Papoea-talen zijn verwant ondanks hun grote verschillen

Al jaren breken taalkundigen zich het hoofd over de totaal verschillende talen die worden gesproken in het eilandenrijk ten oosten van Papoea-Nieuw Guinea....

Toch zijn de Austronesische Papoea-talen wel degelijk familie van elkaar, aldus Michael Dunn, Angela Terril, Ger Reesink, Robert Foley en Stephen Levinson, taalkundigen en evolutionair biologen uit Nijmegen en Cambridge, in het tijdschrift Science van 23 september. Weliswaar niet voor wat betreft woorden en betekenissen, maar op een veel dieper gelegen niveau, dat van hun grammatica en woordvorming.

Dat talen familie van elkaar zijn, bewijzen taalkundigen in de eerste plaats door in woordenschatten te zoeken naar gelijkenissen. In het simpelste geval leidt dat tot rijtjes zoals kinderen/children/Kinder, bij nauw met elkaar verweven talen.

Dat geldt niet voor Papoea-talen. De eerste sprekers ervan landden tussen dertig- en drieduizend jaar geleden op geïsoleerd liggende eilanden. Tussen deze volkeren is door de eeuwen heen nauwelijks contact geweest, terwijl hun talen sterk evolueerden. In de huidige tijd hebben ze voornamelijk contact met grote voertalen. De vraag is of ze in hun grammatica zodanige gelijkenissen vertonen dat is te bewijzen dat ze in een ver verleden dezelfde wortels hebben.

Vijfentwintig Papoea-talen zijn met veldwerk in kaart gebracht. Daarvan bleken er vijftien geschikt voor een grondige vergelijking op grammaticaal niveau. Per taal werden 125 vragen beantwoord over de opbouw van zinnen en de vorming van woorden. Tussen de totaal verschillende Papoea-talen werden zo duidelijke grammaticale overeenkomsten gevonden.

Ze gebruiken bijvoorbeeld hetzelfde systeem om geslachten van woorden aan te duiden. Het werkwoord staat in de zin op een speciale plaats: ze zeggen onderwerp- lijdend voorwerp-werkwoord, dus `Jan Marie kust` in plaats van `Jan kust Marie`. Ze vormen op dezelfde manier meervouden van zelfstandige naamwoorden. `En veel talen in dit gebied maken geen onderscheid tussen de klanken `r` en `l`, maar hebben voor beide vormen één klank die daartussenin hangt`, meldt taalkundige en mede-auteur Michael Dunn.

Zo is een duidelijk patroon van grammaticale gelijkenissen ontstaan. Om in die gevonden verwantschap structuur aan te brengen, draagt evolutionair bioloog Robert Foley vervolgens een systeem uit de biologie aan, waarmee mensen- en dierensoorten in families worden ondergebracht. Door talen met veel grammaticale gelijkenissen dicht naast elkaar te plaatsen en die met minder overeenkomsten verder van elkaar af, ontstaat een `boom` met verbreide `takken` waaruit de mate van verwantschap direct is af te lezen.

Laten de onderzoekers diezelfde aanpak los op de grammaticale kenmerken van de overbekende westerse talen, dan blijkt precies zo`n boomstructuur te ontstaan. Vergelijken ze die westerse grammaticale boomstructuur met de overeenkomsten tussen woordenschatten, dan blijken de westerse talen in de grammatica-boom en in de woordenschat-boom op dezelfde plaatsen terecht te komen.

Een gejuich is daarom opgestegen bij de onderzoekers. Niet alleen hebben ze eindelijk aangetoond dat de Papoea-talen toch familie van elkaar zijn, bovendien hebben ze een in de biologie beproefde manier gevonden om eventuele verwantschappen tussen talen waterdicht te kunnen aantonen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden