Niet eisen, uitproberen

Hoe moeilijk kan het zijn?

Denkfouten in hedendaags ontwerp gefileerd door innovatie-expert (en cabaretier) Jasper van Kuijk. Deze week: prototypes

Ontwerpers worden nog weleens gezien als briljante geesten, die, waar anderen ­alleen maar problemen zien, de oplossing zo uit hun mouw schudden. ­Inderdaad zijn ontwerpers bovengemiddeld creatief, ­alleen werken hun oplossingen meestal niet, of niet goed genoeg. Voor James Dyson een goed werkend exemplaar van zijn zakloze stofzuiger had, was hij ruim 5000 prototypes verder. ­Bedenken, bouwen, testen en terug. Itereren, wordt dat genoemd. Geen lineair proces dat één kant op gaat, maar een proces waarin je steeds terug mag springen: aanpassen, weer testen, herontwerpen. En dat dan 5000 keer. Met elk prototype leer je weer iets over wat werkt en wat niet. Maar ook wordt steeds duidelijker aan welke eisen je ontwerp moet voldoen.

Dát is ook waarom het niet werkt om eindeloos te blijven hangen in het opstellen van een eisenpakket (leest u mee, beleidsambtenaren en ict-ontwikkelaars?). Dat ­eisenpakket gaat namelijk gegarandeerd op de helling zodra je het eerste prototype hebt gebouwd en uitgetest. Nu ging het bij Dysons prototypes om de technische werking, maar je kunt ook de gebruikservaring prototyperen. In de film The Founder zit een prachtig fragment waarin de gebroeders Mc­Donald’s met krijt op een tennisbaan eindeloos de ­inrichting van hun keuken uitproberen.

Jeff Hawkins, bedenker van de eerste commercieel succesvolle palmtopcomputer, liep tijdens de ontwikkeling van deze PalmPilot rond met een blokje hout. Een eerdere palmtop die hij had ontwikkeld was mislukt: te groot en onhandig. Hawkins besloot om te verkennen, te ‘pretotypen’, hoe je een palmtop zou willen gebruiken.

Dus daar zat hij maandenlang in vergaderingen, aantekeningen te maken op een blok hout. Afspraken opzoeken in de agenda, nieuwe contacten invoeren. Zo kwam hij erachter wanneer je wat in zou willen voeren en opzoeken. Een van zijn conclusies: uitgebreidere ­invoer en moeilijkere handelingen wil je op de computer doen, terwijl je op de pda zelf vooral dingen op wilt zoeken. Conclusie: er moest synchronisatie komen tussen de computer en de pda, iets wat inmiddels standaard is op elke smartphone. En dat allemaal door rond te lopen met een blok hout en te negeren dat je collega’s denken dat je knettergek bent.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.