Late ouders hebben rijker sociaal leven

Wetenschappers raden zelden aan om pas op late leeftijd kinderen te krijgen, want dit geeft hogere kans op genetische afwijkingen en complicaties bij de bevalling. Nu blijkt dat wachten met een gezinsuitbreiding toch een voordeel met zich meebrengt. Late ouders, vanaf 32 jaar, zijn beter in het leggen en onderhouden van sociale contacten.

Beeld WFA VIDIPHOTO

Dit blijkt uit onderzoek van Jesper Rözer, die maandag promoveerde aan de Universiteit Utrecht. De socioloog bestudeerde als één van de eersten op grote schaal hoe belangrijke levenswendingen - zoals het krijgen van een kind - het sociale leven beïnvloeden.

Rözer analyseerde de gegevens van liefst 7.821 ouders uit Zwitserland, want een geschikte Nederlandse database was niet voorhanden. Daarbij keek hij naar de samenstelling van hun sociale kring - de hoeveelheid, type en frequentie van sociale contacten - en hoe dit samenhangt met de leeftijd waarop zij hun eerste kind kregen. Anders dan bij voorgaande studies, onderzocht hij ook de langetermijneffecten.

Wat blijkt: veranderingen in het sociale netwerk zijn afhankelijk van de timing van de gezinsuitbreiding. Zo zijn die veranderingen bij laat ouderschap over het algemeen positief, en die bij vroege ouders eerder negatief.

'Moeders die voor hun 24ste een kind krijgen, lopen met name contact met de buren mis. Bij hun mannelijke tegenhangers verwatert het contact vooral met vrienden', vertelt Rözer. Zo zien zij naar schatting hun vrienden één keer minder in de week. 'De jonge vaders compenseren dit ietwat door in de eerste twee jaren wat meer met familie op te trekken. Maar voor beide vroege ouders geldt dat enkel de negatieve effecten langdurig standhouden, zelfs tot nadat hun kind uit huis is getrokken.'

Makkelijker

Een mogelijke verklaring is dat jonge moeders aansluiting missen met andere ouders, die vaak toch wat ouder zijn. 'Of ze wonen door hun financiële situatie in minder kindvriendelijke buurten', zegt Rözer. En de jonge vrienden van vroege vaders voelen zich wellicht ongemakkelijk bij de nieuwe papa. 'Die denken al gauw: 'een kind, huh? Had je die niet beter bij de moeder kunnen laten?' Op latere leeftijd gaan ze daar makkelijker mee om.'

Carolien Gravesteijn - lector Ouderschap & Ouderbegeleiding aan de Hogeschool Leiden en niet betrokken bij het Utrechtse onderzoek - vult aan dat jonge ouders nog niet veel voorbeelden om zich heen hebben gezien en daardoor minder voorbereid zijn op het ouderschap. 'Bovendien zijn zij nog bezig zijn met het maken van carrière.'

Hoewel de studie volgens haar goed in elkaar steekt, vindt Gravesteijn het jammer dat er niet is gekeken naar het contact tussen partners. 'Die relatie is cruciaal. Uit ons eigen onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat jonge vaders vooral steun zoeken bij de moeder', vertelt Gravesteijn. En juist die relatie staat vaak onder druk na de geboorte van een kind. 'Ook onlinecontacten bleven buiten beschouwing, terwijl Facebook steeds belangrijker wordt. Jonge moeders geven namelijk aan vooral steun via internet te zoeken.'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden