Leidse student ontdekt poëziegenootschap voor vrouwen uit 18de eeuw

Een derdejaarsstudent Nederlands heeft nu al een wetenschappelijke ontdekking op haar naam staan. Per toeval vond Evi Dijcks de naam van een vrouwelijk literair genootschap in een gedicht van eind 18de eeuw. Dat genootschap was onbekend en biedt een nieuwe kijk op de emancipatiestrijd in de literaire wereld.

Evi Dijcks, derdejaarsstudent Nederlandse taal en cultuur, ontdekte in de collectie van de Leidse universiteitsbibliotheek het oudste literaire vrouwengenootschap van Nederland. Het gezelschap bestond al in 1782. Beeld Taco van der Eb
Evi Dijcks, derdejaarsstudent Nederlandse taal en cultuur, ontdekte in de collectie van de Leidse universiteitsbibliotheek het oudste literaire vrouwengenootschap van Nederland. Het gezelschap bestond al in 1782.Beeld Taco van der Eb

Voor haar opleiding aan Universiteit Leiden deed Dijcks onderzoek naar twee handgeschreven gedichtenbundels van Anna van der Aar de Sterke (Leiden, 1755 - Delft, 1831). Zij was een bekende vrouwelijke dichter die nu nauwelijks nog in de geschiedenisboeken wordt genoemd. Met haar onderzoek wilde Dijcks erachter komen wie Anna van der Aar was en hoe ze in een door mannen gedomineerde literaire wereld wist door te breken.

Toen Dijcks de titel van een van de gedichten las, stuitte ze op de woorden ‘Die Erg Denkt Vaart Erg In ’T Hart’. Dat bleek de titelspreuk van een genootschap te zijn. Ze vroeg aan haar docent, Olga van Marion, of zij dit genootschap kende. Dat was niet het geval.

Vrouwen werden destijds niet geacht deel te nemen aan de literaire wereld. Ze konden hoogstens honorair lid van een literair genootschap worden, wat zoveel betekende als: je mag deelnemen, maar alleen als je je gedraagt en een mannelijk lid je naar de bijeenkomsten begeleidt. Ook het feit dat de gedichten niet zijn afgedrukt is een teken dat vrouwelijke dichters niet dezelfde mogelijkheden hadden als mannen.

De poëzie van Anna van der Aar bestond vooral uit gelegenheidsgedichten, toen een populair genre. Deze gingen over het persoonlijk leven van de dichter. De viering van een huwelijk, de rouw om overledenen, een terugblik op het afgelopen jaar.

Dijcks analyseerde 26 gedichten en maakte een reconstructie van het genootschap. De ene keer werd een lid uitvoerig omschreven, een andere keer stond er slechts een achternaam. Het bleek dat Anna van der Aar de leden wierf uit haar Delftse sociale netwerk, wat leidde tot een vriendschappelijke literaire kring van veertien vrouwen.

‘Die Erg Denkt Vaart Erg In ’T Hart’, luidt de titelspreuk van Nederlands oudste literair gezelschap voor vrouwen. Min of meer betekent dat ‘schande over degene de slecht spreekt (over het genootschap)’.
 Beeld Taco van der Eb
‘Die Erg Denkt Vaart Erg In ’T Hart’, luidt de titelspreuk van Nederlands oudste literair gezelschap voor vrouwen. Min of meer betekent dat ‘schande over degene de slecht spreekt (over het genootschap)’.Beeld Taco van der Eb

‘Wat een prachtige ontdekking’, zegt Lia van Gemert, emeritus hoogleraar Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Ze heeft zelf onderzoek gedaan naar vrouwen in de Nederlandse literatuur. ‘Maar ik heb nog nooit van Anna van der Aar en haar gezelschap gehoord.’

De ontdekking toont volgens Van Gemert ‘een daad van verzet’. Anna van der Aar wilde geen honorair lidmaatschap, ze wilde haar eigen gang kunnen gaan. Dit kunnen we terugzien in de titelspreuk van het genootschap. Van Gemert interpreteert die als ‘Wij zijn vrouwen, we zijn betrouwbaar en we zijn niet in overtreding.’ Dat zegt veel over de sociale context. Vrouwen werden vooral gezien als roddeltantes die theekransjes hielden. Anna van der Aar liet met haar genootschap zien dat ze meer dan dat waren.

Waarom was deze activistische groep vrouwen niet bekender? Dijcks speculeert dat ze wellicht niet in de openbaarheid traden, zodat ze aan hun poëzie en literatuur konden werken zonder door mannelijke onderdrukking gestoord te worden.

By de tweede verjaring van het vriendschapkweekende gezelchap onder de spreuk Die erg denkt, vaart erg in ’t hart

Schoon zeer ongeschikt tot zingen; k heb nogtans de lier gesnaard

Ben verheugd, en wel met rede deze vriendenkring verjaard

Wat genoegen, hartvriendinne! heden is het reeds twee jaar,

Dat we in ongestoorde vriendschap weeklyks komen by elkaar,

Ik kan meenigmaal verlangen na die blyde zaterdag

Wyl men met vermaak en stichting leerzaam boerte paren mag

Lange bloeie dit gezelchap; dat ons vry doet zyn van smart

Onze zinspreuk wordt bevestigt, Die erg denkt vaart erg in ’t hart.

Gund my nog een woord te spreken; eer ik myne reen besluit

Wyl een lid van dit gezelchap, hier verschynt als Stoplaars bruidt.

S’hemels gunst wil haar verzellen, in dien staat waar in zy treed

Ga het altoos na myn wenschen dan ontmoet haar nimmer leed

Dan blijft ze aan deze saamning denke schoon zy spoedig van ons scheidt

Dan zien wy ons meenigmaale, door een vers van haar verbleidt.

23 oktober 1784

Bron: Universiteitsbibliotheek Leiden, Ltk. 2022, f. 16r

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden