Karel en de bijna dode goudvis

Een officiële waarschuwing vorige week van de Veterinaire Inspectie wegens overtreding van artikel 1 van de Wet op de Proefdieren, zoveel eerbetoon viel wetenschapsjournalist Karel Knip nog niet eerder ten deel....

Knip - in de veronderstelling dat er eigenlijk niets kon gebeuren - bedacht daarvoor de proef met de goudvis. Die werd gekocht in een voordeelaanbieding, vijf voor zeven gulden vijftig. Een van de visjes werd in een bad met water gedaan, en kort onderworpen aan een stroomstoot.

Bioloog Knip in zijn rubriek Alledaagse Wetenschap in NRC Handelsblad van zaterdag 12 februari: 'Het plan was de stoot vijf seconden te laten duren, maar de dood trad zó snel en zó absoluut in dat het experiment na drie seconden is afgebroken.

'Er was helemaal geen geknetter of gesis, er waren geen vonken. Er was een droevig dood visje in een verkrampte houding. Dat is te zeggen: de eerste vijf minuten. Want de behoedzame reanimatiepogingen waartoe onmiddellijk is overgegaan, hadden een schitterend succes.'

's Maandags daarop meldde de hoofdredactie aan Knip dat ze niet gelukkig was met dat geëxperimenteer met levende spullen. Diezelfde week zette een hoge ambtenaar van het ministerie van Volksgezondheid de Veterinaire Inspectie op het spoor van Knip.

De auteur werd tweemaal door een inspecteur verhoord. Vorige week volgde een officiële reprimande voor het doen van een experiment waarvoor geen vergunning was afgegeven, en die waarschijnlijk ook nooit zou zíjn afgegeven.

De rubriek Alledaagse Wetenschap - nu gebundeld in een boek met dezelfde titel - gaat over gewone vragen. Alledaagse raadsels, noemt de auteur ze zelf. Een ingenieur in ruste, die Knip in 1991 in een brief op het idee bracht voor zijn rubriek, had het over de 'restproblemen' van de samenleving.

Knip onderzoekt voor zijn rubriek bijvoorbeeld waarom spaghetti, bij pogingen de slierten in tweeën te breken, statistisch gezien eveneens veel in drieën en vieren breekt. Ook gaat Knip op zoek naar het antwoord op de vraag waarom stijve pap voor de baby almaar vloeibaarder wordt naarmate het voerritueel vordert. Daar blijkt inwerking van speeksel voor verantwoordelijk - dat bevat het zetmeelafbrekende enzym alfa-amylase.

Het zijn vraagstukken die niet iedereen direct herkent als probleem, laat staan dat mensen er wakker van liggen of actief en gebiologeerd op zoek gaan naar het antwoord. De problemen zijn per slot van rekening van ondergeschikt belang, althans voor de meesten onder ons.

Maar niet voor Knip. Hij vult er zijn wekelijkse rubriek in het wetenschapskatern in NRC-Handelsblad mee, waaruit hij nu heeft geput voor een boek. Een zestigtal artikelen heeft hij geselecteerd uit naar schatting driehonderd stukken die hij sinds 1992 voor zijn rubriek heeft geschreven. De meeste dateren van enkele jaren geleden. Enkele zijn aangevuld naar aanleiding van reacties van lezers.

Dat levert dus stukken op over bijvoorbeeld het loempiadilemma. Moet je met een warme loempia van de afhaalchinees snel (erg veel afkoeling) of juist langzaam naar huis fietsen? Dat levert fraaie zinnetjes op. Knip: 'Kenners kerkennen in de kwestie het regenprobleem.'

Hard rennen in een fikse regenbui betekent dat de loper weliswaar korter in de regen loopt, maar relatief veel druppels op zijn lichaam krijgt. Maar zijn dat er meer dan bij gewoon lopen? Antwoord: de 'voorlopige stand in de wetenschap' is toch maar: hard lopen, daar word je minder nat van. Idem voor het loempiavraagstuk.

Veel problemen - vaak aangedragen door briefschrijvers - gaat hij te lijf met de welbekende, journalistieke benadering: het aftappen van deskundigen bij (technische) universiteiten, TNO of vergelijkbare onderzoeksinstituten. Dat levert vaak aardige verhalen op maar daarin zit niet echt het unieke van zijn rubriek.

Knip is op zijn best als hij aan onderzoek doet in zijn eigen AW-laboratorium. Daar gaat hij in de weer met zelfgebouwde windmeters, daar bouwt hij meetopstellingen zoals een viscositeitsmeter met behulp van meccano, Tsjechisch meccano (TECC) dat wel. En daar gebruikt hij goudvissen als proefdier, overigens eenmalig.

Zijn Alledaagse Wetenschap over het elektrocuteren van een goudvis in bad is overigens niet in de recent verschenen bundeling opgenomen. Toen dat verhaal twee maanden geleden verscheen, was het boek al gedrukt.

En dan nu, als smaakmaker voor het boek, nog even in het kort iets over het experiment met de bolderwagen, aangedragen door een lezeres uit A. Zij en haar gezin gaan te voet op vakantie, met zo'n wagen voor de bagage achter zich aan.

De dissel is echter wat kort, zodat er niet alleen in horizontale richting aan het karretje wordt getrokken, er is ook een (te) grote kracht omhoog. Dat kost te veel energie, vermoedt ze.

Knip neemt het probleem naar zijn AW-lab en beslist na uitgebreide proeven met een meccanowagentje en wat gewichtjes dat een wat langere dissel de ultieme oplossing is. Daardoor wordt de hoek tussen dissel en horizontaal teruggebracht van 45 graden naar 30. Het is een vreemd gezicht zo'n lange dissel, de draaicirkel wordt wat groot maar het scheelt wel 18 procent aan benodigde trekkracht.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden