Máxima: 'suiker' is een moeilijk woord

Maxima geeft taalles

'Hoe hebt u Nederlands geleerd?' vraagt Mohammed uit Syrië aan koningin Máxima. Dat ging in verschillende fasen, vertelt de geboren Argentijnse vrijdagochtend in een klaslokaal van Taal aan Zee. De Haagse stichting verzorgt lessen Nederlands voor asielzoekers, vluchtelingen en geïsoleerde buitenlandse vrouwen. Máxima is er op werkbezoek. Ze leerde eerst een keer per week Nederlands toen ze nog in New York woonde en volgde daarna een intensieve cursus van tien dagen, van de ochtend tot de avond. Maar, zegt ze met een zucht, het was niet genoeg.

Koningin Máxima tijdens haar werkbezoek aan Taal aan Zee in Den Haag. Beeld ANP

Ja, beaamt Ali, ook uit Syrië. 'Nederlands is een moeilijke taal. Heel moeilijk.' Dus in het jaar voor haar verloving met koning Willem-Alexander, toen ze inmiddels in Brussel woonde, deed Máxima de hele dag niets anders dan artikelen in Nederlandse kranten lezen en naar de Nederlandse televisie kijken. Ze herinnert zich dat ze ook spelletjes deed: hoe vaak ze een woord hoorde op een dag, bijvoorbeeld.

De cursisten, tevoren niet van de komst van Máxima op de hoogte gesteld, herkennen het. 'Herhalen, herhalen, herhalen.' Bij het schrijven vond Máxima de korte 'ei' en de lange 'ij' ingewikkeld. En bij het spreken was de 'ui' het moeilijkste. Een woord als 'suiker', heel lastig. Maar dat was vijftien jaar geleden. Natuurlijk maakt ze nog steeds fouten, maar gelukkig heeft ze drie dochters, die corrigeren haar.

De topdrie van herkomstlanden bij Taal aan Zee is op dit moment Eritrea, Somalië en Syrië. Bijna 300 vrijwilligers begeleiden door het jaar heen zo'n 800 cursisten. Er zijn 13 betaalde krachten. De belangrijkste subsidie komt van de gemeente Den Haag. Burgemeester Jozias van Aartsen, ook aanwezig, krijgt te horen dat er door de toeloop van het afgelopen jaar een wachtlijst is van 140 belangstellenden. Dat komt vooral doordat het gebouw, een vestiging van ROC Mondriaan, vol is. 'Dat knoop ik in mijn oren', zegt Van Aartsen.

Máxima heeft al sinds haar huwelijk participatie als aandachtsgebied. Nederlands leren is de sleutel tot succesvolle integratie, blijkt ook hier weer. Terwijl de Tweede Kamer dinsdag stemt over naturalisatie, die voortaan niet na vijf maar pas na zeven jaar mogelijk wordt, zwoegen hier 66 nationaliteiten op vier niveaus op het Nederlands. Er zijn lessen voor analfabeten, voor laag- en hoogopgeleiden, en voor langzaam lerenden. 'Laatst zei een wanhopige leerling: ik haal het volgende niveau pas als ik dood ben', vertelt coördinator Eric van Veldhoven. Maar in de meeste gevallen gaat het beter: 65 procent stroomt door naar een hoger niveau.

Eva de Bruijne coördineert nog een lesvariant die Taal aan Zee biedt, het 'taalmaatje'. Ze stelt Máxima voor aan Evert van Schaik, gepensioneerd zakenman. Toen hij stopte met werken, dacht hij: 'Ik heb zoveel narigheid gezien in de wereld, ik wil iets doen.' Hij meldde zich als vrijwilliger en helpt nu de gevluchte Syriër Saad Akminasi. Maar hij doet meer. 'Ik ben tandarts', zegt Saad, 'dat wil ik hier weer worden.' Evert: 'We hebben gisteren alle formulieren voor de BIG, het zorgregister, in orde gemaakt. Reken maar dat het gaat lukken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.