Nieuwe analyse metingen zeetemperatuur bevestigt: aarde warmt sneller op

Lang waren metingen vanaf schepen alles wat klimaatonderzoekers wisten over de temperatuur van de oceaan. Volgens experts waren die temperatuurgegevens zo hoog, dat het leek alsof het meeviel met de stijging. Wetenschappers hebben de data bijgesteld, en zien bevestigd wat ze al dachten: de aarde warmt sneller op. 

Een oceaansonde van het meetnetwerk ARGO-float. Beeld Olivier Dugornay

Klimaatwetenschappers van het Amerikaanse overheidsbureau NOAA hebben twee jaar geleden terecht oude meetgegevens over de zeetemperatuur aangepast, wat leidde tot de conclusie dat de aarde sneller opwarmt dan daarvoor gedacht. Dit zeggen onderzoekers van de Universiteit van Berkeley na een nieuwe analyse van de metingen, die woensdag in het tijdschrift Science Advances is gepubliceerd.

'NOAA heeft niet gerommeld met data, zoals wel de suggestie is geweest', zegt Berkeley-onderzoeker Zeke Hausfather. 'Door instrumentele problemen is de temperatuur van het zeeoppervlak tussen 1950 en 1980 systematisch overschat. De echte opwarming is daardoor onderschat.'

Destijds leidde de officiële aanpassing van de zeewatertemperaturen tot vragen in de Amerikaanse Senaat en kregen betrokken NOAA-onderzoekers dagvaardingen om hun boeken en e-mails openbaar te maken, om te zien of er wellicht politieke motieven een rol speelden.

Volgens Hausfather waren de verdenkingen misplaatst. Zijn team vergeleek temperatuurdata van verschillende meetsystemen en concludeert dat de zee sinds 1997 gemiddeld met 0,12 graad per decennium opwarmt. Dat is de waarde die NOAA sinds 2015 ook gebruikt, en bijna een verdubbeling van de oude schatting van 0,07 graad opwarming per decennium. Andere instituten, zoals het invloedrijke Hadley Climate Centre in Exeter, werken met schattingen van rond de 0,1 graad per decennium.

Het probleem met de zeewaterdata is terug te voeren op metingen vanaf zeeschepen, vooral na de Tweede Wereldoorlog. Die nemen koelwater in voor de machinekamers, waarbij ook de temperatuur wordt geregistreerd. Voor die tijd waren er alleen grove metingen met thermometers in emmers opgehaald zeewater.

Met de opkomst van metingen vanaf boeien op volle zee, satellieten en speciale oceaansondes is echter duidelijk dat die scheepsmetingen niet erg betrouwbaar zijn. Schepen meten watertemperatuur vaak pas in de machinekamer, die relatief warm is. Daardoor wordt de opwarming sinds de jaren vijftig niet goed opgemerkt, doordat boeien koeler water meten.

De afwijkingen zijn vooral in de periode tot circa 1990 belangrijk, zegt KNMI-zeeonderzoeker Andreas Sterl over de nieuwe studie. 'In die periode zijn de scheepsmetingen het enige dat we hebben. Tegenwoordig leveren die nog maar zo'n 10 procent van alle observaties.' Zelf leidt hij de Nederlandse inbreng van het ARGO-float netwerk van oceaansondes, die zelfstandig temperatuurdata op zee verzamelen en via satellieten naar de onderzoeksinstituten doorsturen.

Berkeley-onderzoeker Hausfather zou naar eigen zeggen het liefst helemaal stoppen met scheepsdata bij het bemeten van de oceaantemperatuur. Wel noemt hij het belangrijk dat oude en nieuwe meetreeksen zo goed mogelijk op elkaar aansluiten. 'Daarvoor moeten we verstandige correcties zien te vinden.'

Het artikel in Science Advances adviseert de Britse collega's van Hadley en ook Japanse meteodiensten om net als NOAA minder gewicht toe te kennen aan de scheepsmetingen. KNMI-onderzoeker Sterl zegt dat er voortdurend aan datakwaliteit word gewerkt en dat correcties van oudere data helemaal niet zo vreemd zijn. De trend die Hausfather nu berekent is vergelijkbaar met wat zijn ARGO-sondes meten, zegt Sterl.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.