Wetenschap Heelal

‘Nederlandse’ ruimtetelescoop Spica moet geboorte sterrenstelsels in kaart gaan brengen

Vanaf dinsdag komen in Groningen ruim 100 sterrenkundigen, ingenieurs en andere experts bij elkaar om de toekomst van ruimtetelescoop Spica te bespreken, een apparaat dat op dit moment alleen nog op papier bestaat. Het is één van drie instrumenten die bij ESA strijden om 500 miljoen euro financiering.

Sterrenstelsel NGC 4414. Ruimtetelescoop SPICA moet in kaart brengen hoe dergelijke stelsels zijn ontstaan. Beeld Nasa

Het is de wetenschappelijke versie van een WK-bid of een voorstel voor het organiseren van de Olympische Spelen: meedingen naar de zogeheten M5, de ‘vijfde middelgrote Cosmic Vision-missie’ van de Europese ruimtevaartorganisatie ESA. Van de 26 ingediende voorstellen zijn er nog drie in de race voor 500 miljoen euro.

‘Het is is echt winner takes all. De verliezende teams krijgen niets’, zegt sterrenkundige Peter Roelfsema (SRON), die optreedt als trekker voor Spica, het Europees-Japanse voorstel voor een gloednieuwe ruimtetelescoop.

Spica moet in kaart brengen hoe sterrenstelsels precies ontstaan. Toen het heelal 1 á 2 miljard jaar oud was, ontstonden plots sterrenstelsels zoals onze Melkweg. ‘Ongeveer tien miljard jaar geleden bereikte de bouwsnelheid van die stelsels een piek’, zegt Roelfsema. Sindsdien neemt die snelheid af, maar niemand weet goed waarom.

Infraroodstraling

Spica is een instrument dat niet kijkt in het licht dat we met onze ogen zien, maar in infraroodstraling. ‘Daarin kijk je door het vele gas in de kosmos heen. Je kunt dan het hart van sterrenstelsels bekijken’, zegt Roelfsema. De telescoop kan straks straling opvangen die tot 12 miljard jaar onderweg was en dus terugkijken naar de periode rond de piek. Op die manier willen de onderzoekers de aard en bewegingspatronen van materie in dergelijke jonge stelsels in kaart brengen. ‘Over hoe het er precies aan toegaat bestaan verschillende theorieën. Straks kunnen we ontdekken welke kloppen.’

Althans: als Spica überhaupt wordt gebouwd. Want naast Spica zijn nog twee projecten in de running. ‘De keus maken wordt extreem lastig, want ze hebben heel verschillende wetenschappelijke doelen’, zegt Roelfsema.

Zo wil men bij concurrent EnVision graag de geologie van Venus bestuderen – ‘onze slechte tweelingbroer’, zoals het team de planeet in zijn pitch omschrijft. ‘Als een buitenaardse waarnemer naar het zonnestelsel zou kijken, zou hij denken dat het twee potentieel levensvatbare planeten bevat’, zegt teamleider Richard Ghail (University of London). Alleen is dat niet zo. Venus gaat in werkelijkheid gebukt onder de gevolgen van een catastrofaal broeikaseffect. ‘We willen onderzoeken wat de planeten dan toch zo verschillend maakt.’

Gammaflitsen

Ook concurrent Theseus heeft zijn verhaal wetenschappelijk goed onderbouwd. Daar wil men een instrument bouwen dat zogeheten gammaflitsen in kaart moet brengen – energieke gebeurtenissen waarbij in één minuut net zoveel energie vrijkomt als de zon in 10 miljard jaar uitstoot. Dergelijke flitsen kun je tot diep in de kosmos – en dus ver terug in de tijd – waarnemen. ‘We willen ze gebruiken om tot een paar honderd miljoen jaar na het ontstaan van het heelal te kijken’, zegt hoofdonderzoeker Lorenzo Amati van het Italiaans Nationaal Instituut voor Astrofysica. Op die manier hoopt men het ontstaan van de eerste generatie sterren beter in kaart te brengen.

‘Wetenschappelijk is het eigenlijk een kwestie van smaak welk project ESA straks kiest’, zegt Roelfsema. ‘En ook technologisch zullen alle drie de projecten erg goed zijn. Het wordt voor elk team dus een lastige klus.’

Net als bij de pogingen om grote sportevenementen als het WK voetbal of de Olympische Spelen naar een land te halen, kan alle moeite daarom ook zomaar voor niets zijn. ‘Dat is lastig’, geeft Ghail toe. ‘Maar toen ik als promovendus onderzoek deed, kwamen net alle meetgegevens die ruimtesonde Magellan had verzameld. Op die metingen van Venus heb ik mijn carrière gebouwd, maar die waren er nooit geweest als de toenmalige onderzoekers niet door deze hele molen waren gegaan. Het voelt daarom als mijn verantwoordelijkheid om hetzelfde te doen voor de volgende generatie.’

Ook Roelfsema denkt vooral aan hen die volgen. ‘Als alles doorgaat, is de lancering pas na mijn pensionering. Gelukkig staan tegen die tijd nieuwe onderzoekers klaar om hiermee aan de slag te gaan.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden