Mijn coronajaarReina Sikkema

Onderzoeker Reina Sikkema: ‘Je wéét gewoon dat er af en toe iets overspringt’

Reina Sikkema: ‘In april, tijdens de lockdown, was ik dag en nacht aan het werk. Ik kwam alleen beneden om met mijn gezin te eten.’Beeld Jiri Büller

In september 2019 stond ­dierenarts Reina Sikkema nog op een ­Chinese markt, op zoek naar potentieel gevaarlijke ­virussen. Dat precies zo’n virus ons leven zou gaan beheersen, was voor haar geen verrassing. 

‘Er is een gezegde: in Guangdong eten ze alles wat vier poten heeft. Een beetje overdreven misschien, de mensen kopen daar ook gewoon kipfilet in de supermarkt. Maar vanouds is het wel een plek waar ze een beetje gekke dieren eten. Ook op wildmarkten waar ik ben geweest is er vaak wel een hoekje waar je honden kunt kopen, of eettentjes waar je slang of krokodil op het menu ziet staan.

‘Het is er een drukte van belang. Je ziet konijnen, geiten, aquaria met vissen. En vogels. Eenden, ganzen, kippen, duiven. Brommertjes rijden af en aan, van kleine handelaren met zo’n kooi achterop, die een paar stuks dieren komen halen. Zeker op kleinere markten zie je overal kooitjes met kippen erin, en zo’n groot hakblok ernaast. Als klant kies je een kip, die wordt daar op het hakblok onthoofd, de veren worden verwijderd in een soort centrifuge, en je krijgt hem in een tasje mee.

Mijn coronajaar

Hoe greep corona in op onze levens? Het jaar gevat in twaalf interviews, van de gevallen minister die voor één keer zijn verhaal doet tot de virusjager die het virus net niet ontdekte en van de verhuurder van privéjets (die zijn beste omzet ooit draaide) tot de bestrijder van nepnieuws in Zuid-Soedan.

‘Straks staat er nog boven dit stuk: Reina Sikkema van het Erasmus MC, de onderzoeker die het virus níét heeft ontdekt. Want ja, ik was vorig jaar september in China. Vlak voor de spill-over van het nieuwe coronavirus, sars-2, naar de mens. Ik zat alleen wel een stuk zuidelijker, in de verkeerde provincie. Eigenlijk zou ik dit jaar weer gaan. Maar ja, dat is er dus niet van gekomen – door zo’n virus waarnaar we op zoek waren.’

Zoeken naar virussen

‘Sinds 2007 hebben we een samenwerking met het Chinese RIVM, om op de markten te zoeken naar nieuwe, potentieel gevaarlijke virussen. We weten dat nieuwe varianten van de griep vaak als eerste worden gedetecteerd bij vogels in Guangdong. Zoals het subtype H5N1, waaraan al mensen zijn doodgegaan. Ook sars, het coronavirus van achttien jaar geleden, werd hier als eerste opgemerkt. Vandaar dat we daar onderzoek doen, om in kaart te brengen hoe virussen zich daar verspreiden. Met wattenstaafjes bemonsteren we de omgeving, de mensen, de kippen en ratten die er zijn gevangen. Om te kijken: vinden we nieuwe virussen, of varianten van virussen die we al kennen, die een gevaar vormen voor de menselijke gezondheid?

‘En ja, we hadden ook corona’s kunnen oppikken. Maar die hebben we niet gevonden. Wel vogelgriep natuurlijk, een aantal kipspecifieke virussen en, in de ratten, een aantal niet eerder beschreven virussen. Al weet je nooit of die ook meteen gevaarlijk zijn voor de mens. Het lijkt erop dat ze meer clusteren met virussen die specifiek zijn voor de rat. Rattenvirussen dus, die je niet zomaar bij de mens verwacht.

‘Van sars-2 hoorden we eind december voor het eerst. Maar als je kijkt naar de sequenties – de genetische vingerafdruk van het virus – denken we dat het al iets eerder is overgesprongen op de mens, kort nadat wij in China zijn geweest. En ja, toen de eerste rapporten kwamen… Nee, ik was niet verbaasd. Kijk, iedereen die in de griep- of de coronawereld zit wéét gewoon: dit springt af en toe over. We schrijven al jaren stukken over ‘Disease X’, en over hoe je daarop voorbereid moet zijn. Nou: dit is hem.

‘We hadden alleen niet verwacht dat het zo snel zou gaan. Dat we meteen zo’n makkelijke overdracht van mens op mens zouden zien, en wereldwijde verspreiding. Meestal zie je een aantal tussenstadia. Een virus gaat eerst rond in een reservoir van gehouden dieren. Dan krijg je wat incidentele spill-overs, er raken soms mensen geïnfecteerd. Pas daarna kan het gebeuren dat het virus zich geleidelijk aanpast, en zie je misschien de grootschalige transmissie die we nu zien. Maar dit virus bleek direct uitstekend te gedijen in de mens.’

Dag en nacht werken

‘De periode die volgde, is voor mij een beetje een waas. Zoals iedereen in het Erasmus MC voelden we: dit is het moment, nu moet het gebeuren. We moeten snappen wat dit voor virus is, begrijpen hoe het zich gedraagt, ervoor zorgen dat de schade beperkt blijft. Dus was het: geld aanvragen, tests opzetten, de literatuur volgen, overleggen met het RIVM, de data die je zelf hebt gevonden rapporteren.

‘Kijk, voor mij is dit waar ik al mijn hele leven mee bezig ben. Een nieuw virus, vanuit China, mogelijk overgesprongen vanuit dieren. Ik werkte ook al aan mers, ook een nieuw coronavirus dat sinds 2012 af en toe overspringt op de mens vanuit dromedarissen. We wisten dus wat voor soort tests we nodig hadden, wat er moest gebeuren. Maar we moesten alles nog wel helemaal inrichten op dit nieuwe virus. We hebben in noodtempo alles opgezet: antistoftests, diagnostische tests, andere technieken.

‘Dus mijn situatie in april, tijdens de lockdown, was dat ik honderd uur per week werkte, terwijl mijn man beneden zat met ons zoontje van 4 en ons dochtertje van 2 en een beetje gek werd omdat hij ook een baan heeft – hij is ict’er. Ik was dag en nacht aan het werk, ik kwam alleen beneden voor het eten. En mijn man en kinderen hebben het volgehouden.

‘En ja, de nertsen. Vanaf de eerste detectie waren we erbij betrokken, samen met de universiteiten van Utrecht en Wageningen en de gezondheidsdienst in Deventer. We zijn er meteen op gezet, om te onderzoeken wat hier aan de hand was en of er risico’s voor mensen waren.

‘Het verbaasde ons niet echt dat het virus nertsen kan besmetten. Nertsen zijn nauw verwant aan fretten en die raken zo makkelijk met deze virussen geïnfecteerd dat we ze gebruiken als proefdiermodel, om de verspreiding van het virus te bestuderen. Maar dat het bij de nertsen op deze schaal om zich heen zou grijpen, hadden we niet verwacht. We dachten dat het zou gaan zoals in de landbouw wel vaker gebeurt: dat je het in de stal kunt houden. Maar al snel hadden we een aantal bedrijven erbij, en nog een paar, en nog meer. En zo ging het maar door.

‘Het is een raadsel. Nog steeds. We zien aan de genetische vingerafdrukken van het virus dat er vijf afzonderlijke introducties moeten zijn geweest, waarbij kennelijk een mens die positief was het virus op de nertsen heeft overgedragen. Drie van die vijf introducties begonnen zich vervolgens verder te verspreiden. Komt dat door mensen, door wilde dieren, door iets anders? We weten het gewoon niet, het is een groot mysterie.

‘De WHO heeft inmiddels een internationale onderzoeksmissie opgezet, om terug te gaan naar China, op zoek naar de bron. Want we weten nog steeds niet welk dier dit virus heeft voortgebracht, waar dit virus zich schuilhoudt. Dus dat wordt zoeken. Ik heb niet gesolliciteerd. Het is een missie van zes weken en je zult in quarantaine moeten. Ik heb twee kleine kinderen, zo lang wil ik helemaal niet weg. Dat kan ik mijn gezin ook niet aandoen na dit jaar. Je moet toch keuzes maken, hè?’

Reina Sikkema: ‘Ik denk niet dat de pandemie te voorkomen was geweest, met zo veel mensen en zo veel dieren op de wereld.’Beeld Jiri Büller

Niet te voorkomen

‘Ik denk niet dat de pandemie te voorkomen was geweest. Het is uiteindelijk toch inherent aan de wereld zoals die nu is, met het aantal mensen en dieren dat we hebben, dat er zo nu en dan iets overspringt. En dan is het een kwestie van pech, blijkbaar. Hoe goed een virus geadapteerd is om mensen te besmetten.

‘Misschien hebben we, hoe groot de ellende ook is, in zekere zin nog geluk gehad. Het is een kwestie van getallen natuurlijk, maar we denken dat mers en sars nog flink wat dodelijker zijn dan het virus waarmee we nu te maken hebben. En er zijn griepvarianten waarvoor dat geldt. In die zin mogen we misschien wel van geluk spreken.

‘Een van de lessen is hoe lastig het nog is om dit soort virussen op tijd te zien aankomen. Want idealiter wil je dit soort uitbraken kunnen voorspellen, voordat je te laat bent. In elk dier dat we bekijken, zoals die ratten in Guangdong, vinden we virussen die we nog niet kennen. Tja, wat zegt zoiets? En dan zijn er de virussen die we wél kennen. We hadden ook ineens die enorme uitbraak van het zikavirus, een flavivirus, overdraagbaar door muggen. Dat virus bestond al een tijdje, het was een bekende. Toch was het ongeëvenaard hoe het zich ineens verspreidde. Het is kennelijk gewoon moeilijk om erbij te zijn vóórdat het overspringt.

‘Misschien is het beste wat je kunt doen toch die surveillance. De boel bewaken. We weten in algemene zin wat de risicofactoren zijn voor het overspringen van virussen. We weten dat het op plekken gebeurt waar grote veranderingen plaatsvinden, in landgebruik, of in de beweging van mensen. Het kappen van regenwoud, het ontginnen van nieuwe gebieden. We weten ook dat er groepen zijn die dan een verhoogd risico lopen: boeren, marktkooplui, houthakkers, de mensen die in contact komen met dieren, die met risicodieren werken. Als je daar goed in de gaten houdt wie er ziek wordt, zou dat al flink kunnen helpen.

‘Want laten we wel zijn: dat we nu sars-2 hebben, betekent niet dat er niet nog iets anders kan komen. Er is niet zo veel veranderd. Er zijn nog steeds een heleboel dieren en een heleboel mensen en een heleboel contactmomenten. De kans dat dit nog een keer gebeurt, is nog net zo groot als twee jaar geleden.’

Wie is Reina Sikkema?

Reina Sikkema (1985) is dierenarts en onderzoeker zoönotische virussen bij het Erasmus MC. Ze deed dit jaar onder meer onderzoek naar de uitbraak van het coronavirus bij nertsen en in slachterijen, en ze doet onderzoek naar arbovirussen in Nederland, sarscoronavirussen in dierenreservoirs en nieuwe virussen in Soedan. Sikkema studeerde diergeneeskunde en internationale volksgezondheid, en werkte eerder onder meer als dierenarts in Frankrijk en als onderzoeker op het RIVM.

Een reconstructie van het jaar waarin alles veranderde

Een nieuw normaal, wankelend beleid en dat ene hamstergebaar: scroll langs de belangrijkste momenten van het afgelopen coronajaar.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden