Juryleden en leerkrachten met veel ervaring geven hogere cijfers dan beginners

Ervaren leerkrachten geven (iets) hogere cijfers dan nieuwkomers. Ook andere beoordelaars, zoals de juryleden van 'Dancing With The Stars' worden milder naarmate ze vaker gejureerd hebben.

De juryleden van 'Let's Dance', de Duitse versie van 'Dancing with the Stars'. Foto epa

Dat blijkt uit een studie van de Universiteit van Virginia, gepubliceerd in het vakblad Psychological Science. Docenten en juryleden zijn zich er niet van bewust dat hun bedrevenheid ertoe leidt dat ze hogere cijfers geven.

De studie is bijzonder omdat het licht werpt op hoe beoordelaars te werk gaan, en wat het effect is van routine op de uitkomst van het beoordelingsproces. Tot nu toe was daar nog weinig over bekend.

Het toenemende gemak waarmee ervaren docenten tot een cijfer of beoordeling komen, zou zich vertalen in mooiere cijfers. Dat is althans de veronderstelling van de Amerikaanse onderzoeker Kieran O'Connor, gespecialiseerd in besluitvormingsprocessen. Volgens O'Connor schrijven beoordelaars de souplesse en het plezier waarmee hun oordeel tot stand komt toe aan de kwaliteit van de leerling of het werkstuk, en niet aan het besluitvormingsproces zelf.

Dancing with the stars

O'Connor deed vier studies om zijn hypothese te testen. Ten eerste bekeek hij de scores in 20 seizoenen van de TV-show 'Dancing with the stars' in de VS. Naarmate de juryleden bedrevener werden, gingen hun cijfers omhoog. De resultaten werden niet beïnvloed door betere dansprestaties.

Hetzelfde patroon zag O'Connor bij de beoordeling van bijna 1.000 studenten na afloop van een bepaalde cursus tussen 2000 en 2009. Naarmate de docent de cursus vaker had gegeven, deelde hij mooiere cijfers uit. Ook hier kon het fenomeen niet verklaard worden uit het feit dat de studenten beter waren geworden of dat de instructeurs er zelf op vooruit waren gegaan.

Tenslotte organiseerden de onderzoekers een experiment waarbij honderden proefpersonen twee weken lang elke dag een kort verhaaltje moesten beoordelen. Naarmate de tijd verstreek, kregen de beoordelaars steeds meer routine, snelheid en plezier in hun taak. Daarmee stegen ook de cijfers die ze uitdeelden. Het inflatie-effect is klein, erkennen de onderzoekers. Maar als beoordelaars het risico van cijferinflatie kennen, kunnen ze maatregelen nemen door ook objectieve standaarden te gebruiken bij de cijfertoekenning.

Vertroebelde uitkomst

'Het gaat om heel kleine effecten die bovendien nogal schommelen', benadrukt Paul van Lange, hoogleraar sociale psychologie aan de VU, 'maar interessant is het zeker. Dit is een nieuw en belangrijk thema.'

Van Lange vindt het een degelijke studie, hoewel hij het onderdeel 'Dancing with the Stars' louter als een leuke binnenkomer ziet. 'Ik kan mij voorstellen dat zo'n show naar een climax toe moet werken, iets wat de uitkomst van deze studie vertroebelt.'

De uitkomst sluit volgens Van Lange goed aan op het zogenaamde negativiteitseffect bij het vormen van een beoordeling. 'Het is algemeen bekend dat we negatieve informatie zwaarder laten wegen dan positieve informatie. Dit onderzoek laat zien dat ervaring dit effect kan afzwakken. Een geoefende docent valt kennelijk minder over details die niet helemaal kloppen en heeft meer oog voor het totaalplaatje.'