Koele kleuren voor daken in hete steden

Steden zijn veel warmer dan hun directe omgeving. Dat wordt steeds meer een probleem...

Hot town, summer in the city/ Back of my neck gettin’ dirty-’n’-gritty , zong de Amerikaanse band Lovin’ Spoonful in 1966. Het liedje, dat een wereldhit werd, beschrijft niet alleen de drukkende hitte van een stad op een zomerse dag, maar ook de koele zomeravond die daarop volgt: Cool town, evening in the city. Dressing so fine and looking so pretty.

Of een tekstschrijver in deze tijd zo’n tekst uit zijn pen zou krijgen, is de vraag. Uit wetenschappelijk onderzoek gedurende de afgelopen decennia blijkt dat steden wereldwijd veel warmer zijn dan hun directe omgeving. Dit zogenoemde Urban Heat Island-effect (UHI) bestaat er niet alleen uit dat de stad overdag warmer is dan haar omgeving, maar vooral ook dat de stad in de nachten veel minder afkoelt dan de omliggende gebieden.

Gemiddeld is het warmteverschil 4 graden, en dat wordt onder meer veroorzaakt door lagere windsnelheden in binnensteden, meer menselijke activiteiten, de aanwezigheid van gebouwen die veel warmte vasthouden en de (relatief) geringe aanwezigheid van groen dat water vasthoudt en kan laten verdampen.

Bert van Hove, als universitair docent klimaatverandering en luchtkwaliteit verbonden aan de Universiteit Wageningen, heeft er inmiddels alle reden voor om aan te nemen dat dat niet alleen gebeurt op warme plekken op de aarde, maar ook in koudere landen zoals Nederland. Uit metingen die Van Hove en zijn team afgelopen jaar uitvoerden in onder meer Rotterdam en Arnhem, blijkt dat het stedelijk warmte-eiland ook hier bestaat. ‘Op een warme zomeravond liep het verschil tussen de buitengebieden van Rotterdam en het centrum van de stad op tot 7 graden’, zegt Van Hove.

De liefhebbers van zwoele zomeravonden zal het als muziek in de oren klinken, maar steeds meer stadsbesturen en wetenschappers beschouwen het warme stadsklimaat als een probleem dat moet worden aangepakt.

Arie Voorburg, als adviseur stedelijke vernieuwing verbonden aan ingenieursbedrijf Arcadis en namens zijn bedrijf bezig met een aantal projecten op dit gebied, weet waarom. ‘Uit onderzoek blijkt dat met het oplopen van de warmte stressfactoren toenemen, mensen minder productief worden en het aantal klachten van bijvoorbeeld astmapatiënten enorm toeneemt.’

Bert van Hove wijst op onderzoek van de European Environment Agency (EEA) waaruit blijkt dat na de hittegolf die grote delen van Europa in 2003 trof, op het hele continent zeventigduizend mensen meer stierven dan in een ‘normaal’ jaar. Volgens de klimaatonderzoeker is sinds die hittegolf en de daarop volgende hittegolf in 2006, het gevoel van urgentie ook in Nederland gestegen. ‘Eigenlijk doen we hier in Nederland pas sindsdien echt onderzoek naar dit fenomeen.’

Dat het UHI-effect op warmere plekken op de wereld al veel langer wordt onderzocht, mag geen verrassing heten. In de Verenigde Staten is in het afgelopen decennium van een groot aantal steden al vastgesteld dat ze veel warmer zijn dan hun omgeving. In de zoektocht naar oplossingen werd van alles uitgeprobeerd.

Eén van de eenvoudigste ideeën was het wit maken van daken, zegt Ronnen Levinson, onderzoeker op het Environmental Energy Technologies-lab van Berkeley University nabij San Francisco. Witte daken houden minder warmte vast dan donkere daken, was het idee. Dat op zich zou al bijdragen aan afkoeling van de omgeving – of het minder opwarmen ervan – en bovendien zouden koelere huizen minder gekoeld hoeven worden met – warmte veroorzakende – airco’s.

In theorie klopt het allemaal, en in de praktijk ook, maar met een cruciaal detail had Levinson geen rekening gehouden. ‘Mensen bleken helemaal geen witte daken te willen’.

Levinson, niet voor een gat te vangen, ging met anderen op zoek naar bedrijven die verven of coatings konden ontwikkelen met de isolatie- en reflectie-eigenschappen van witte oppervlakten, maar met traditionele dakbedekkingskleuren. In zijn lab laat Levinson vol trots de resultaten zien van het onderzoek dat hij samen met het chemiebedrijf BASF uitvoerde.

Voor hem liggen vier ijzeren plaatjes: een donkergrijs en een steenrood plaatje met de letter A erop en twee vergelijkbare plaatjes met een B erop. Alleen van heel dichtbij en onder een bepaalde hoek zie je een miniem verschil tussen de A- en de B-plaatjes, maar dankzij nieuw ontwikkelde pigmenten hebben de laatste twee vrijwel dezelfde eigenschappen als witte oppervlaktes. Inmiddels voert Levinson tests uit bij enkele huizen waarvan het dak is bedekt met materialen die met ‘zijn’ verf zijn getooid. Het project heeft hij Cool Coloured Roofs gedoopt.

Spelend met de plaatjes praat de onderzoeker over een project van vakgenoten die vliegas aan beton en asfalt toevoegen om die bouwmaterialen minder warmte te laten vasthouden. De tegels met vliegas reflecteren 40 procent licht, die zonder vliegas 20 procent. ‘Er moet nog onderzocht worden wat het uiteindelijke effect is op de warmte in de stad, maar ik denk dat het veelbelovende technieken zijn’, aldus Levinson.

Hoe mooi en veelbelovend hij de Amerikaanse voorbeelden ook vindt, Arie Voorburg van Arcadis wijst erop dat de oplossing van het probleem een bredere aanpak vereist dan de aanpassing van bouwmaterialen alleen.

‘Het gaat ook om de geometrie van de stad, om de afstand tussen en de hoogte van gebouwen en om hoeveel groen en water er in een stad aanwezig zijn.’ Juist vanwege de omvang van het probleem moeten steden het nu al aanpakken, vindt hij. ‘Wat je nu bouwt, staat er voor minstens dertig tot veertig jaar.’

Bert van Hove deelt die mening en wijst op de Duitse steden Stuttgart en Freiburg, die in de zomer heel warm kunnen worden. Bij de verdere ontwikkeling van de stad houden ze daar inmiddels rekening met de ligging van de heuvels en bergen rondom de stad, zegt hij. ‘Waar de koele lucht uit de heuvels de stad binnenkomt, wordt gewoon niet meer gebouwd.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden