. Hij wilde de herinneringen aan de vriendschap voor het nageslacht vastleggen in het non-fictieboek. Ook zijn vriendschappen met Joost Zwagerman en Rogi Wieg komen langs. Daarmee is het eigenlijk een boek over mannenvriendschappen. Over hoe moeilijk mannen gevoelens met elkaar delen. In de laatste fase van Gerrits leven wilde Bakker zijn emoties wel graag met zijn beste vriend bespreken, maar durfde hij het toch niet aan. 'Dat voelt als een gemiste kans. Maar het voelde niet gepast, of ik schaamde me te veel', schrijft hij.

Waarom schaamde je je?

'Mannen praten moeilijk over gevoel. Gerrit was daar helemaal niet goed in, en ik ook niet. Ik ben beroepsmatig de hele dag met het gevoel van anderen bezig en daardoor eigenlijk heel erg niet met mijn eigen gevoel. Ik heb toen gekozen om het maar niet aan te kaarten, omdat ik hem geen ongemakkelijk gevoel wilde bezorgen. Maar misschien stiekem ook wel omdat ik me er zelf ongemakkelijk bij voelde. Pas helemaal aan het eind, de dag voordat hij euthanasie kreeg, zei Gerrit ineens voor de eerste en enige keer iets evaluerends over onze vriendschap. Dat is denk ik kenmerkend voor veel mannenvriendschappen. Je zegt niet tegen elkaar: 'Ik hou van je'. Of: 'Ik vond je altijd zo'n lieve jongen.' Dat moet allemaal met rationele termen. Gerrit heeft de laatste anderhalf jaar van zijn leven in zijn hoofd gezeten, omdat hij niet kon praten vanwege die ALS. Dus hij heeft er veel over nagedacht en ineens zei hij: 'Je bent heel bepalend voor mij geweest'.

CV Bram Bakker

1963 Op 29 oktober geboren in Zwolle

1982-1991 Studeerde geneeskunde aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, behaalde zijn artsexamen in 1993 en promoveerde zeven jaar later

2000-2004 Psychiater in het Sint Lucas Andreas Ziekenhuis in Amsterdam

2004-2006 Psychiater bij het Centrum Eetstoornissen Ursula

2005 Waarschuwing van het Medisch Tuchtcollege

2009-2011 Psychiater bij particuliere verslavingskliniek SolutionS

2011-2015 Psychiater/medisch-directeur GGZ Vitaalpunt

2015-2017 Met cabaretière Marjolijn van Kooten speelde hij het dubbelprogramma Geen Paniek

2013-heden Directeur Uitgeverij Lucht en Uitgeverij Water

2016 - heden Psychiater/medisch-directeur Sitagre, instelling voor psychiatrische diagnostiek en behandeladvies in MC Slotervaart

Sinds 2003 is hij actief als publicist en schrijft hij columns en artikelen voor tijdschriften en kranten. Hij publiceerde meerdere boeken, zoals Te gek om los te lopen (2005), Over seks gesproken (2012) en Geluk uit een potje (2015). Het boek Gerrit. Een jongensvriendschap is sinds deze week verschenen. Hij heeft twee zoons, Fimme (23), uit een eerdere relatie, en Milan (15), en een dochter, Luna (12), uit zijn afgelopen relatie.


Met een computerstem.

'Ja. Hij bediende de computer met zijn ogen en een computerstem sprak de woorden uit. Je kijkt iemand op dat moment wel aan, dus je hebt er wel een gevoel bij. Maar het is wel raar dat er zo'n mechanisch ding tussen zit.'

En dat was de eerste keer dat jullie over jullie gevoel praatten?

'Ja. We deden altijd veel samen. Rennen, fietsen, naar voetbalwedstrijden gaan. Dat was al zo vanaf het moment dat we elkaar veertig jaar geleden leerden kennen. De enige momenten waarop wij praatten, was als we bij elkaar logeerden en het laat en donker was. Dat was de setting waarin er weleens gevoelens werden uitgewisseld. Maar ja, dat waren zwakten in de orde van: 'Ik hoop wel dat ik morgen in de basis sta met hockey.' Verder waren we altijd bezig. Als we twee uur hadden gevoetbald of over straat hadden gerend, gingen we binnen zitten om een autoblad te lezen.'

Wat antwoordde je toen de computerstem zei dat je heel bepalend voor hem bent geweest?

'Ik zei: 'Jij ook voor mij.' Maar ik had het gevoel dat ik het als eerste tegen hem had moeten zeggen, want hij heeft een immens grote betekenis gehad in mijn leven. Daar heb ik tot hij overleed nooit bij stilgestaan. Ik was echt een ander mens geweest als ik hem niet was tegengekomen. Wij verhuisden aan de lopende band, waardoor ik nergens aansluiting vond en me altijd een buitenbeentje voelde. Totdat ik hem ontmoette. Als een echte vent heb ik dat geprobeerd te zeggen door hem mee te vragen naar Ajax-Barcelona. En toen de Tour de France in Utrecht startte, heb ik een vipplek geregeld op een rotonde, waar al die renners omheen reden, zodat hij er in zijn rolstoel echt met zijn neus bovenop zat. Gerrit wist dat ik mijn best had gedaan om dat mogelijk te maken, maar alles ging altijd indirect. Hij wilde het er ook niet te veel over hebben dat hij doodging. Het enige wat hij erover zei was: ik hou wel van een wedstrijdje als ik de kans heb om te winnen, maar dit is geen wedstrijd, want de uitslag staat al vast.'

In de eindfase van Gerrits wedstrijd, besluiten Bram Bakkers vrienden Rogi Wieg en Joost Zwagerman uit het leven te stappen. Uit Gerrit: 'Ik was boos op Joost, die zichzelf het leven benam, en dat had alles te maken met de vriend die moest overlijden aan een ongeneeslijke ziekte als ALS, terwijl hij nog zo graag had willen leven. Ik had ook grote moeite met de euthanasie vanwege het ondraaglijk psychisch lijden van Rogi, omdat ik betwijfel of er echt geen kans meer was daar iets aan te doen. Ik had het moeilijk met die sterfgevallen, omdat Gerrit iedere kans nog had willen benutten, maar hij kreeg ze niet.'

Bakker: 'Joost ging op 6 september dood, Gerrit op 27 december. Daar zaten slechts drie maanden tussen en dat maakte het heel pijnlijk. Bij Joost blijf ik vinden dat het niet had gehoeven. Of het nou een mislukte behandeling is geweest, of dat hij onvoldoende behandeld is, dat weet ik niet, maar in elk geval was hij niet ten dode opgeschreven. Hij was ineens op een dag hup weg. Dat voelde extreem frustrerend. Had nog even gebeld man, dacht ik steeds. Ik had hem op vrijdag nog gesproken en het gebeurde op dinsdag. Waarom had ik hem zelf op zondag niet even gebeld, want hij zat niet in een goede fase. Ik zat erg met het gevoel van: shit, dit had niet gemoeten. Dat werkt echt verwarrend. Ook doordat de vriendschap met Joost van de laatste jaren veel parallellen had met de vriendschap met Gerrit van dertig jaar geleden.'

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Bram Bakker: 'Bij Joost blijf ik vinden dat het niet had gehoeven. Of het nou een mislukte behandeling is geweest, of dat hij onvoldoende behandeld is, dat weet ik niet, maar in elk geval was hij niet ten dode opgeschreven.' Foto Imke Panhuijzen

Sprak je met Joost ook niet echt over gevoelens?

'Bij Joost ging het vaak over symptomen waarvan hij last had. En of hij bepaalde medicatie al dan niet moest nemen. Maar wat er precies in hem omging, deelde hij ook niet.'

Had je er wel een idee van dat hij risico liep?

'Ja, ja, zonder twijfel. Er zijn voldoende dingen gebeurd op grond waarvan je kunt zeggen dat het niet zo onverwacht was als het leek. Maar naarmate er langer een soort vrees rond iemand leeft, ga je er minder rekening mee houden. Dus op de dag dat het gebeurt, denk je: shit, hoe heb ik dit kunnen missen?'

Maakt het dan geen barst uit dat je psychiater bent?

'Nee, het is natuurlijk een ingewikkeld krachtenveld. Aan de ene kant wil je je vriend af en toe best een beetje souffleren vanuit je eigen vakgebied. Aan de andere kant weet je, juist omdat je psychiater bent, hoe lastig die rol van de behandelaar is bij een bekend iemand, waarbij het gevaar speelt dat hij of zij zichzelf iets aandoet. Die rol is zeker niet benijdenswaardig. Ik was niet graag de psychiater van Joost geweest.'

Waarom is het moeilijker als je patiënt in de spotlights staat?

'De druk neemt toe en de mogelijkheden zijn veel beperkter. Joost woonde bij mij om de hoek in Haarlem, maar naar de psychiatrische afdeling in Haarlem gaan, was om meerdere redenen geen verstandig plan. Want dan zou de hele wereld weten dat de Joost Zwagerman was opgenomen. Dat speelt altijd bij bekende mensen, die hebben gewoon minder mogelijkheden. Dat is ook waarom beroemdheden zich probleemloos kunnen dooddrinken, omdat veilige, vertrouwde en anonieme plekken waar ze naartoe kunnen schaars zijn. En op het moment dat jij als behandelaar bij iemand als Joost Zwagerman denkt dat hij moet worden opgenomen, krijg je daar ook nog eens het ego van Joost bij. Dus je staat voor een grote uitdaging.'

Rogi Wieg kondigde eerder in zijn leven al aan dat hij eruit wilde stappen, maar van die gedachte heb jij hem aanvankelijk op miraculeuze wijze genezen. Heb je weleens gedacht: ik doe hetzelfde bij Joost?

'Nee, want dat lukte bij Rogi toch makkelijker omdat hij chronisch patiënt was en daarmee vrede had. Joost streed ook nog eens tegen dat patiënt zijn. Bij Rogi heb ik ervoor gekozen de irritatie en boosheid die ik voelde terug in zijn gezicht te flikkeren. Hij zat op een afdeling in het Sint Lucas Ziekenhuis en was ziek, zwak en misselijk. Hij had wel een mevrouw zwanger gemaakt, maar voelde zich niet in staat bij de bevalling aanwezig te zijn. Daar ben ik toen heel boos over geworden, omdat ik dat echt slappe hap vond. Toen heb ik hem mijn fiets geleend en gezegd: 'Je fietst maar naar de VU, je bent er gewoon bij.' Achteraf zei hij dat het hem erg heeft geholpen dat ik de moeite nam boos op hem te worden. En hij werd ook boos op mij. Daardoor voelde hij tenminste iets, wat fijn was, want hij zat in een depressie waarbij hij niets voelde. Die manier werkte bij hem prima, maar Joost was een ander mens. Bij hem is het veel impulsiever geschied. Vaak merk je aan mensen die eruit willen stappen dat ze een innerlijke rust krijgen, waardoor de omgeving denkt dat het beter met ze gaat. Dan hebben ze meestal in hun hoofd het scenario klaar. Ze weten hoe ze het willen doen, hebben de brief geschreven. Bij Joost was dat niet aan de hand. Hij was gewoon boem, ineens weg. Als donderslag bij heldere hemel. Dat leidt ook tot allerlei speculaties over wat de doorslag heeft gegeven, dat is natuurlijk het frustrerende aan die zelfmoorden. De antwoorden gaan mee het graf in.'

Wist jij dat Joosts vriendin op dat moment zwanger was?

'Ja, daarover hebben we het wel gehad.'

Heeft het hem even verlicht dat hij weer vader ging worden, of heb je dat niet gemerkt?

'Nee. Maar kijk, als iemand depressief is, ziet-ie overal tegenop. En in dat licht zag Joost ook echt op tegen weer een jong kind. Niet omdat hij niet van zijn vriendin hield of omdat hij dat kind niet wilde, maar omdat hij dacht: kan ik het wel? En dat is een twijfel die bij een depressie hoort. Dus wat hij met mij daarover heeft gedeeld, was vooral tekenend voor zijn depressie.'

Wat verdrietig voor dat kind.

'Ja, zijn moeder wilde graag dat hij Zwagerman zou heten, maar dat was nog niet geregeld. Dus kreeg het jongetje in eerste instantie haar achternaam. Of de angst voor het vaderschap de doorslag heeft gegeven uit het leven te stappen, weet je niet. Ik zie zelfmoord in veel gevallen toch als een soort fataal auto-ongeluk. In de analyse achteraf zitten vaak heel truttige details als: je was iets vergeten mee te nemen van huis, moest terug, was daardoor gestrest en zag die auto van rechts niet. Dat is in mijn ervaring met suïcide ook zo. Er zijn veel dingen die daarin een rol gespeeld kunnen hebben die we waarschijnlijk niet weten. Er was iets met een tentoonstelling die hij aan het voorbereiden was, een verandering van uitgever die hij had ingezet, hij zou gaan stoppen bij de Volkskrant als columnist en dan was er ook nog de zwangerschap. Daarmee is een soort explosieve cocktail ontstaan. Toen een vriendin mij belde om te vertellen dat Joost zelfmoord had gepleegd, was dat echt een smack in the face. Hij heeft zich natuurlijk altijd zo verzet tegen zelfmoord. Ik denk dat Joost ook tegen de zelfmoord van Joost zou zijn geweest.'

Bram Bakker: 'Ik denk dat Joost ook tegen de zelfmoord van Joost zou zijn geweest.' Foto Imke Panhuijzen

Hij was ook tegen de euthanasie van Rogi Wieg.

'Ja, net als ik. Voor mij was dat zelfdoding met hulp. Volgens de regels mag dat, maar ik heb daar moeite mee. Want Rogi heeft iemand medeplichtig gemaakt. Terwijl hij een afspraak met Joost en mij had om dat nooit te doen. Wij hebben hem moeten beloven dat we ons altijd zouden blijven verzetten tegen zijn zelfmoordneigingen en -gedachten. Joost heeft dat heel serieus genomen, tot het einde aan toe. Rogi's vrouw was een voorstander van die euthanasie. Dat was ook waarom Joost problemen met haar had.'

Zijn vrouw is ook boos op jou omdat jij je er kritisch over uitgelaten hebt.

'Ja. Dat ik ertegen was, had ook te maken met Rogi die in een mailgroepje allerlei mensen ging vertellen hoe mooi het was dat hij die toestemming had gekregen. Waardoor je bijna het gevoel kreeg alsof hij er trots op was. Dat heeft Joost en mij enorm geïrriteerd. Minister Hugo de Jonge heeft nu zelfs verklaard dat subjectief lijden voldoende is om euthanasie te krijgen, terwijl ik denk: probeer eerst de elektroshocks nog even, die helpen vaak best goed. Dat frustreerde me ook bij Joost. Hij heeft lang niet alle behandelingen gehad die er zijn en ik vind dat je als dokter alles in moet zetten om mensen bij het leven te houden. Daar is as we speak een hele controverse over binnen mijn beroepsgroep. De psychiaters die bij de Levenseindekliniek werken hebben nu de wind mee, ineens kunnen ze het werk niet meer aan. Dat geeft me het idee dat de component mode in het spel is. Kijk, die weduwe van Rogi is boos op me omdat ik het er niet mee eens ben, maar ik kende Rogi als iemand die heel diep kon zitten, en toch altijd weer een bocht nam waarna het weer een tijdje goed ging. Hij veranderde met enige regelmaat van partner en dan ging het ineens weer. Hij had een zeer grillig, onvoorspelbaar ziekteverloop. Ik zou niet durven zeggen: nu komt het nooit meer goed, je tijd is gekomen. Ik gun mensen een einde aan hun lijden, maar je gaat voor mijn gevoel toch een beetje op de stoel van God zitten als je midden in iemands depressie zegt: dit is ongeneeslijk. Wanneer weet je bij een depressie of het een weloverwogen besluit is? Dat is volstrekt arbitrair.'

Je schrijft in je boek dat het overlijden van je vrienden je heeft veranderd. Waaraan merk je dat?

'Het confronteert je enorm met je eigen sterfelijkheid. Ik heb echt haast nu. Op een bepaalde manier ben ik zakelijker over mijn tijd gaan denken, maar ik besefte ineens ook hoe weinig ik stilsta bij mijn gevoel. Ik ben grootgebracht door een moeder die een hekel had aan huilende kinderen. Maar ik heb me toch een partij zitten janken bij al die uitvaarten. Ik dacht: waar komt dit vandaan? Wat zegt dit? Het heeft me doen realiseren dat het in mijn contacten meer over emoties moet gaan dan het ging. Met mijn eigen kinderen had ik ook dat ik eerder voetbal ging kijken of iets anders ondernam. Ik probeer nu meer tijd te nemen voor mijn dierbaren.'

Heeft het feit dat je in scheiding ligt daarmee te maken?

'Ja, zeker. Als je zwaar emotioneel wordt geraakt en je deelt dat niet, is dat een sluipmoordenaar in je relatie. Ineens zag ik dat de relatie met de moeder van mijn kinderen te veel leek op de relatie die ik met Gerrit had. Dus praktisch en pragmatisch en te weinig gericht op het delen van emoties. Als je elkaar daarin vervolgens zoekt, maar niet vindt, raak je elkaar kwijt. Zeker als je zulke gescheiden levens hebt als wij, met allebei een drukke baan en twee kinderen. Dus eerst is er zorg voor de kinderen, op twee staat de baan, op drie je eigen sociale contacten en op vier pas je relatie. Dat is niet goed. Ik heb dat ook wel aangekaart, maar het bleef zoals het was. En als er bij jou veel op emotioneel gebied gebeurt en je slaagt er niet in dat te delen, overleeft je relatie dat niet.'

Gek hè? Jullie zijn dr. en prof. dr. op het gebied van de menselijke psyche en toch lukt het jullie niet elkaar emotioneel te vinden.

'Ja, dat is de loodgieter met de lekkende kraan. Je weet bij anderen hoe het moet en zelf doe je het niet. Als ik me nu realiseer dat ik in mijn eentje naar die uitvaart van Joost ben gegaan, kan ik me dat niet meer voorstellen. Uiteindelijk leidt niet over emoties praten tot steeds minder intimiteit. En relaties waarin geen intimiteit is, zijn gedoemd te mislukken.'

Het clichématige beeld is dat de vrouw hunkert naar meer emotionele binding met haar partner. Maar bij jullie was het dus andersom?

'Vergis je niet. Er zijn enórm veel mannen die vinden dat ze te weinig aandacht van hun vrouw krijgen. Er zijn ontzéttend veel mannen die klagen dat de zorg voor de kinderen bij hun vrouw cóntinue voorrang krijgt. Maar mannen kroppen dat eerder op.

'Wat betreft het delen van emoties hebben mannen een enorme inhaalslag te maken. Mannen plegen twee keer zo vaak zelfmoord, terwijl ze veel minder vaak depressief zijn dan vrouwen. Dat komt doordat mannen uit mijn generatie niet zijn grootgebracht met praten over gevoelens. Het is de hoogste tijd dat we dat veranderen, want als we het niet over ongemakkelijke emoties kunnen hebben, zie je dat terug in de zelfmoordstatistieken. Delen is nu eenmaal helen. Je ziet het ook onder jongeren, daar is het suïcide-cijfer verontrustend aan het stijgen. Daar heeft het niet met opvoeding te maken, maar met die hele apparatengekte. Dat is echt een ziekmakende leefstijl waarin ze gevangen zitten. Want er is een groot verschil tussen Facebookvrienden en echte vrienden, dus er gaat bij die jongeren op dit moment écht iets niet goed in het delen van emoties.'

Tekst gaat verder onder de afbeelding.

Bram Bakker: 'Ik denk dat mannen en vrouwen in de kern niet zo veel verschillen. Iedereen wil aandacht en waardering van zijn partner.' Foto Imke Panhuijzen

Ligt het er nog aan dat mannen en vrouwen op een andere manier verbinding zoeken, dat ze elkaar daarin niet altijd kunnen vinden?

'Ik denk dat mannen en vrouwen in de kern niet zo veel verschillen. Iedereen wil aandacht en waardering van zijn partner. Wij gingen op een gegeven moment naar zo'n EFT-therapeut, Emotion Focused Therapy. En die had de vijfuurregel: per week moet je minimaal vijf uur exclusieve aandacht aan elkaar geven. Ik zag mijn vriendin denken, en ik dacht het zelf ook: jezus, waar haal ik die vijf uur vandaan? Maar het werkte tijdelijk wel. Opgelucht haalden we adem, we leefden nog! Maar daarna kwam de klad er toch weer in. Dus waarschijnlijk is het toch zo dat je echt plat tijd in elkaar moet investeren. Dat je echt moet zeggen: ik zet mijn telefoon uit en ga aandacht voor je hebben. Iedereen doet aan mindfulness of yoga tegenwoordig, maar mindful met je partner omgaan, beheersen mensen steeds slechter.'

Je zou denken dat je er met dit inzicht alsnog zou kunnen uitkomen. Waarom lukte het dan toch niet meer?

'Omdat ratio en emotie twee verschillende grootheden zijn. Ik voelde me op emotioneel gebied vaak tekortgedaan, niet gezien en niet gewaardeerd. Als je dat na zo veel pogingen van beide kanten toch niet aan de praat krijgt, moet je op een bepaald moment vaststellen: wij gaan dat bij elkaar niet vinden. Dus wat zitten we hier te doen? Want wat mensen bindt, zijn de ongemakkelijke emoties die je kunt delen. Die dode mannen waren voor mij de wake-upcall dat ik mijn eigen emoties onvoldoende aandacht heb gegeven. En door het schrijven van het boek heb ik stappen gemaakt in nadenken over mijn gevoel, in die zin is het schrijven therapeutisch geweest. Dat kun je niet meer terugdraaien.'

'Wat ik mijn ex verwijt, is dat ze te weinig tijd voor me heeft gemaakt. En er zijn te veel momenten geweest dat ik zei dat ik uit eten wilde of naar een voorstelling wilde, en dat ik domweg op agendatechnische bezwaren stuitte. Dat is extreem pijnlijk. Maar ja, in een carrière van een hoogleraar die op weg is naar de absolute top, past het niet om niet mee te dingen naar onderzoekssubsidies, je moet elk jaar weer naar de volgende zak geld vissen. Zo kom je carrièretechnisch aan de top en de prijs betaal je dan privé. Zij heeft mij op haar beurt verweten dat ik twee jaar lang honderd keer per jaar in een theater ging staan. Alleen kwam die kritiek pas achteraf. 'Dan ben je honderd avonden weg en die steel je van mij', zei ze. Dat was een terecht punt, maar dan riep ik: 'Weet je hoeveel avonden jij er niet bent!' Ik communiceerde geen zwakte of behoefte, maar verwijten. Dus daar ging ze niet harder van lopen. Mijn aandeel is dat ik het niet op de goede manier onder de aandacht heb gebracht.'

Kan het zijn dat je te veel aandacht wilde van je vrouw? Een profiel in de krant had als titel 'Bram Nooitgenoeg'. In de media word je vaak als narcist bestempeld.

'Ik denk niet dat ik een narcist ben, al heb ik zeker narcistische trekken. Tien, vijftien jaar geleden dacht ik dat media-aandacht zou leiden tot er meer bij horen en meer gezien en gewaardeerd worden. Maar ik had een partner die me daarvoor geen punten gaf, dus als ik het thuis gezellig wilde hebben, hoefde ik daarmee niet aan te komen. Dat heeft de narcist in mij wel afgezwakt. Mensen die mij bekritiseerden omdat ik publieke diagnostiek bedrijf, en die vervolgens zelf publiekelijk gingen vertellen dat ik een narcist ben, heb ik sowieso nooit serieus genomen.'

Je hebt inmiddels een nieuwe vriendin. Lukt het delen van gevoelens daar wel als vanzelf bij?

'Ik wil me nog even niet aan vergelijkingen wagen. Want op het moment dat je uit een relatie komt waarin je zwaar gefrustreerd bent geraakt, lijkt het gras aan de overkant al snel groener. Ik wil ook naar mijn kinderen toe niet te snel gaan. Ik denk dat gescheiden ouders er goed aan doen zich erg terughoudend op te stellen in het introduceren van nieuwe partners. Ik heb het mijn kinderen wel verteld, maar ga ze zeker nog niet aan elkaar voorstellen. We gaan eerst rustig ontdekken hoe deze relatie zich ontwikkelt.'

Denk jij aan zelfmoord? Neem contact op met 113 Zelfmoordpreventie.