ColumnGeorge van Hal

Nee, het zijn weer geen aliens (maar daarmee kan het nog wel spannend zijn)

null Beeld

‘Vreemde radiogolven duiken op vanuit de richting van het centrum van de melkweg’, zo prijst een persbericht van de universiteit van Sydney een dinsdag verschenen artikel in vakblad Astrophysical Journal aan. Het is een kop die (waarschijnlijk) bewust gekozen is om ons een beetje rechterop in de stoel te laten zitten. Want schrijf ‘vreemde radiogolven’ of ‘mysterieuze signalen’ en je zwengelt direct, gewild of niet, het volgende idee aan in het brein van een deel van je lezers: ‘Aliens! Het zijn aliens!’

Decennialang zijn we geïndoctrineerd door verhalen over de zoektocht naar radiosignalen van intelligent buitenaards leven. SETI is de afkorting die wetenschappers dan gebruiken, en die zoektocht is nog altijd zonder resultaat. En dan zijn er ook nog sciencefictionfilms zoals Contact uit 1997, met Jodie Foster in de hoofdrol, waarin een intelligente beschaving onze eigen radiosignalen terug naar aarde kaatst en daarin een geheime boodschap verbergt. Spannend!

Computertekening van het mysterieuze radiosignaal ASKAP J173608.2-321635 dat aankomt op aarde. Beeld Sebastian Zentilomo/University of Sydney
Computertekening van het mysterieuze radiosignaal ASKAP J173608.2-321635 dat aankomt op aarde.Beeld Sebastian Zentilomo/University of Sydney

Natuurlijk: de vondst van buitenaards leven, zeker intelligent buitenaards leven, zou de grootste ontdekking zijn uit de moderne menselijke geschiedenis. De ultieme bevestiging dat we niet eenzaam door deze uitgestrekte kosmos dobberen. Dat we deel zijn van iets dat zelfs de aarde ontstijgt.

Maar, spoiler: het zijn eigenlijk nooit aliens. Pluis er het onderzoeksartikel en het persbericht op na, en niemand noemt het beestje zelfs maar bij de naam. Dat klinkt overigens heel keurig wetenschappelijk en objectief, maar wellicht is het voor de mensen buiten het vak toch handig als je er ergens – al was het maar in een bijzin – opschrijft: ‘nee, dit signaal is vermoedelijk niet afkomstig van een buitenaardse beschaving’.

Nog een reden om dat te doen is dat ‘radiosignalen’ buiten de astronomie al snel de zweem van iets bewusts krijgen. Wij mensen zenden ze immers uit zodat je in je auto de laatste analyses over de kabinetsformatie kunt beluisteren, of de volgende hit van Ed Sheeran uit je speakers kunt laten kabbelen.

In werkelijkheid zijn radiosignalen echter ook maar ‘gewoon’ elektromagnetische golven. Net zoals licht. Zien we een verre lichtvlek door een telescoop dan denken we eerder aan een ster dan aan een alien die een bouwlamp van kosmisch formaat heeft aangeklikt. Bij radiosignalen moeten we er dus net zo in staan. Zélfs als dat radiosignaal, zoals in het geval van ASKAP J173608.2−321635, hoofdrolspeler van het nieuwe vakartikel, zich zodanig krankzinnig gedraagt dat niemand weet wat het nu precies is.

De richting waarin die radiogolf trilt, draait bijvoorbeeld steeds. Raar. De helderheid is soms plots honderd keer zo hoog als een moment eerder. Vreemd. En het signaal is slechts eens in de paar weken een kwartiertje lang te ‘horen’, de rest van de tijd is het stil. Huh? Wanneer je bovendien op dezelfde plek kijkt in zichtbaar licht, vind je niets bijzonders. ‘We hebben nog nooit zoiets gezien’, zei hoofdauteur Ziteng Wang in het persbericht, met gevoel voor understatement. Veel spannender dus, dan het zoveelste geval van toch-geen-aliens.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden