'Kokkelvissen belast wad niet ernstig'

Recreanten berokkenen de Waddenzee meer schade dan de kokkelvissers. Dit verklaarde ir. D. Luteijn, voorzitter van de Producentenorganisatie Kokkelvisserij, dinsdag bij de presentatie van de jaarcijfers....

Van onze verslaggeefster

De verklaring van Luteijn over de schade die wadlopers, recreatievaart en surfers aanrichten, is een reactie op een uitspraak van minister Pronk van Milieu. Na het verbod op de gaswinning in het natuurgebied wil deze gaan bekijken of ook de mossel- en kokkelvisserij er moet worden gestaakt. Zijn voorganger Winsemius stelde onlangs voor juist wel gas te winnen en met de opbrengst de kokkelvissers uit te kopen, omdat hun activiteiten schadelijker zijn voor de natuur dan de gaswinning.

Dit voorjaar presenteert Pronk nieuw beleid voor de Wadden: de planologische kernbeslissing voor het Waddengebied. Uit angst dat allerlei activiteiten drastisch worden ingeperkt, geven de verschillende gebruikers van de Wadden elkaar alvast de schuld van verstoring van het gebied.

Luteijn vindt dat de kokkelvisserij - 'De laatste tien jaar zijn we stap voor stap beheerster gaan vissen' - de natuur al behoorlijk ontziet. 'Maar enkele onderzoekers zijn niet erg onder de indruk van onze prestaties en komen steeds aanzetten met verouderd onderzoek, waaruit blijkt dat de kokkelvisserij het eiland Griend in de jaren tachtig ruïneerde.'

De voorzitter van de kokkelvissersorganisatie verbaast zich over 'de vooringenomenheid van Theunis Piersma' (werkzaam bij het Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee, red.). 'Die is kennelijk niet te stoppen', zegt Luteijn. 'Als er continu onderzoek wordt aangehaald uit de jaren tachtig, toen andere systemen werden gebruikt, wordt bewust een negatief beeld geschetst.'

NIOZ-onderzoeker Piersma vindt dat hij geen reden heeft minder bezorgd te zijn over de kokkelvisserij van nu. 'Ze werken nog hetzelfde als in de jaren tachtig. De bodem wordt verstoord omdat de kokkels eraf worden geschraapt. Bij Griend duurde het acht jaar voordat er weer broedval mogelijk was. De schaarse waarnemingen op andere plaatsen in het Waddengebied zijn hiermee in overeenstemming.'

Maar het beste bewijs geven de kokkelvissers zelf, vindt Piersma. 'Zij willen liever naar gebieden die al jaren voor de visserij zijn gesloten. Ze ruilen grotere visgronden in voor kleinere, omdat ze daar meer kokkels kunnen vangen.'

Pierma vindt dat Luteijn met stemmingmakerij bezig is als hij zegt recreanten als een groter kwaad te beschouwen dan kokkelvissers. 'Het gaat om de bodemverstoring door de visserij. Bij de recreatie - uitgezonderd wadlopen - is daarvan geen sprake.'

Inmiddels onderzoeken drie instituten - het Rijksinstituut voor Kust en Zee, het Nederlands Instituut voor Visserij Onderzoek en Alterra - gezamenlijk de gevolgen van de kokkelvisserij. Luteijn wil verdere verbeteringen doorvoeren als dat onderzoek daartoe aanleiding geeft. Stoppen met de kokkelvisserij op de Wadden ziet hij niet als een optie. Er kan volgens hem duurzaam worden gevist.

Met de kokkelvisserij wordt 100 tot 150 miljoen gulden per jaar verdiend. De meeste schelpdieren zijn voor de export; de zuidelijke landen gebruiken ze als tapas en verwerken ze in pizza's, paella's en pasta's. Als een jaar niet wordt geleverd, schakelen de klanten over op een ander product, vrezen de kokkelvissers. Zij willen daarom naast een maximumquotum van tienduizend ton ook een minimum van drieduizend ton.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden