Oermens was niet vies van verorberen van kadaver

De prehistorische mens jaagde niet alleen op klein wild, ook dode dieren stonden op het menu. Daarbij vond hij de aasetende hyena op zijn weg.

Marlies ter Voorde
Eerst aten de mensen, daarna kwamen de hyena's. Beeld IPHES
Eerst aten de mensen, daarna kwamen de hyena's.Beeld IPHES

De vroegste mens die in West-Europa rondliep was deels aaseter. De hyena was zijn grote concurrent. Tot voor kort was dat alleen een theorie. Maar archeologen hebben daarvoor nu directe aanwijzingen gevonden in Orce in het zuidoosten van Spanje, waar sporen zijn opgegraven van de strijd om een kadaver van een olifant.

Hoewel veel mannen de oerjager in zichzelf nog moeiteloos herkennen, raken archeologen er steeds meer van overtuigd dat onze voorgangers hun neus ook niet ophaalden voor een makkelijke afhaalmaaltijd uit een klaarliggend kadaver. Mensen waren niet alleen jagers, maar ook aaseters. Ze vonden daarom met name in de hyena een geduchte concurrent.

De bijzondere vondst van een fossiele olifant omringd door versteende hyenakeutels en menselijke werktuigen bevestigt dit beeld. Spaanse archeologen troffen de resten aan in Orce in zuidoost Spanje, in aardlagen uit het vroege Pleistoceen van ongeveer 1,3 miljoen jaar geleden. Orce is na Dmanisi in Georgië de oudste vindplaats van Europa.

Olifantenkadaver
Nadat de olifant een natuurlijke dood was gestorven, hebben de mensachtigen het kadaver geplunderd, denken de onderzoekers. Daarna kwamen de hyena's die de rest van het vlees verorberden, schrijven de vinders binnenkort in het tijdschrift Quaternary International.

Dat de olifant een natuurlijke dood is gestorven, blijkt uit haar hoge ouderdom (rond de 60 jaar) en uit het feit dat ze bij een waterbron lag waar in de loop der tijd vaker olifanten de dood hadden gevonden. Ook de olifant van nu zoekt immers graag een comfortabele plek met water op om er zijn laatste levensdagen te slijten.

De poten en de kop van de olifant zijn onvindbaar, hetgeen moet betekenen dat de mens deze heeft meegenomen - ander verklaringen zijn volgens de onderzoekers simpelweg niet mogelijk. En hoewel de kauwsporen van de hyena's en snijsporen van de mensen in de sterk verweerde olifantenbotten niet meer te zien zijn, is het uit de donkere kleur van de uitwerpselen duidelijk dat ook de hyena's zich tegoed hadden gedaan aan een uitbundige vleesmaaltijd.

Gerrit Dusseldorp, archeoloog bij de Universiteit van Witwatersrand in Johannesburg en gespecialiseerd in de interactie tussen mens en hyena, kan zich wel vinden in de conclusie dat het hier geen jachtbuit maar aas betrof. De gevonden werktuigen zijn zeer eenvoudig, merkt hij op.

Geen gewone buit
Opgeteld bij de ouderdom van de vondst en de dichtstbijzijnde menselijke resten in de omgeving, maakt dit aannemelijk dat we hier te maken hebben met een homo antecessor, denkt Dusseldorp. 'Die waren nog niet zo slim dat ze olifanten in hinderlagen konden lokken.' Voor een gewone jachtbuit was het beest veel te groot, zowel voor hyena's als voor mensachtigen.

De aanwezigheid van water maakt dit soort vondsten wel lastig te interpreteren, vindt Dusseldorp. 'Water werkt natuurlijk als een magneet op allerlei soorten dieren, dat hoeft niet meteen te betekenen dat de hyena's en de olifant met elkaar te maken hebben gehad.' Voor de mens ligt dit anders. Die zou niet snel bij het water zijn kamp opmaken, omdat ook de dieren die je als mens liever niet tegenkomt zich hier vroeg of laat zullen melden. De werktuigen zullen dus inderdaad wel ter plekke gebruikt zijn, denkt Dusseldorp.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden