Klopt dit wel? Online video's

‘Online video’s veroorzaken 1 procent van de mondiale CO2-uitstoot’ – klopt dit wel?

Berichten verspreiden zich razendsnel, of ze nu kloppen of niet. Wij proberen de zin van de onzin te scheiden. Vandaag: online video’s kijken veroorzaakt 1 procent van de CO2-uitstoot.

De kijkers van online video's zouden verantwoordelijk zijn voor 1 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Beeld ANP XTRA

Van wie komt de claim?

Wie al last heeft van vliegschaamte, kan zich maar beter niet verdiepen in de klimaatbelasting die ons online kijkgedrag veroorzaakt. Volgens een rapport van de Franse denktank The Shift Project is het kijken van online video’s namelijk verantwoordelijk voor 1 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot. Ter vergelijking: de commerciële luchtvaart is verantwoordelijk voor ongeveer 2,4 procent. 

Meerdere bladen, waaronder New Scientist,  besteedden onlangs aandacht aan het onderwerp.

Klopt het?

De denktank gaat uit van de schatting dat de wereldwijde CO2-uitstoot door digitaal dataverkeer 4 procent vormt van de totale uitstoot. Dat cijfer komt uit een Zweedse studie uit 2015. De onderzoekers, werkzaam bij Huawei, voorspelden de uitstoot in 2020 volgens een aantal scenario’s, waarvan de denktank er een heeft uitgekozen. Vervolgens vulden ze het Zweedse model aan met actuele getallen uit 2017, waarna die 4 procent eruit rolde. Dit percentage omvat zowel de uitstoot door de productie van de benodigde apparatuur, als door het energieverbruik van datacenters, netwerken, routers en de gebruikte apparaten, zoals mobiele telefoon of computer. Van die 4 procent is ongeveer 55 procent verbonden aan internetgebruik, zo zou blijken uit een berekening van Sandvine, een producent van netwerkapparatuur. En van alle data die door het internet stroomt, betreft 60 procent online video’s – een getal afkomstig van Cisco, eveneens een producent van netwerkapparatuur. 60 procent van 55 procent van 4 procent is 1,32 procent – naar beneden afgerond 1 procent.

Vooral het eerste getal, die 4 procent van de totale CO2-uitstoot, is relatief nattevingerwerk, zegt Roel Croes van de GreenICT Foundation. ‘In allerlei onderzoeken varieert dit getal van 2 tot 8 procent.’ Omdat harde meetgegevens praktisch onmogelijk te krijgen zijn, moeten onderzoekers kiezen welk verbruik ze wel of niet meenemen in hun berekeningen en zich op aannamen baseren. Hoe vaak kijken mensen via een computer of hun mobiel? Ze zijn immers niet allemaal even energiezuinig. Telt een slimme thermostaat wel of niet mee als ICT-energieverbruiker? Wat is de energiemix van een land en hoe duurzaam is de energie van datacenters? ‘Ze stapelen dan noodgedwongen aanname op aanname’, vat Croes samen. Niettemin denkt hij dat de onderzoekers er ook weer niet heel ver naast zullen zitten. ‘Ik denk eerder dat het een voorzichtige schatting is. Het kan goed meer zijn.’

Ook Han Slootweg, hoogleraar Smart Grids van de TU Eindhoven, denkt dat die 1 procent niet ver van de waarheid af zal liggen. ‘Ze volgen een logische aanpak en de documenten waarop ze zich baseren zitten goed in elkaar. Ik denk dat dit in orde van grootte wel klopt. Zijn collega, Nicola Calabretta, sluit zich hierbij aan.

Eindoordeel

De oordeelsvorming is koffiedik kijken, maar vermoedelijk veroorzaakt online video’s kijken minstens 1 procent van de wereldwijde CO2-uitstoot – en waarschijnlijk nog wel meer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden