KennisCafécolumn: waarom we onszelf opvreten

Maandag won een onderzoeksvoorstel over neuspeuteren de Kolderbokaal van het KennisCafé in De Balie. Waarom eten we uit onze neus, vroeg columnist Jelle Reumer zich af.

Reumer: ‘Nagelbijtend hebben ze zitten wachten vanavond, de genomineerden. Wellicht ook hebben ze van de zenuwen in hun neus zitten peuteren, aan hun haar gefrunnikt, stukjes van hun nagelriemen gepulkt of met een balpen in hun gehoorgang gedraaid. Om die pen daarna aan de broek af te vegen, of aan de toch al zo groezelige bekleding van de stoelen hier in de Balie, of, en dat zou het aardigst zijn, om die pen gewoon in de mond te steken en af te likken.

Op allerlei manieren wordt er door onszelf áán onszelf gepulkt, gepeuterd, getrokken, gekrabd en gefrunnikt. Meestal - maar onderzoek zal dat definitief moeten uitwijzen - gebeurt dat onbewust en zeer dikwijls gewoon in het openbaar. Het kan plaatsvinden als een vorm van verveling; een goed voorbeeld daarvan is het door de winnaar van vanavond gememoreerde neuspeuteren in de auto. Of als een vorm van overspronggedrag: op je kop krabben tijdens een lastig gesprek. Wellicht is zelfs sprake van onbewust imponeergedrag; daaronder valt bijvoorbeeld het vaak waarneembare verschijnsel van mediterrane jonge mannen die, nietsnuttig op straat hangend, vol overgave aan hun zak staan te krabben.

Bij sommige van deze zelfberoerende activiteiten komen vaste deeltjes of visceuze vloeistoffen van of uit het lichaam vrij. Oorsmeer, neuspulkjes, stukjes eelt, nagels, of die leuke witte bolletjes die een uitgedroogde meeëter oplevert. Al deze partikeltjes of smeerseltjes kunnen in theorie worden genuttigd. In feite eet men dan zichzelf op, een fenomeen dat we kunnen aanduiden met de term autofagie, zelfverorbering. Wellicht kunnen we het ook autokannibalisme noemen, maar dat klinkt minder prettig en heeft een criminologische bijsmaak.

Om even als terzijde op dat laatste door te gaan: zeker autokannibalistisch was het geval van de Duitser Bernd Brandes die zelfmoord wilde plegen en daar een ander bij inschakelde. Die ander was de pervert Armin Meiwes, die nu levenslang in het gevang zucht. Meiwes heeft Brandes met drank en pillen ietwat verdoofd en hem vervolgens de penis afgesneden. De twee mannen hebben samen geprobeerd het geamputeerde orgaan te nuttigen, wat mislukte omdat het aanvankelijk te taai bleek en daarna te ernstig verschroeid om nog lekker te zijn. Hoe dan ook, Brandes kan de geschiedenisboekjes in als de ultieme autofaag (het was tevens zijn galgenmaal want na de mislukte maaltijd heeft Meiwes hem op zijn verzoek vermoord). Ik geef toe dat dit een wel erg zieke vorm van autofagie is, die ook nog eens eenmalig is omdat de penis, in tegenstelling tot nagels, eeltranden en neusvulling na verwijdering niet pleegt aan te groeien of zichzelf aan te vullen.

Deze casus brengt mij - als een tweede terzijde - op een wetenschappelijke vraagstelling, die ik helaas te laat indien om nog te kunnen meedingen naar de prijs van vanavond. Stel nu eens dat Brandes een vegetariër was geweest? Of, in meer algemene zin geformuleerd: hoe gaat de vegetariër om met fenomenen als nagelbijten of eeltknabbelen? Eten veganisten ook neuspulkjes? (Het is in elk geval groen, dat helpt wellicht.) Een breed bevolkingsonderzoek zal uitsluitsel moeten bieden.

Een andere, nog onbesproken bron van zelfconsumptie is de poep. Wij houden van onze ontlasting. Ik herinner me een enorme gorilla in de Amersfoortse dierentuin, die, gezeten op een boomtak, zich zorgvuldig in zijn onder de anus gehouden rechterhand ontlastte, om vervolgens de niet geringe en nog warme bolus bedachtzaam op te peuzelen. Wij - de bezoekers - gruwden. Maar inmiddels weet iedereen dat konijnen dagelijks een deel van hun keuteltjes opeten, en van olifanten is hetzelfde gedrag bekend. Het levert deze dieren een goede bron op van nuttige voedingsvezels, eiwitten en darmbacteriën, waartoe wij mensen peperdure meergranen-müesli en bifidus-yoghurtjes moeten kopen. Dat had die gorilla voordeliger opgelost. Op een enkele sexueel gestoorde faecaliënsmikkelaar na, komen wij niet verder dan de zindelijk wordende peuter die goedgemutst de potvulling uitzwaait alvorens die wordt doorgespoeld. Het blijft toch een beetje een afscheid van een deel van jezelf.

Waarschijnlijk zit in dit peutergedrag de verklaring voor onze onuitroeibare neiging tot autofagie. Wij zijn zodanig gehecht aan ons lichaam dat elk afscheidsel ervan weemoedig wordt uitgezwaaid of, liever nog, opgegeten na al dan niet eerst tot balletjes te zijn gedraaid. Kostbare eiwitten worden zo terug in het metabolisme gebracht; zonde om weg te gooien. Wat voor een konijn zijn keuteltje is, is voor menigeen zijn nagel of neuskwakje. Door het op te eten behouden we het lekkers lekker voor onszelf. Zo bezien is de autofaag gewoon een smikkelende narcist. Denk daar maar aan als u straks op uw nagels staat te bijten: u houdt gewoon erg veel van uzelf.’

(Copyright Cathelijne Berghouwer) Beeld null
(Copyright Cathelijne Berghouwer)
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden