Column Ionica Smeets

Liegen is in de wetenschap taboe, maar in verhalen ligt dat gelukkig anders

Vorige maand won de Nederlandse documentaire Etgar Keret – een waargebeurd verhaal een internationale Emmy-award. In de documentaire schetsen filmmaker Stephane Kaas en schrijver Rutger Lemm een geweldig beeld van de Israëlische schrijver Etgar Keret met interviews, animaties van zijn korte verhalen en nagespeelde anekdotes. Die anekdotes zijn vaak nog ongeloofwaardiger dan de fictie en een van Kerets vrienden grinnikt dat dit moet zitten in de manier waarop Keret feiten beleeft en vertelt: ‘Statistisch is het onmogelijk dat hij zoveel meer gekke dingen heeft meegemaakt. Tenzij het één groot ongelooflijk toeval is dat al 45 jaar duurt. Mathematisch gezien klopt dat niet.’

De documentaire is een lofzang op liegen om de wereld mooier te maken en tot mijn eigen verbazing zat ik instemmend te knikken. In de wetenschap is liegen taboe, ook al geloof je als onderzoeker nog zo vurig dat je vervalste data de mensheid zullen redden. Maar in verhalen ligt dat anders en die van Keret zijn enorm opbeurend.

Dus las ik deze week zijn verhalenbundel The Bus Driver Who Wanted to be God & Other Stories. De buschauffeur uit het titelverhaal opent nooit zijn deur voor passagiers die te laat komen. Wie er ook met de bus meerent of wanhopig op de deur bonkt, de deur blijft dicht. Keret legt uit dat de buschauffeur dit niet doet uit boosaardigheid, maar vanuit een ideologie. De chauffeur denkt namelijk aan het grote geheel. Als iemand de bus mist, dan verliest deze persoon vijftien minuten van zijn leven omdat hij moet wachten op de volgende bus. Zeg dat het openen van de busdeur en het instappen van een laatkomer samen een halve minuut kosten, dan verliest iedereen in de bus een halve minuut van zijn leven. Als er zestig mensen in de bus zitten, dan verliezen zij in totaal dertig minuten van hun leven. Daarom houdt de chauffeur zijn deur dicht. Wat een heerlijke redenering – al doet die buschauffeur die vroeger God wilde worden uiteindelijk natuurlijk tóch een keer de deur open.

Dit was nog niet eens mijn favoriete verhaal uit de bundel, dat was waarschijnlijk Katzenstein, over een man die in de hel terugkijkt op hoe hij altijd te horen kreeg dat hij een voorbeeld moest nemen aan Katzenstein. Als hij in een vliegtuig die Katzenstein wél in de eerste klas ziet zitten, beseft hij dat zijn leven niets voorstelt, springt uit het vliegtuig en belandt in de hel. Waar hij ontdekt dat het complete vliegtuig een kwartier later is neergestort en dat alle andere passagiers direct naar de hemel zijn gegaan. Was hij maar iets langer rustig blijven zitten - zoals Katzenstein.

De verhalen van Keret gaan vaak over de dood en zijn duister en grappig tegelijk, met eenzelfde lichtheid in zware thema’s die Kurt Vonnegut heeft. Wat gek dat ik nog nooit van hem had gehoord, terwijl het echt een schrijver voor mij is. Wat doen die aanbevelingsalgoritmen eigenlijk wél?

Door een ongelooflijk gelukkig toeval hoorde mijn vriend in een podcast iets over de Emmy-award voor Etgar Keret – een waargebeurd verhaal en keken we samen naar de film die al anderhalf jaar geleden was uitgezonden door het Uur van de Wolf. Maar het had mathematisch gezien volkomen geklopt als ik nog in een wereld leefde, waarin ik nooit van Etgar Keret had gehoord. Gelukkig is dát niet gebeurd.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.