Column Marleen Kamperman

‘Mam, hoe heet een duizendste deel van een picometer?’

Het begon met een tekening die mijn zoon maakte, een tekening van een flat, waaraan op zeker moment een liniaal te pas kwam. Eén zo’n streepje, dat is toch een millimeter? Ja, dat is een millimeter. Maar als iets nou nog kleiner is, hoe noem je dat dan?

Misschien had ik beter direct het vuurtje kunnen doven. Een millimeter is het kleinste, had ik gewoon moeten zeggen. Daarna komt niks meer. Maar ja, wetenschapper hè. Dat zei ik natuurlijk niet. Een millimeter is een duizendste deel van een meter, doceerde ik. Maar zo’n millimeter kun je ook weer in duizend stukjes verdelen, en dat zijn micrometers. Is dat het kleinste? vroeg mijn zoon. Nee, het kan altijd kleiner. Een duizendste deel van een micrometer heet een nanometer. Daar heb ik vaak mee te maken in mijn werk. Dan heb ik bijvoorbeeld een foto, met een elektronenmicroscoop gemaakt en dat is dan zoveel nanometer. Op nanometerschaal kun je moleculen bekijken, dat is wat ik doe.

Nog was hij niet voldaan. En als je zo’n nanometer in duizend stukjes hakt, wat krijg je dan? Dat heet geloof ik een picometer, zei ik. Maar die stukjes zijn zo klein, die kun je überhaupt niet zien. Picometer, herhaalde mijn zoon, en hij hield zijn duim en zijn wijsvinger vlak boven elkaar. Is dit ongeveer een picometer? Dat is een millimeter. Een picometer is nog, eh, een miljard keer kleiner. Mijn zoon drukte duim en wijsvinger op elkaar. Zo dan? Misschien, zei ik.

In de dagen na dit college bleek dat het voorvoegsel ‘pico’ bij mijn zoon was blijven hangen. Jij nog melk? Een beetje dan, een paar picoliter. Hé, je hebt een scheur in je T-shirt. Ja, een klein scheurtje, ik denk nog geeneens vijf picometer, tijdens het voetballen gebeurd. Hoe vaak ik ook zei dat het onzin was (deze scheur is twee centimeter, hij: dat is heel veel picometer, oké, hou nou eens op met dat picogedoe) het hielp niet. Het zat in zijn systeem, hij bleef alles in picofracties verdelen.

Een vriendje dat hier vaak komt, evenmin van gisteren, heeft de term inmiddels overgenomen. Die denkt nu ook in pico’s. Picogram, picoseconde, ze bestoken elkaar met minuscule deeltjes. Maar het kan nog gekker. Mam, hoe heet een duizendste deel van een picometer? Dat weet ik niet jongen, zoek dat maar op. Aldus geschiedde. Zitten ze samen achter de computer, de een net 8 jaar oud, de ander bijna, te zoeken naar de kleinste subeenheid. En nog eens duizend keer kleiner, en nog eens. Later zijn ze buiten, op de trampoline. Ze proberen elkaar te raken met een balletje. Oooh, hoor ik dan, dat scheelde echt maar een yoctometer!

Marleen Kamperman is chemicus. Ze is hoogleraar aan de Rijksuniversiteit Groningen en ontwikkelt nieuwe materialen, waarbij ze zich laat inspireren door de natuur.

Meer columns van Marleen Kamperman

Oplossing voor plasticsoep? Maak plastic dat oplost in zout water.

Aspirant-studenten, neem deze les van mij aan: wat je kiest is minder belangrijk dan dát je kiest

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden