Lijst met bedreigde plantsoorten is zorgwekkend lang, tijd voor een zadenbank

De tijd is rijp voor een zadenbank van inheemse planten. Want de ene kranskarwij laat zich niet gemakkelijk vervangen door een andere.

Uiteenlopende zaden uit de zadenkamer van de Hortus Botanicus in Amsterdam. Beeld Jiri Buller

Aangebrande orchis, omgebogen vetkruid, korenschijnspurrie. Zomaar een paar planten die niet meer te vinden zijn in Nederland. Verdwenen. De zogeheten Rode Lijst met potentiële lotgenoten - planten die in hun voortbestaan worden bedreigd - is zorgwekkend lang. Om nog enkele te noemen: kranskarwij, kraagroos, lange zonnedauw, zinkschapengras. Van deze en tientallen andere bedreigde soorten bestaat de hele Nederlandse populatie uit slechts enkele honderden exemplaren. Te weinig voor een gezonde toekomst.

Om de diversiteit van de Nederlandse flora voor komende generaties veilig te stellen heeft botanicus Joop Schaminée, hoogleraar aan de Radboud Universiteit en de Universiteit Wageningen, het idee gelanceerd om een Nederlandse zadenbank op te richten. Een collectie van zaden van alle inheemse Nederlandse planten, die moet voorkomen dat het plantenleven verder verschraalt. 'Er zijn 1.500 soorten wilde planten in Nederland. Die willen wij voor de toekomst behouden.'

Schaminée: 'Wildemanskruid is een prachtige plant, groeide langs rivieren. Die is nu verdwenen. Als we daar zaad van hadden gehad, zouden we die plant kunnen kweken en herintroduceren. Dat is nu niet meer mogelijk. Dat kun je niet rechtzetten door de plant te importeren uit het buitenland. Daar komt wildemanskruid nog wel voor, maar in een andere vorm dan destijds in Nederland. Er zijn genetische verschillen.'

Beeld Jiri Buller

De zadenbank moet niet alleen garant staan voor redding van soorten, maar ook voor verscheidenheid binnen de soorten. Plantensoorten zijn niet overal hetzelfde. Ze hebben in de loop van eeuwen vaak genetische veranderingen ondergaan onder invloed van regionale omstandigheden. 'De parnassia met zijn mooie witte bloemen groeit in de duinen en in het binnenland. Die verschillen van elkaar. De blauwe knoop is anders in Zuid-Limburg dan op Schiermonnikoog. Bijna alle soorten kennen regionale verschillen. Die verscheidenheid willen we bewaren.'

De Nederlandse autochtone flora staat volgens Schaminée niet alleen onder druk door oprukkende bebouwing, de aanleg van infrastructuur, bemesting, verdroging en verzuring van de bodem, klimaatverandering en versnippering van natuurgebieden. Ook goede bedoelingen kunnen schadelijk uitpakken. Neem de gewoonte van gemeenten, waterschappen en natuurorganisaties om kleurige bloemenstroken aan te leggen langs akkers en wegen. Die zien er mooi uit en zijn goed voor insecten en vogels, maar ze worden ingezaaid met verkeerde zaadmengsels, zegt Schaminée.

Regionale identiteit

'Er zitten zaden in van exotische soorten, zoals de zonnebloem en phacelia. En erger: van geïmporteerde soorten die ook in Nederland voorkomen. Zoals de bolderik - een mooie en zeldzame akkerplant. Er verschijnen grote, dikke 'buitenlandse' bolderiken in Nederland, terwijl de eigen Nederlandse bolderik tenger en sierlijk is. Soorten uit het buitenland gaan mengen met inheemse planten. De genen vormen de regionale identiteit. Die raak je kwijt als het wordt gemengd met ander genetisch materiaal.'

Beeld Jiri Buller

Waarom is het zo belangrijk dat de autochtone versie van een soort onveranderd blijft? Schaminée: 'Het is vaak moeilijk om vast te stellen wat je verliest door vermenging. Daar is nog weinig van bekend. Het kan gebeuren dat insecten niet functioneren met niet-inheemse planten - de meeldraden kunnen iets korter zijn of de honing kan anders verstopt zitten. Het subtiele samenspel tussen plant en insect kan worden verstoord.'

Om die reden moet Schaminée ook niets hebben van de import van bomen en struiken uit het buitenland, vaak uit Zuid-Europa. 'Langs snelwegen zie je veel sleedoorns. Die struiken bloeien in het voorjaar, als er nog geen insecten zijn. Als de insecten komen, zijn de sleedoorns uitgebloeid. Dan vinden de insecten geen voedsel en worden de struiken niet bestoven. In Nederland komt bijna geen oorspronkelijke sleedoorn, eik of spaanse aak meer voor. Gelukkig zijn overheden en natuurorganisaties zich daarvan inmiddels bewust en letten ze beter op of het juiste, inheemse materiaal wordt geplant.'

Beeld Jiri Buller

Bescheiden

Voor een zadenbank is niet veel ruimte nodig. Een bescheiden ruimte met apparaten om zaden te drogen en vacuüm te verpakken en een vriezer om zaden in te vriezen. Afhankelijk van de soort kan ingevroren plantenzaad tientallen tot honderden jaren worden bewaard. Initiatiefnemer Schaminée stelt voor twee ruimten in te richten: een op de universiteit in Nijmegen en een bij de genenbank in Wageningen.

Vandaag presenteert hij zijn plan voor een 'levend archief' namens een consortium op een symposium in Nijmegen. Voor dit project, waarvan een pilot mogelijk is gemaakt door het Prins Bernhard Cultuurfonds, werken universiteiten samen met botanische tuinen, onderzoeksinstituten, adviesbureaus, terreinbeheerders, natuurorganisaties en kwekers.

Verbeteren cultuurgewassen

Het plan van Schaminée voor een zadenbank doet denken aan de wereldzadenbank op het Noorse Spitsbergen, waar zaden uit de hele wereld diep in de permafrost worden bewaard. Het verschil is dat op Spitsbergen alleen zaden liggen van landbouwgewassen zoals granen, aardappelen, rijst en groenten. Die moeten het mogelijk maken na een grote natuurramp of vernietigende oorlog de voedselproductie te hervatten.

Het is Schaminée niet te doen om gewassen die worden geteeld voor de voedselvoorziening. Al kunnen wilde planten wel degelijk van belang zijn voor verwante cultuurgewassen. Genetisch materiaal van een wilde plant kan worden gebruikt voor het verbeteren of resistent maken van een voedingsgewas. 'De suikerbiet is afgeleid van de zeebiet. Als wij daar zaden van hebben, zou een producent van suikerbieten bij de zadenbank terecht kunnen als die bijvoorbeeld problemen heeft met een niet eerder opgetreden schimmel.

'De zadenbank wil samenwerken met kwekers en telers. Voor het maken van goede zaadmengsels, maar waar mogelijk ook voor het verbeteren van cultuurgewassen. Onze hoofdtaak is het beschermen van de inheemse flora, maar er is niets verkeerd aan het commercieel gebruiken van de zadenbank.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden