Interview

Lifestyle drijft jongeren naar elkaar

Studenten voelen zich niet met elkaar verbonden door hun afkomst, zegt Núria Arbonés Aran. Muziek en kleding doen er wél toe.

Hiphoppers bij het Appelsap-festival. Beeld Amaury Miller

Beleidsmakers zijn geneigd om jongeren in te delen naar herkomst of sociaal-economische klasse. Maar jongeren identificeren zich met heel andere groepen, ontdekte taal- en cultuurwetenschapper Núria Arbonés Aran. Dinsdag promoveert Arbonés, die ook werkzaam is als onderzoeker en programmaleider City Marketing in Europe aan de Hogeschool van Amsterdam, aan de Universiteit van Amsterdam.

Hoe identificeren jongeren zichzelf dan?

'Ze voelen zich verbonden op basis van lifestylekeuzen, die tot uiting komen in muziek, kleding, keuze voor specifieke plaatsen in de stad.'

Waar was u naar op zoek?

'Het viel mij op dat onderzoekers en beleidsmakers vaak zelf een indeling maken als ze groepen in de maatschappij gaan bestuderen. Zoals allochtoon en autochtoon. Ik wilde niet werken met zulke aannamen, maar kijken hoe studenten zichzelf indelen en identificeren. Ik heb daarbij gekeken naar studenten van alle niveaus, van universiteit tot mbo.'

(Tekst gaat verder onder foto).

Studenten van de Leidse Studenten Vereniging Minerva. Beeld Guus Dubbelman

U onderscheidt vijf 'stammen': de corpsleden, de creatievelingen, de hiphoppers, de Ajax-fans en de uitwisselingsstudenten. Er zijn toch wel meer groepen te verzinnen?

'Ik heb gekeken naar studenten in de stad Amsterdam, naar hoe zij zichzelf zien en wat Amsterdam voor hen symboliseert. Ik ben naar debatavonden gegaan, ben blogs en fora gaan lezen, filmpjes op YouTube gaan bekijken, almanakken, coming of age-romans die in Amsterdam spelen, zoals van Maurice Seleky en James Worthy. Zo ontdekte ik steeds meer typeringen. Ik las over zonnebankmeisjes die op vrijdag naar de Escape gaan of toneelschoolmeisjes die alleen maar zwarte kleren dragen, maar ook over het corps. Ik wist daar niets van.'

U kende het studentencorps niet?

'Ik woon nu twintig jaar in Nederland, heb in Amsterdam gestudeerd maar blijf toch een buitenlander. Wat je niet kent, zie je niet. In Barcelona, waar ik vandaan kom, heb je natuurlijk ook kakkers, of hoe je het wilt noemen, maar zo'n studentenbroederschap waar je lid van wordt, kende ik niet.'

Was het misschien juist een voordeel dat u als Spaanse met een opener blik naar de Nederlandse jongeren kon kijken?

'Toen ik net in Nederland woonde, ging ik met mijn Nederlandse geliefde naar de Efteling. In de rij botste ik tegen een vrouw die me uitschold. Ik begreep er niets van dat zo'n keurige blonde mevrouw zo grof was. Mijn vriend zei: dat is geen keurige mevrouw. Als buitenstaander moet je alles nog leren, je deelt mensen of plekken niet automatisch in hokjes in. Ik woonde in Zuidoost en dacht: goh wat een leuke lange sperziebonen, terwijl mensen zeiden: woon je daar? Diezelfde blik heb ik gebruikt tijdens mijn onderzoek, vrij van ingesleten vooroordelen.'

Even terug naar de vijf groepen. Omschrijft u ze eens.

'De creatievelingen worden journalist, schrijven romans, ontwerpen en maken dingen. Ze zien Amsterdam als een soort bohemien verzamelplaats. Corpsstudenten houden juist van tradities, hiërarchie, uniformiteit, broederschap. Via dit gezelschap kom je bijvoorbeeld op de Zuidas te werken. De Ajax-liefhebbers zijn een brede stam, met grote onderlinge verschillen, maar de liefde voor Ajax zorgt toch voor eenheid. Ook de hip-hopliefhebbers zijn divers. Voor sommigen is het een soort protestbeweging; zij hebben het gevoel tot een andere wereld te behoren. Kijk maar om je heen, waar zijn de zwarte studenten, zeggen ze. Maar er is ook nonchalance, zoals bij De Jeugd van Tegenwoordig, die juist geen boodschap wil uitdragen. Dan zijn er nog de buitenlandse studenten die vaak een geïdealiseerd beeld van het tolerante vrije Nederland en Amsterdam hebben.'

Núria Arbonés Aran. Beeld Universiteit van Amsterdam

U wilde niet te zeer in hokjes denken, toch zijn dit tamelijk eenzijdige stereotyperingen.

'Ik beweer absoluut niet dat dit de enige groepen zijn. Juist niet. Er bestaan nog veel meer groepen en subgroepen, er is overlap en het leven in de stad is juist fluïde. Wat ik vooral wilde laten zien, is hoe we betekenis aan dingen geven, hoe jongeren elkaar en zichzelf zien, en dat dit nogal afwijkt van wat de mensen denken die de wervende folders van de opleidingen schrijven.'

Kijkt u nu anders naar uw eigen studenten?

'Ik vind het leuk dat ik meer van hen weet. Laatst sprak ik met een student over Nederlandse hiphop en ik noemde Anonymous Mis, een van de grondleggers. De student zei: echt baas, dat jij dat kent.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden