'Plastische chirurgie maakt gelukkiger'

Toch geruststellend uit de mond van hoogleraar esthetische chirurgie Berend van der Lei (48): 'Uitstraling blijft het belangrijkste.'..

Berend van der Lei denkt nog geregeld terug aan haar emotionele verhaal: de vrouw van streng christelijke afkomst die zich na de dood van haar vader eindelijk durfde te laten opereren aan haar grote neus. Dat was een taboe in haar milieu - je gezicht heb je van God gekregen, daar blijf je vanaf. Terwijl de vrouw er zo onder leed. Ze vertelde over de keer dat ze was gevallen en haar neus had geschramd. De reactie van haar schoonzus: 'Hoeveel pleisters had jij wel niet nodig voor je neus?'

Berend van der Lei (48): 'Vrouwen zijn nog gemener over elkaars uiterlijk dan mannen over vrouwen.'

Hij is begin dit jaar benoemd tot eerste hoogleraar esthetische chirurgie in Nederland, aan het Universitair Medisch Centrum Groningen.

In 1987 begon Van der Lei met zijn opleiding tot plastisch chirurg en in de tussenliggende jaren ervoer hij: cliënten zijn bijna allemaal erg tevreden na een cosmetische ingreep. Dat wil hij nu als hoogleraar gaan onderzoeken: worden mensen gelukkiger van plastische chirurgie en hoe lang houdt dat tevreden gevoel aan?

'Ik ben ervan overtuigd dat plastische chirurgie gelukkiger maakt.

Dat is de praktijkervaring van de meeste plastisch chirurgen. Als 20 procent van je klanten ontevreden is, heb je het heel snel gehad met je vak. Maar 90 tot 95 procent is hartstikke blij.

'Critici vragen zich dan af: blijft dat zo? Ja, is mijn ervaring. Ik behandel ook veel vrouwen van wie de borstprothesen na twintig jaar versleten zijn. Er zijn er genoeg die zeggen: 'Tuurlijk moet er weer wat in. Ik wil niet plat zijn.'

Maar pas zei iemand: 'Ze hoeven niet vervangen te worden, voor mij zijn andere dingen nu belangrijker.'

Ik vroeg: 'Zou u het weer gedaan hebben?' 'Ja', zei ze, 'Toen had ik het echt nodig.'

Al die vrouwen erkennen dat ze het zo weer over zouden doen.'

Hoe belangrijk is het uiterlijk in de moderne maatschappij?

'Het uiterlijk is al heel lang belangrijk. En sinds de uitvinding van de camera en de televisie is het nog veel belangrijker geworden. Vooral het vrouwelijk lijf wordt geseksualiseerd om producten te verkopen in deze consumptiemaatschappij. En dat heeft enorme invloed.

'Waarom laten mensen iets doen aan hun uiterlijk? Meestal niet omdat ze zo mooi willen zijn. Niet omdat ze van een C-cup naar een D-cup willen, of omdat ze er op hun 60ste nog als een 30-jarige willen uitzien. Maar omdat ze vinden dat ze te veel afwijken van het gemiddelde.

Alleen: het idee over dat gemiddelde wordt wel beïnvloed door wat we het mooiste vinden. Als het schoonheidsideaal in jouw maatschappij heel hoog is, loop je sneller de kans dat je afwijkt. En dus is er meer vraag naar cosmetische ingrepen.'

Dat schoonheidsideaal is hoger geworden?

'Absoluut. Kijk naar de Amerikaanse missverkiezingen. De cupmaat van de winnares is toegenomen, de taillemaat is afgenomen.'

We worden geconfronteerd met een onbereikbaar ideaalbeeld?

'Als je nu kijkt in de glossy's - dat is een sprookje: 80 procent van de inhoud bestaat uit cosmetica-advertenties. Allemaal supermooie modellen, allemaal gephotoshopt, het ziet er allemaal perfect uit. Ik denk niet dat jonge meiden de illusie hebben dat ze er ook zo uit kunnen zien. Maar ik denk wel dat je je minder gelukkig gaat voelen als je een paar puistjes hebt.'

Er zijn psychologen die vinden dat iedereen die naar de plastisch chirurg wil, eerst langs de psycholoog moet.

'Grote onzin. Dat is preken voor eigen parochie. Als er een meisje komt met nauwelijks borsten, moet de psycholoog dan zeggen 'je bent best mooi'? Dat lost niks op voor die meisjes. Echt, die zijn er zo ongelukkig om. Bij het gros van mijn cliënten is het goed invoelbaar dat ze voor plastische chirurgie komen. In onze drukke maatschappij word je beoordeeld in één oogopslag. Stel dat de oogleden en het voorhoofd bij jou uitgezakt zijn, dan denken anderen: goh, da's ook een vermoeid iemand. Dan word je afgerekend op iets dat helemaal niet jouw eigenschap is. Dat hoor ik ook in de spreekkamer, van cliënten met wallen.

'Ik krijg opmerkingen dat ik altijd zo moe op mijn werk kom, terwijl ik elke avond op tijd naar bed ga.'

'Wat ik wel vind is dat plastisch chirurgen veel meer zouden moeten samenwerken met psychologen en ethici. Waar liggen de grenzen?

Stel: op mijn spreekuur komt een echtpaar, met een kindje met het syndroom van Down: 'Dokter, zou u deze mongolenplooien kunnen weghalen?' Ik denk dat ik dat niet zou doen. Want wie behandel je dan eigenlijk? Doe je het kind er een plezier mee? Zelfs al kun je het er normaal uit laten zien, denk je dan dat het als normaal wordt herkend door andere kinderen? Je doet het voor die ouders.

'Het komt ook voor dat mensen zich heel erg ongerust maken over heel kleine afwijkingen.

Dan vraag ik: 'Waaraan wilt u behandeld worden?' 'Ziet u dat dan niet?' 'Nee.'

'Mijn neus.'

Als er een grote discrepantie is tussen de afwijking en het klachtenpatroon dat cliënten aangeven, moet je op je hoede zijn. Dan is het mes niet op zijn plaats. Zo iemand moet je de psycholoog adviseren. Dat pak ik dan heel voorzichtig aan: 'Er is misschien iets met uw neus, maar uw probleem heeft ook te maken met de manier waarop u uw neus beleeft.'

Wil zo iemand geen psychologische hulp, dan houdt het op voor mij.'

En dan dreigt zo'n cliënt: als u het niet doet, ga ik naar een ander.

'Dan doen ze dat maar. Ook al ben je nog zo gestoord, als je shopt, vind je wel iemand.

Kijk maar naar Michael Jackson. Er zijn genoeg artsen die alles doen, just for the money.

'De esthetische chirurgie heeft natuurlijk een aantal morele dilemma's in zich. Dokter versus zakenman. Als jouw werk alleen bestaat uit commerciële zorg, dan is in principe elke klant een potentiële geldbron. Ik vind dat je zuiver moet handelen: zou je dit je man, vrouw, kinderen of vrienden aandoen?' Weigert u geregeld klanten?

'Niet vaak. Zoals ik al zei: meestal zijn hun verlangens reëel. Grofweg eenderde van mijn cliënten behandel ik aan het gelaat; dat zijn meestal ouder wordende vrouwen. Eenderde van mijn klanten wil iets veranderen aan de lichaamscontouren; dat zijn vooral wat jongere mensen. En eenderde bestaat uit vrouwen die hun borsten willen laten liften of vergroten. Daar zitten jonge vrouwen tussen die helemaal plat zijn, of moeders na een zwangerschap. Mannen komen veel minder: in een privékliniek is ongeveer

5 procent van de klanten man.

'Ik wil niet moralistisch, of beter gezegd, paternalistisch zijn. Soms komen er vrouwen die een mooie B-cup hebben, maar een c of een d willen. Ik vind niet dat je die vrouwen je eigen normen en waarden moet opleggen.

Wie ben ik om hen niet te helpen?' Maar dan u zegt wel: 'Het is mooi, zoals het nu is?' 'Dat zeg ik wel. En ik zeg ook: 'Ik kan ze vergroten, maar ik heb wel mijn grenzen.'

Geen Lolo Ferrari. Als iets tegen mijn gevoel indruist, doe ik het niet.

'Af en toe trap je er ook in. Ik herinner me een vrouw die samen met haar man kwam praten over een borstvergroting. Het was een normaal invoelbaar verzoek, ze wilde niet ineens heel grote borsten. Op de OK dacht ik: wat heeft ze een bruin gezicht. Ik veegde erover met een gaasje: ze bleek zwaar bepoederd.

Erg opgemaakt, zal ik maar zeggen. Gek, maar dat herinner ik me nog zo goed, van deze casus.

'Drie maanden na de ingreep kwam ze weer langs, voor controle. Ze zei: 'Het heeft niet geholpen. Mijn man is toch bij me weg.'

Toen voelde ik me flink belazerd. Die vrouw heb ik dus inderdaad niet geholpen. Ik had haar niet moeten opereren.

'En in het begin van mijn loopbaan heb ik weleens cliënten behandeld bij wie ik eerst ingreep a deed, toen B, en die vervolgens bij me kwamen voor operatie C. Dan besef je: deze heeft een gestoord zelfbeeld.'

Esthetische chirurgie kan verslavend werken?

'Nee, het is niet verslavend. Ik heb geteld: uit een serie van driehonderd cliënten zijn er vijftien na enige tijd teruggekomen voor een tweede ingreep. Dus waar praten we over?

'Ik ken drie mensen bij naam van wie ik weet dat ze geobsedeerd zijn door hun uiterlijk en die daar een heleboel aan hebben laten doen. Dat ik ze in het begin van mijn carrière heb geholpen, kwam mede door onervarenheid.

Het is ook moeilijk van ze af te komen. Ik heb niet de indruk dat ik deze mensen ongelukkig heb gemaakt, maar ik heb ze ook niet gelukkiger gemaakt - er is altijd wel weer iets anders, waarover ze ontevreden zijn.'

Het beeld bestaat dat er een grote toename is van jonge meisjes die naar de esthetisch chirurg stappen.

'Dat klopt niet. Dat die meisjes veel praten over hun uiterlijk en de plastisch chirurg, wil nog niet zeggen dat ze er ook echt naartoe gaan, als ze nog jong zijn. Dat doen ze pas na een aantal jaren. De afgelopen drieënhalf jaar heb ik in de privékliniek in Heerenveen vijfhonderd cliënten behandeld. Er waren er vijf jonger dan 21. Vier kwamen er voor een borstvergroting, omdat ze nauwelijks of geen borsten hadden, één kwam voor schaamlipverkleining.

Een collega uit deze kliniek heeft in diezelfde periode twee meisjes behandeld, op een totaal van vijfhonderd. Een collega uit het westen, die werkt in een heel grote kliniek, kwam met vergelijkbare cijfers. Op een totaal van drieënhalfduizend cliënten waren er slechts tien jonger dan 21.'

Maar ik schrik van dat meisje van onder de 21 dat komt voor een schaamlipverkleining - zo jong ook.

'Ze was 20. Mag het met 22 dan wel? Of moet ze 30 zijn? Ik heb zelf een grote dochter.

Die meiden zijn op 18, 19 jaar echt wel volwassen.

Ze had er last van, met sporten, met fietsen, met kleding. Ze zei: 'Het steekt uit.'

Het wás zo, hoe naar het misschien ook klinkt: bij haar hing er een slurf uit.

'Schaamlipverkleining heeft ook te maken met de ondergoedmode. Vroeger lazen mijn ouders de Sextant, het voorlichtingsblad van de NVSH en daar keek je dan stiekem in als jongetje...' Grote badstoffen onderbroeken. 'En bossen weelderig haar tot in de liezen.

Als ik nu een patiënt op mijn spreekuur krijg met zo veel schaamhaar, denk ik toch: wat onverzorgd. Raar eigenlijk, want vroeger verzorgden de mensen zich ook goed, maar zo verandert dat beeld. Vrouwen scheren zich tegenwoordig overal. Geen okselhaar meer, ook de schaamstreek is geschoren. Je hebt strings, de kleding zit strak. Als jouw schaamlip lang is en je bent geschoren, hangt er zichtbaar iets uit. Sommige vrouwen walgen daarvan. Ze zien het als een gerimpeld frutsel, soms zelfs, het klinkt heel cru, als een soort piemel. Overigens: ik hoor er nooit mannen over klagen.'

Maar schaamlipverkleining neemt toe?

'Er is zeker meer vraag naar. Hoe erg is dat? Sommigen zeggen: het is een ordinaire vorm van vrouwenbesnijdenis. Nou, dat is het niet. Vrouwenbesnijdenis heeft een religieuze achtergrond. Het gevoel van de vrouw daar beneden moet geminimaliseerd worden.

Opdat ze niet vreemdgaat. Opdat de echtgenoot als enige over die vrouw kan beschikken en heersen. Bij schaamlipverkleining kom je helemaal-niks-niet aan dat gevoel.'

Wat zijn de nieuwste technieken, in de esthetische chirurgie?

'Less is more. Met minder ingewikkelde ingrepen toch hetzelfde resultaat proberen te bereiken. Dat willen we natuurlijk allemaal, met zo weinig mogelijk snijden mooi worden.

Het schiet alleen een beetje door. De technieken worden op de markt gebracht terwijl het effect niet is bewezen. Zo is er nu thermage, een soort laserbehandeling, waardoor het gezicht strakker zou worden. Het blijkt maar beperkt te werken.'

Wil je jonger lijken...

'Dan moet je vaak wat ingewikkelder dingen laten doen. Anders bereik je niet het effect van een facelift of een ooglidcorrectie.'

Zoiets als een ooglidcorrectie: laat iedereen dat doen, over een jaar of twintig ?

'Ik denk het wel. Ik denk dat bijna niemand daaraan ontsnapt, ook de mannen niet.

De ingreep brengt bijna geen risico met zich mee en het lost wel een van de uiterlijke problemen van het ouder worden op. Jeugdigheid wordt helaas geassocieerd met kracht en dynamiek. Je kunt ook zeggen: 'Waarom laten we het niet lekker hangen? Deden we in 1800 ook.'

Maar nu is de mogelijkheid er, dus waarom niet?' Wat vindt u belangrijke ontwikkelingen in uw vak? 'De endoscopische voorhoofdslift vind ik een grote vooruitgang. Via kleine steekgaatjes kun je het hele voorhoofd liften. Botox, ook een belangrijke ontwikkeling. Dat je er niet meer op wordt afgerekend dat je altijd maar boos kijkt, omdat je de fronsrimpel kunt laten wegspuiten.

'En de mini-facelift vind ik een enorme verbetering. Het is wel een operatie, maar onder plaatselijke verdoving en je bereikt er grotendeels hetzelfde effect mee als met een gewone facelift.'

Het lijkt bijna mogelijk de perfecte mens te maken, met een complete make-over.

'Welnee. Dat lukt je alleen met photoshoppen.

'Een kleine groep gaat te ver door, dat zie je in Amerika, dat zie je ook in Nederland. De rich and famous die eeuwig jong willen blijven en daar alles voor willen doen. En dan maak je op een gegeven moment een karikatuur van jezelf. Je moet niet een 60-jarige in een jasje van 30 willen zijn. Met een esthetische ingreep moet je willen bereiken dat je er goed uit ziet voor je leeftijd. That's it.'

Wat vindt u zelf mooi?

'Nou... Slank, of volslank. En goed geproportioneerd.

Maar uitstraling blijft het belangrijkste en dat is lastig te definiëren. Er zijn heel veel verschillende vrouwen die ik best mooi vind - het is niet één maat of één ding.

'Uit onderzoek is gebleken dat het gezicht de grootste rol speelt in de beoordeling of we iemand aantrekkelijk vinden, pas daarna kijken we naar het lichaam. Zo ervaar ik dat zelf ook. Antropologen deden een studie onder twee indianenstammen in Zuid-Amerika, die nauwelijks mensen hadden gezien. Ze legden ze foto's voor van vrouwen en mannen en vergeleken het oordeel van de indianen met dat van Brazilianen, Amerikanen en Russen.

Vrouwen met sprekende ogen, een sterke kaaklijn en volle lippen bleken universeel mooi gevonden te worden.'

Let u meer op het uiterlijk dan anderen?

'Als iemand er bijvoorbeeld extreem vermoeid uitziet, omdat het allemaal hangt, valt mij dat wel op. Dat vind ik dan jammer. Maar ik ben niet gedeformeerd geraakt door mijn vak. Voor mij is de mens achter de mens veel belangrijker. Het uiterlijk is uiteindelijk toch maar een lege huls.'

En toch koos u dit vak.

'Via de algemene chirurgie kwam ik in contact met de plastische chirurgie. Vingers weer aan handen zetten, fantastisch, technisch heel interessant. Tijdens mijn laatste stage maakte ik kennis met de esthetische chirurgie, vaak cosmetische chirurgie genaamd.

Daardoor raakte ik steeds meer geïnteresseerd in de psychologische kant van het vak.

'Plastisch chirurgen hebben een uitgebreid vak, variërend van algemene plastische chirurgie, reconstructies, handchirurgie en esthetische chirurgie. Er is veel overlap tussen deze onderdelen. Esthetische ingrepen vormen maar een deel van ons werk, dat beseft de buitenwereld vaak niet. Ik doe ook veel hoofd-hals-reconstructies, na kankeroperaties.

En borstreconstructies. Althans: dat noemen we een reconstructie, maar je kunt het ook beschouwen als een cosmetische ingreep.

Want je hebt die borst echt niet nodig om te kunnen leven. Maar natuurlijk voel je je mismaakt.

Zo kan iemand zich dus ook voelen als ze helemaal plat is. Dus waar liggen de grenzen?' Hoe kijken andere artsen aan tegen uw vak?

'Ze hebben vaak hetzelfde typische oordeel dat een groot deel van de bevolking heeft over plastisch chirurgen. Veel dokters vinden het maar onzin dat iemand iets laat doen aan zijn uiterlijk - behalve als het om hun eigen vrouw gaat. En als hun kind valt en een snee in zijn voorhoofd heeft, bellen ze toch wel zelf even de plastisch chirurg. Om te zorgen dat jíj de wond herstelt, en niet de eerste de beste assistent.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden