Nieuw register moet rechtspraak professionaliseren

Minister van Justitie Hirsch Ballin heeft donderdag 12 maart officieel het Nederlands Register Gerechtelijk Deskundigen (NRGD) geopend. Met de instelling van dit keurmerk voor deskundigen loopt Nederland internationaal voorop....

Het NRGD is onderdeel van de verdere professionalisering van de rechterlijke macht en bedoeld als een alternatief voor de namenlijstjes die rechters momenteel in hun achterzak hebben. Met die willekeur wil het NRGD breken. Een deskundige moet aan bepaalde criteria voldoen, en elke vier jaar moet getoetst worden of hij het NRGD-keurmerk nog verdient.

De instelling van het Register roept nog veel vragen op, bleek donderdag 12 maart tijdens het startsymposium in Den Haag dat ter gelegenheid van de in gebruik name werd gehouden.

Vragen zoals: welke deskundigen worden in het Register opgenomen (individuen of instituten), wanneer worden zij tijdens een rechtszaak ingeschakeld (al vanaf het begin, of pas later), welk type vragen mogen ze beantwoorden (alleen feitelijke of ook contextuele) en mogen ze ook een eigen inbreng hebben (‘waarom vraagt u mij niet of’). Als al die vragen zijn beantwoord, rest nog de kwestie of de opgeroepen deskundige wel de meest geschikte is en op de juiste manier wordt ingezet.

Overigens is een rechter niet verplicht een deskundige uit het Register te raadplegen, al moet hij het wel motiveren wanneer hij aan een niet-geregistreerde deskundige de voorkeur geeft.

Tijdens het symposium werd duidelijk dat openbaar ministerie (OM) en verdediging het niet per se eens zijn over de manier waarop deskundigen kunnen worden ingezet. Zo pleitte het OM ervoor het technisch onderzoek zo veel mogelijk op te rekken en het deskundigenrapport zo klein mogelijk te houden. Want over technisch onderzoek hoef je niet te overleggen met de verdediging.

‘Maar iets wat naar de vorm een proces-verbaal is, kan naar de letter een deskundigenrapport zijn’, aldus hoogleraar bewijsrecht Nijboer. ‘Dat zal de zittende magistratuur niet accepteren.’

Iets wat vice-president Van den Berg van de Rechtbank Amsterdam beaamde: ‘De categorie “technisch” moet zo klein mogelijk worden gehouden.’ Maar waar houdt het feit op en begint de interpretatie?

Die kwestie speelt ook een rol bij het type vragen dat aan deskundigen wordt gesteld. NFI-onderzoeker Meulenbroek stelde bijvoorbeeld dat hij beter onderzoek kan doen aan de hand van een hypothese; advocaat Korvinus vindt nou juist dat het NFI in het algemeen te veel één richting op denkt, namelijk die van het OM. ‘Het NFI heeft veel minder oog voor feiten die een hypothese kunnen falsificeren.’

Het NRGD kan falsificatie en toetsing van alternatieve hypothesen vergemakkelijken wanneer ook de verdediging meer gebruik gaat maken van deskundigen (dat gebeurt tot nu toe maar mondjesmaat). Het kan leiden tot een debate of experts, aldus Korvinus. ‘Heel onnederlands. Ik ben er een groot voorstander van.’

Een ander puntje is, dat het NGRD nog gevuld moet worden. Het telt momenteel zo’n 120 wetenschappers, die maar heel gedeeltelijk de tientallen deskundigengebieden van forensische Accountancy tot forensische Zoölogie bestrijken.

Ondanks deze haken en ogen loopt Nederland met het instellen van het NRGD internationaal voorop, stelde advocaat Knoops. Zo heeft het Internationale Straftribunaal geen richtlijnen voor deskundigen en wordt een deskundigenrapport altijd geaccepteerd, ook wanneer niet duidelijk is of het wel door een deskundige is geschreven. In de Europese rechtspraak worden wel richtlijnen gehanteerd, maar zijn geen uniforme criteria vastgelegd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden