ColumnGeorge van Hal

Nederlandse onderzoekers maken cellen die... kunnen huilen?

null Beeld

‘Huilende menselijke traanklieren gemaakt in het lab’. Dat kopte een persbericht met het nodige gevoel voor drama over het nieuwe onderzoek dat Hans Clevers en zijn collega’s van het Hubrecht Instituut uit Utrecht dinsdag publiceerden in vakblad Cell Stem Cell.

Want huilen... dat impliceert van alles. Iets wat huilt is verdrietig, heeft pijn. Is menselijk. Daarmee roept het bericht het beeld op van klompjes cellen die eenzaam wenen in verlaten petrischaaltjes. Met een extra dosis fantasie zie je horrorachtige wanpraktijken in gruizige labs, waar mismaakte organen in troebele tanks dobberen terwijl wetenschappers in met bloedspetters besmeurde labjassen hun werk doen.

Toch is dat niets meer dan menselijke projectie. Kleed het nieuws uit tot de kale feiten en het blijkt zo vreemd of eng niet. Het lichaam bevat nu eenmaal gespecialiseerde cellen die van alles kunnen. Botcellen zijn samen relatief stevig, de staafjes en kegeltjes in je ogen zijn gevoelig voor licht en cellen uit een menselijke traanklier kunnen vocht produceren. Het echte artikel houdt het daarom bij een meer zakelijke titel: ‘Menselijke traanklieren verkennen met hulp van organoïden [...]’, vakjargon voor ‘mini-orgaantjes.’

Want dát is wat de onderzoekers in het lab gemaakt hebben: kleine klompjes cellen die zich gaan gedragen als miniatuurversies van het echte, volgroeide orgaan. Het bijzondere is daarbij dat het gelukt is om die kleine labversies ook daadwerkelijk hun bedoelde functie (traanvocht maken) te laten vervullen. Om ze te laten ‘huilen’, dus.

Onderzoekers willen in de toekomst volgroeide traanklieren kweken. Beeld Getty
Onderzoekers willen in de toekomst volgroeide traanklieren kweken.Beeld Getty

De onderzoekers bouwden in het lab minitraankliertjes van zowel mensen als muizen. Na wat gestoei met de groeifactoren die de groei van die orgaantjes stimuleren, gingen beide soorten kliertjes inderdaad traanvocht produceren, zo schrijven ze in het vakartikel. Althans: na wat aansporing van buitenaf. Net zoals een mens eerst iets moet voelen voordat de tranen komen, kregen de mini-kliertjes een dosis van het hormoon noradrenaline om de traanvochtproductie aan te zwengelen. In het lab was het succes direct zichtbaar: de tranen verzamelden zich in het binnenste van de organoïden, waarna ze opzwollen als een ballonnetje dat je opblaast.

Dat is nadrukkelijk niet alleen een knap staaltje celmanipulatie, want de nieuwe kennis over traanproductie die dit onderzoek oplevert, biedt ook zicht op betere behandelingen voor mensen die om wat voor reden dan ook geen traanvocht meer produceren. Ogen hebben traanvocht namelijk simpelweg nodig om te kunnen functioneren. Drogen de tranen permanent op, dan kun je daar in extreme gevallen zelfs blind van worden.

De onderzoekers dromen hardop dat ze in de toekomst niet alleen kleine organoïden, maar ook volgroeide traanklieren in hun lab kunnen kweken. Daarmee kunnen ze dan naar verwachting ook beschadigde traanklieren bij mensen vervangen. Zodat die zich eindelijk weer kunnen vullen, ditmaal hopelijk van geluk.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden